De waarde van niet-verhalende fictie

“O ja, daar ben jij van: science fiction.” zei iemand toen ik op de vakantie World War Z aan het lezen was. Nou zijn zombie films of boeken helemaal niet mijn ding. Maar World War Z is een fascinerend boek. In een fascinerend genre.

Wel fictie, geen romanWorld War Z is wel fictief maar geen roman. Het behoort tot een wonderlijk genre: van niet-verhalende fictie. Het boek vertelt over de uitbraak van de zombieplaag in verschillende interviews met betrokkenen. Het andere boek dat ik die vakantie las, was For Want of a Nail, een politieke geschiedenis van Amerika als de Amerikaanse revolutie was mislukt. Alternatieve geschiedenissen worden vaak in deze vorm vertelt. Zo is het wel fictie, maar geen roman.[1]

Wat alsWaartoe deze vorm van fictie ons in staat stelt is om na te denken in verschillende scenario’s. Het geeft ons de mogelijkheid om na te denken over de vraag ‘Wat als?’ In World War Z onderzoekt Max Brooks wat er zou gebeuren als er een zombieplaag zou uitbreken. Hoe reageert China als er onder haar burgers een nieuwe vorm van hondsdolheid zou uitbreken? Met geheimhouding en een conflict met Taiwan om het gezicht te redden. Hoe reageren bedrijven op de angst voor een nieuwe ziekte? Met een vaccins en luchtzuiveraars die niet werken. Hoe reageert de Verenigde Staten op een uitbraak van een zombieplaag? Met Shock & Awe waarvoor de zombies bijzonder ongevoelig zijn.

En zo is het boek een harde analyse van het onvermogen van de politiek om problemen op te lossen. In een fascinerende scene zegt een Amerikaanse politicus over de uitbraak van de zombieplaag: ‘Politiek kan er niet voor zorgen dat het stopt met regenen. Het enige waarvoor je kan zorgen is dat het dak niet lekt op de mensen die voor je stemmen.’

Maar het is ook een onderzoek van de menselijke natuur: als blijkt dat zombies niet tegen de kou kunnen dan trekken veel mensen naar het noorden. Daar vormen zich kleine tentendorpjes. Eerst is het allemaal heel gezellig, met kampvuren en gitaren. Naar mate het voedsel en de brandstoffen opraken wordt de sfeer grimmiger. De baby van de buren is verdwenen, maar moeder kwam aan met mals vlees.

Alternatieve geschiedenis
For Want of a Nail
schetst een andere alternatieve mogelijkheid. Wat als de Amerikanen de revolutie hadden verloren. Volgens de auteur, Robert Sobel, waren er dan twee staten ontstaan: een Confederatie van Noord-Amerika die deel blijft van het Britse Gemenebest en de Verenigde Staten van Mexico, die gesticht wordt door revolutionairen.

Sobel schetst twee Amerika’s: een gematigd, isolationistisch, welvarend Amerika, de Confederatie, en een extreem, arm en agressief Amerika, de Verenigde Staten. Sobel legt zo eigenlijk de spanning in Amerika weer: de Verenigde Staten is het revolutionaire deel, de Confederatie is het Verlichte deel. Maar de Verenigde Staten behoudt ook slavernij, heeft spanning tussen de verschillende etnische groepen, wordt gedomineerd door een machtig bedrijf en vervalt regelmatig in dictatuur. Het eindigt als een dictatuur met een socialistische inslag. De confederatie schaft slavernij snel af, heeft een parlementair stelsel en behoudt een vrijemarktstelsel.

Zou Amerika echt opgesplitst zijn in een verlichtliberale deel en een militair-socialistisch deel? Met name over dat laatste twijfel ik: het extreem-rechtse deel, rascistisch, dictatoriaal, met een grote macht voor bedrijven, vermengt met het extreem-linkse deel dat geneigd is tot socialisme en economische gelijkheid.

Denken in scenario’s
Verhalen versterken de mede-menselijkheid zo stelde Martha Nussbaum al. Ze helpen om je te verplaatsen in andere mensen. Niet-verhalende fictie versterkt het vermogen om te na te denken over alternatieve mogelijkheden, in scenario’s. Wat als is volgens mij de centrale vraag voor de politiek. Dat betekent niet denken in utopieën. Maar juist in verschillende mogelijkheden. Als dit kabinet gevormd wordt, wat gebeurd er dan? Wie worden er ministers? Wie volgen hen op: in de Kamer maar ook de colleges? Dat zijn maar een paar voorbeelden: ‘wat als?’ kan op kleine schaal en op grote schaal. Niet-verhalende fictie scherpt de fantasie die nodig is om die vraag na te denken.

[1] Het is zo eigenlijk het tegenovergestelde van een biografie, (wel een roman maar niet fictief). In deze simpele ordening heb je dan nog wel fictie-wel roman (de klassieke roman) en noch fictie, noch roman (een wetenschappelijk boek).

“Links wint de verkiezingen glansrijk”

Wat keken we allemaal raar op van dat Italiaanse kiesstelsel gisteravond. Zo’n systeem is alleen maar bedacht om Berlusconi aan de macht te houden, twitterden sommige. In principe heeft het Italiaanse kiesstelsel een helder doel: een stabiele meerderheidsregering produceren. Dat het nu niet gelukt is, laat misschien zien dat niet altijd even goed werkt, maar dit was ook een vrij opmerkelijke uitslag.

Als we het systeem toepassen op de Nederlandse verkiezingen van 2012 dan wordt het misschien allemaal wat helderder. Aan de Nederlandse verkiezingen deden twintig partijen mee. Daarvan zaten er een aantal in coalities (ik kijk naar de Nederlandse lijstverbindingen): er was een links blok van GroenLinks, SP en PvdA (“Het Eerlijke Verhaal”) en een Christelijk blok van ChristenUnie en SGP (“Voor de Verandering”).

De uitslag in stemmen, de Tweede en Eerste Kamer

Voor de Tweede Kamer gelden twee regels: de partij of coalitie die de meeste stemmen haalt, krijgt 55% van de zetels (82 zetels). De overige 68 zetels worden proportioneel verdeeld tussen de andere partijen en coalities.

Met 37% van de stemmen is de linkse coalitie van Diederik Samsom overtuigend de grootste. Ze laten de VVD met 27% ver achter hun. Ze krijgen dus 82 zetels.

De overgebleven zetels worden evenredig verdeeld tussen de andere partijen met een bijzondere kiesdrempel. Voor coalities geldt een kiesdrempel van 10%. De coalitie van ChristenUnie en SGP krijgt 5% van de stemmen. Ze worden nu geteld als onafhankelijke partijen. Daarvoor geldt een kiesdrempel van 4%, die geen van beiden haalt. De VVD wel. De liberalen krijgen 34 zetels. De PVV 13, CDA 11 en D66 10. De andere deelnemende partijen geen.

Binnen de coalitie worden de zetels evenredig verdeeld met een kiesdrempel van 2%. Alle partijen van de coalitie “Het Eerlijke Verhaal” halen die. De PvdA krijgt 56 zetels, de SP 21 en GroenLinks 5.

De Senaat wordt op dezelfde manier verdeeld, maar dan niet nationaal maar per provincie, waarbij iedere provincie een aantal zetels heeft dat evenredig is aan het inwoneraantal. De BES-eilanden hebben een zetel, Zuid-Holland 14. In Italie ligt de complexiteit er nu in dat in verschillende regio’s verschillende partijen sterk staan. Maar in Nederland wint “Het Eerlijke Verhaal” in alle provincies een meerderheid. Dat betekent dat ze 43 zetels verzamelt. De rest van de zetels wordt evenredig per regio verdeeld tussen de deelnemende partijen en coalities, waarbij een kiesdrempel geldt van 20% voor allianties en 8% voor partijen. De VVD krijgt 18 zetels, de PVV en CDA 5 en D66 4.

Binnen de coalitie geldt een kiesdrempel van 3%. Dat halen PvdA en SP overal, maar GroenLinks alleen in Utrecht en Noord-Holland. Maar daar is 3% niet genoeg voor een zetel. SP en PvdA verdelen de senatoren: 32 voor de PvdA en 11 voor de SP.

Premier Samsom

Dat levert een stabiele coalitie op van PvdA, SP en GroenLinks die gezamenlijk een helder links programma kunnen uitvoeren. De PvdA levert de premier (Samsom) en de ministers van Buitenlandse Zaken (Timmermans), Justitie (Asscher), Defensie (Ploumen), Financien (Dijsselbloem), I&M (Mansveld), OCW (Bussemaker) en VWS (Klijnsma). De SP levert drie ministers: de minister van SZW, tevens vice-premier (Roemer), Binnenlandse Zaken (De Wit) en Ontwikkelingssamenwerking (Van Velzen). GroenLinks levert een minister, die van Economische Zaken (namelijk: energie, landbouw en natuur) in de persoon van Sap. Zoals Samsom heeft beloofd, bestaat het halve kabinet uit vrouwen.

En dat is precies wat het Italiaanse kiesstelsel zou moeten opleveren: een meerderheid in het parlement met een helder mandaat die zo haar beloften uit kan voeren.

Een wereld zonder D66 IX: Leiden, 26 januari 2013 (epiloog)

Dit is het negende en laatste deel in een serie over hoe Nederland zich had ontwikkeld als D66 niet was opgericht. Hier het vorige deel.

De erfenis van Hans van Mierlo bestaat uit honderden boeken. Het ordenen van zo’n collectie is eigenlijk werk voor een stagair, maar Alexander vindt het leuk om zo’n klusje zaterdagmiddag te doen. Het is dat of houthakken thuis. Bovendien had hij wel wat Hans van Mierlo, de columnist, presentator en journalist.

Tussen De Ontdekking van de Hemel van Mulisch en het scenario van Cicero Consultants van Hofland, vindt hij een exemplaar van Democraten ’66. Een politieke tragedie. Er zit een briefje in: “Beste Hans. Nog bedankt voor je exemplaar van De burger en de politiek. We zullen het er wel nooit uitkomen. Dat maakt de discussie misschien wel beter. Groet, Jan

Even is Pechtold stil: hoe had Nederland eruit gezien als iemand met het statuur van Van Mierlo een partij als die Terlouw beschreef, had geleid: zouden appartasjiks als Thom de Graaf dan nog steeds benoemd kunnen worden als burgermeester? Was de direct gekozen burgemeester ingevoerd of misschien zelfs de gekozen premier? Was het kiesstelsel veranderd en daarmee het partijenstelsel opgebroken? En wat had betekend voor het referendum? Hadden ze echt verschil kunnen maken? De constitutie van het land kunnen hervormen? De kloof tussen burger en politiek kunnen overbruggen?

De telefoon gaat: het is een van de jongens van opslag beneden. Of die kroonjuwelen misschien niet eens weg kunnen. “Ja, ach” zegt Pechtold, “doe ze maar in de ramsj. Die kroonjuwelen kan niemand eigenlijk wat interesseren.”

Een wereld zonder D66 VIII: Den Haag, 12 november 2012

Dit is het achtste deel in een negendelige serie over hoe Nederland zich had ontwikkeld als D66 niet was opgericht. Hier het vorige deel.

Nederland snakte naar een stabiel kabinet, na het minderheidskabinet van VVD en CDA dat rekende op de PVV. Ze hadden samen net genoeg zetels om een einde te maken aan zeven jaar lang stabiel bestuur onder premier-Cohen. Het nieuwe kabinet hield het maar twee jaar vol. Het VVD/PvdA-kabinet werd snel geformeerd.

Misschien iets té snel. Na de formatie ontstaat er onrust in de VVD over de inkomensafhankelijke ziektekostenpremie. De PvdA en VVD proberen het in achterkamertjes te regelen. De oppositiepartijen staan op hun achterste poten en roepen om het hardst dat er geen compromissen gesloten hadden moeten worden. Tweets, moties, Kamervragen. De hype voert weer de boventoon in de politiek. Altijd maar weer hetzelfde gezeur en hetzelfde geharrewar tussen regering en Tweede Kamer.

Ondertussen in … Leiden

Alexander Pechtold heeft geen tijd voor politiek. Als directeur veilingen van Sotheby’s Nederland richt hij zich op kunstvoorwerpen, oude boeken, schilderijen en sierraden. Eén van de grote stukken dit jaar hadden de ‘kroonjuwelen’ moeten zijn. Het zijn juwelen van Jackie Kennedy uit haar tijd bij Onasis. Drie keer zijn de stukken al op de veiling geweest, maar er wordt niet opgeboden. Het frustreert Pechtold. Het is zijn vak om als er een beetje vraag is naar een product de vraag op te kloppen tot dat mensen plotseling bezitter zijn van een globe of een schilderij. Na de veiling maakt hij graag een praatje met de nieuwe eigenaren. “Eigenlijk bent u een kunstliefhebber”  zegt hij dan graag. Met kroonjuwelen wil het maar niet lukken. Mensen lijken er gewoon niet in geïnteresseerd. Pechtold kijkt naar de stukken en zegt: “haal de kroonjuwelen maar uit de etalage. Ze zijn nog wel op voorraad leverbaar.” Zijn ogen gaan naar een kubistisch schilderij. “Vijf punten op de horizon.” “Kijk”, roept hij, “wat een topstuk! Daar zit handel in! “

Een wereld zonder D66 VII: Nijmegen, 28 mei 2005

Dit is het zevende deel in een negendelige serie over hoe Nederland zich had ontwikkeld als D66 niet was opgericht. Hier het vorige deel.

Ongemakkelijk loopt Thom de Graaf over de markt in Nijmegen. Hij praat met mensen over het aankomende referendum. Het partij-jasje knelt wel een beetje. Bovendien rood is niet echt zijn kleur. Veel te opvallend. Hij deelt wat flyers uit en natuurlijk rozen. Hij voelde zich comfortabeler toen hij een interview gaf aan wat meisjes van de lokale schoolkrant. “Maar ja” denkt hij: “Je moet er wat voor over hebben burgermeester worden.”

Hij is niet zo blij dat de Eerste Kamer recent het voorstel van minister Van Thijn om de kroonbenoeming uit de Grondwet te halen heeft goedgekeurd. Het is een kleine stap richting een door de raad benoemde burgermeester. Daarover lijken alle partijen het wel eens. Maar hoe de nieuwe gemeentewet erop dit punt uit zal zien. Dat duurt nog wel even. Een of twee jaar. “Dat geeft me genoeg tijd om als burgermeester benoemd te worden in een middelgrote plaats als Venlo.” denkt De Graaf. Terwijl hij een oudere vrouw een flyer over de Europese Grondwet geeft. “Het is belangrijk dat ik in de partij gezien wordt als iemand die het niet alleen maar doet om benoemd te worden, maar als iemand die het voor het partij belang doet. Daarom lig ik nu niet gewoon in mijn tuin.”

Ondertussen in … Den Haag

Het kabinet-Cohen was onder een bijzonder gesternte geboren. De PvdA van Wouter Bos was een zetel groter geworden dan het CDA van Jan Peter Balkenende, die er met zijn kabinet-Balkenende een zooitje van had gemaakt. Bos en Balkenende bleven fractieleider in de Tweede Kamer. Bestuurders als Cohen en Donner gingen het kabinet in. De oude Ed van Thijn weet zich benoemd te krijgen als Minister van Binnenlandse Zaken, zijn laatste klus. Als 68-jarige wil hij het goede voorbeeld geven door door te werken. Onder zijn druk kwam er, zij het eenmalig, een referendum over de Europese Grondwet en werd de kroonbenoeming uit de Grondwet gehaald.

Een wereld zonder D66 VI: Hilversum, 6 mei 2002

Dit is het zesde deel in een negendelige serie over hoe Nederland zich had ontwikkeld als D66 niet was opgericht. Hier het vorige deel.

De moord op Pim Fortuyn was één van de meest schokkende gebeurtenissen in de Nederlandse politiek. Want de agenda van Fortuyn was meer dan alleen migratie en integratie. Fortuyn wilde dolgraag zelf verkozen worden als premier van Nederland. Ook burgemeesters en stadhouders (een term die Fortuyn liever zag dan Commissaris van de Koningin) moesten er ook aan geloven. Fortuyn wist juist door zijn indringende persoonlijkheid mensen van alle lagen en standen voor de politiek te interesseren. De hoop is van velen dat de Nederlandse politiek daarvan leert. Een directere band tussen kiezer en gekozene om de kloof te overbruggen.

Ondertussen in … Nijmegen

Thom ijsbeert door zijn huis. D66 heeft eigenlijk alleen maar tegenstand gevonden voor haar ideeën voor besturen op basis van kwaliteit. De paarse partijen willen hun machtspositie niet opgeven. PvdA en VVD hebben in de laatste acht jaar veel burgemeesters benoemd.

Met veel van de ideeën van Fortuyn had Thom weinig. Maar hij zag wel wat in het idee van een zakenkabinet met partijloze ministers. Via via had Thom gehoord dat Fortuyn het lastig vond om vrouwen te vinden. Hij belde Fortuyn. Hij mocht langskomen. Hij nam bindmappen vol CV’s mee: E. Borst, ziekenhuisdirecteur was geschikt voor Volksgezondheid, Welzijn en Sport en L.W.S.A.L.B. van der Laan, ambtenaar in Brussel was een mogelijke staatssecretaris voor Europese Zaken. Fortuyn had geen oog voor de binders full of women en destemeer voor de ambitieuze headhunter. De Graaf voelde zich erg opgelaten en ging niet op in de avances van Fortuyn.

De volgende dag had Fortuyn in een interview gezegd: “met die krullenjongens van D66 heb ik niet zoveel.” Al voor de dood van Fortuyn stierf de hoop van Thom op een politieke verandering.

Een wereld zonder D66 V: Den Haag, 29 juli 1994

Dit is het vijfde deel in een negendelige serie over hoe Nederland zich had ontwikkeld als D66 niet was opgericht. Hier het vorige deel.

Het was ook een onmogelijke missie. Wim Kok moet terug naar de Koningin met zijn formatieopdracht: het CDA heeft ongelofelijk verloren (van 53 zetels naar 34). De PvdA verloor acht zetels maar is toch de grootste partij. De VVD is met 12 zetels winst de grote winnaar. Samen hebben CDA en VVD geen meerderheid. De PvdA kan de samenwerking met het CDA doorzetten. Maar die partij ligt in de touwen. Of kiest Kok voor samenwerking met de VVD? Inhoudelijk ziet met name partijvoorzitter Rottenberg er wel wat in. Maar tussen de pragmatische Kok en de intellectueel Bolkestein bottert het niet. Bovendien maakt Kok zich zorgen over GroenLinks. Ze hebben onder leiding van Rosenmöller 13 zetels gehaald in de Tweede Kamer.

Hare Majesteit heeft een list: als Kok nou gewoon een proeve van een regeerakkoord schrijft en kijkt welke partijen aanhaken? Op de weg terug pakt hij een recente lezing van de NRC-hoofdredacteur Hans van Mierlo erbij De burger en de politiek. Misschien dat de ideeën van de man die voor zowel de VARA als het NRC werkte de basis legt voor een kabinet van PvdA en VVD?

Ondertussen in … Nijmegen

Een procureur-generaal, een organisatie-adviseur en een ziekenhuis-directeur. Het was een ongelijksoortig gezelschap die avond in de bovenzaal van Café Daen. In totaal waren er 66 professionals, bestuurders en managers. Ze waren allemaal klaar voor een nieuwe klus, bijvoorkeur als burgermeester of Commissaris van de Koningin. Ze waren alleen allemaal partijloos.

Thom de Graaf hield zijn presentatie voor een geconcentreerde zaal. Het was tijd voor een nieuwe manier van besturen. Niet langer moest de partijkaart tellen maar de kwaliteiten van bestuurders. Dat was het idee achter Dynamics 66. Een bemiddelingsbureau om bestuurlijke posten te vullen met mensen mét bestuurlijke ervaring maar zónder partijlidmaatschap. Dat paste in een nieuwe tijd. Een nieuwe tijd van paarse politiek. Het zou beginnen met burgermeestersposten, maar D66 wou ook dijkgraven leveren én commissarissen, maar op termijn ook staatssecretarissen of zelfs ministers.

D66 moest als een partij worden maar dan zonder programma, zonder leden of zonder kiezers. Een partij die zich richt op besturen. “Een baantjesmachine.” fluistert één van de mensen in de zaal.

Een wereld zonder D66 IV: Buitenveldert, 12 september 1985

Dit is het vierde deel in een negendelige serie over hoe Nederland zich had ontwikkeld als D66 niet was opgericht. Hier het vorige deel.

Acht jaar hebben CDA en VVD al samen geregeerd. De tussentijdse wissel in het CDA in 1981, waarbij Van Agt EG-ambassadeur in Tokyo werd en Lubbers premier heeft geen wissel getrokken op de samenwerking. Twee verkiezingen achter elkaar was de PvdA de grootste partij van Nederland. Maar samen hadden CDA en VVD een meerderheid. Het tweede kabinet Den Uyl kwam er niet. Joop den Uyl is er klaar mee. Hij heeft eindelijk een nieuwe leider gevonden. Iemand die de PvdA wel het Torentje in kan leiden. De Wim Kok heeft laten zien hij compromissen kan sluiten met werkgevers en rechtse partijen als FNV-leider. Hij wordt nummer #2 op de lijst en na de verkiezingen kan hij beginnen.

Ondertussen in …. Rotterdam

Na correspondent geweest te zijn in Parijs en daarna adjunct-hoofdredacteur van het NRC Handelsblad is Hans voor de televisie gaan werken. Hij was gevraagd door zowel de AVRO als de VARA om interviewer te worden. Hij koos voor de VARA, want alhoewel hij niet uit een rood nest kwam, deelde hij veel van de idealen van de sociaal-democratische omroep. Vier jaar lang presenteerde hij Het Capitool en De Achterkant van het Gelijk. Hij sprak ze allemaal: Lubbers, Van Agt, Den Uyl, Kok. Zijn charmante optreden lokte gasten altijd uit om meer van zichzelf te laten zien. Zijn weloverwogen vragen zorgden ervoor dat het altijd écht ergens over ging. Maar dat gaat anders worden, nu Hans terugkeert naar de NRC. De krant staat er financieel niet goed voor. Het lezersaantal daalt al sinds 1981 scherp. Hij moet wel terugkeren. De NRC is toch zijn project. Zijn grote liefde. Op de eerste vergadering van de redactie houdt hij een bevlogen speech, uit het hoofd, over de reden van het bestaan. De bestaansgrond van een onafhankelijke, kritische krant met een sociaal-liberale oriëntatie. Precies wat de medewerkers nodig hadden om met geestdrift de weg om hoog te beginnen van het dagblad.

Een wereld zonder D66 III: Den Haag, 11 mei 1973

Dit is het derde deel in een negendelige serie over hoe Nederland zich had ontwikkeld als D66 niet was opgericht. Hier het vorige deel.

Het kabinet-Den Uyl wordt geïnstalleerd. Een combinatie van twee progressieve partijen, de PvdA en de Politieke Partij Radikalen, een progressieve afsplitsing van de KVP, en twee confessionele partijen, KVP en ARP. De sociaal-democraten en radikalen hebben samen 53 zetels, en daarmee een meerderheid in het kabinet-Den Uyl. Ze willen die positie gebruiken om een progressieve agenda uit te rollen over Nederland: eerlijk delen in een schoon land. Maar bovendien meer democratie proberen. De confessionele ministers zijn op persoonlijke titel benoemd zonder toestemming van hun fracties.

Ondertussen in … Twello

Kinderboekenschrijver Jan Terlouw kijkt tijdens zijn ontbijt (toast en thee) naar de foto in de krant van het nieuw kabinet. Van Agt als minister van Justitie in het kabinet van premier Den Uyl. “Dat gaat nooit wat worden”, denkt hij, “misschien dat ze er politiek wel uit komen maar die karakters zijn onverenigbaar: de non-chalante houding van zo’n katholiek die politiek niet serieus neemt en dan zo’n ex-gereformeerde voor wie het hemels paradijs omgeruild is voor een Aardse utopie.” Terlouw pakt zijn glas thee op en loopt naar zijn werkkamer. In zijn hoofd loopt het verhaal al: een nieuwe partij waarin een katholieke bon-vivant en een de zoon van een dominee strijden om de macht. Niet omdat ze het oneens zijn over de koers van de nieuwe partij, maar omdat hun karakters onverenigbaar zijn. Hun strijd brengt de partij aan de afgrond. Als hij gaat zitten achter zijn typmachine, typt hij de titel van zijn nieuwe roman: Democraten ’66. Een politieke tragedie.

Een wereld zonder D66 II: Den Haag, 15 februari 1967

Dit is het tweede deel in een negendelige serie over hoe Nederland zich had ontwikkeld als D66 niet was opgericht. Hier het vorige deel.

De verkiezingen van 1967 vormen in Den Haag een aardschok. De grote partijen PvdA en KVP verliezen drie en vier zetels. De PSP krijgt vijf zetels en de Boerenpartij acht. De roep om democratische vernieuwing wordt steeds groter. Binnen de PvdA roert Nieuw Links zich, Arie van der Zwan voorop. Binnen de KVP staat een groep Christen-Radicalen op. Ze willen nieuwe politiek: anders, democratischer. Niet langer de overlegstructuren aan de top maar inspraak aan de basis: voor jongeren, voor werknemers, voor huurders. Maar ze blijven, tot nu toe, allemaal binnen de lijnen van de partijpolitiek.

Ondertussen in …. Amsterdam

Om vier uur is Hans eindelijk zijn bed uitgekomen. De verkiezingsnacht was voor hem een flinke domper. Hij heeft te veel gedronken om het leed te verzachten: KVP en PvdA weer de grootste. De protestpartijen aan de randen komen op met gevaarlijke ideeën.

Hij loopt een rondje langs de Amsterdamse grachten, mijmerend over de verwarring bij de kiezers en de ondoorzichtigheid van de politiek.  Als hij bij het Spui op het verkeer wacht, blijven zijn gedachten steken bij de tanende invloed van de kiezers. Hij slaat de revers van zijn jas omhoog. Hij denkt na over de ontoereikendheid van de oude politieke spelregels, over onbewegelijkheid en de verstarring van het partijenstelsel, over altijd maar weer hetzelfde gezeur en hetzelfde geharrewar tussen regering en Tweede Kamer. Hij wilde er zo graag wat aan doen. Maar hij weet niet meer hoe.

Met deze Nederlandse partijen komt er in elk geval nooit verandering. Zeker niet nu er weer een kabinet gestruikeld is. Maar in Frankrijk dáár gebeuren interessante dingen. Als hij het Leidsche Plein zijn favoriete café inloopt weet hij het zeker. Hij moet uit het bedompte, verkrampte, conservatieve Nederland. Naar Parijs!