The End of an Era

Morgen is mijn eerste werkdag als promovendus bij de Universiteit Leiden. Dat is mijn eerste dag, in mijn hele leven waar ik van  9 tot 5 moet werken. Daarvoor heb ik wel 3 jaar gewerkt maar als student-assistent maar daar kon ik mijn eigen tijden stellen.

Een einde van een tijdperk dus: een einde van ´s middags een the West Wing marathon beginnen. Een einde (hopelijk dan ook) van regelmatig tot 11 uur ´s avonds werken aan papers. Een einde aan even bloggen tussen de middag. Een einde aan dagen besteden aan nutteloze wikipedia artikelen. Een einde van twee uur internetten voordat ik echt aan het werk ga. Een einde van ´s middags even naar Utrecht voor DWARS. Nee, iedere dag van 9 tot 5 nuttig aan het werk!

Dat einde van mijn studententijd moest dus gevierd worden. Daarom was ik zaterdag naar DeBeschaving. De reden voor de keuze om naar DeBeschaving te gaan en niet, bijvoorbeeld, naar Lowlands was drievoudig: I am Kloot, die hoog op mijn must see list staat was een van de headliners. Erik wou niet naar Lowlands omdat hij niet drie dagen in andermans troep en modder wou slapen. Daarnaast was ik te laat met kaartjes kopen voor Lowlands. Genoeg reden dus.

De line up bestond voor mij uit grote onbekenden, behalve dan I am Kloot. De line up van onbekende indie artiesten was heel inspirerend. Er zaten zeker een aantal dingen tussen die ik vaker wil horen. Ik heb erg genoten van de mooie singer-song writer liedjes van Milow, van de East-meets-West Khmerrock van Dengue Fever, en van de vrolijke nummers van Pete and the Pirates. Ik was verbaasd over de de slecht bezochte uitvoering van de dromerige liedjes van Peter von Poehl, die duidelijk niet op zijn plaats was. Wat ik al van hem had gepreviewd was wel heel goed.

Maar het hoogtepunt was I am Kloot met oude nummers van Natural History, I am Kloot en Gods en Monsters, maar ook nieuwe nummers van hun, in mijn ogen iets te gepolijste nieuwe Play Moolah Rouge. Natuurlijk is het prachtig om oude nummers weer te horen, natuurlijk was I Believe perfect uitgevoerd, maar het was ook mooi om de nieuwe nummers te horen die zo nieuwe kracht kregen.

Vandaag nog een dag vrije, luie, student en dan vanaf morgen hardwerkende Nederlander. Nou ja, de faculteit filosofie heeft besloten dat ik net te laat was met het inleveren van mijn scriptie en ik mag nog een maand extra college geld betalen en me zelf student noemen terwijl zij mij scriptie na kijken, maar dan ben ik zelf hard een het werk.

Amendeer mee!

Ik was gister vergeten bij het noemen van mogelijkheden van planeetgroenlinks het onderling steunen en bespreken van amendementen voor landelijke congressen. Nu heb ik er toevallig een aantal ontwikkeld. Reacties, wijzigingsvoorstellen en steun zijn allemaal welkom! Ze komen in clusters en met verschillende opties, met toelichtingen.

Amendementencluster 1: Naamgeving

Ik vind de naamgeving van de hoofdstukken echt helemaal niets dus heb ik vier simpele oplossingen:

Amendement 1:  “Wij zijn groen” vervangen door “duurzaamheid”

Amendement 2:  “Wij zijn sociaal” vervangen door “solidariteit”

Amendement 3:  “Wij zijn open” vervangen door “diversiteit”

Amendement 4:  “Wij zijn democratisch” vervangen door “democratie”

Amendementencluster 2: Milieu politiek

Amendement
5: Dieren

Waar het gaat om milieu heb ik al eerder geschreven dat ik vind dat het huidige stuk zich te veel richt op de belangen van mensen en te weinig op de belangen van dieren. Ik heb een drie oplossingen voor dit probleem, lopend van een klein beetje groen tot diepgroen. Optie 1 is het simpel weg ergens toevoegen van het welzijn van dieren in een tussenzinnetje. Optie 2 is het schrijven van een apart zinnetje over dieren rechten (de wording "dieren hebben recht op een goed leven" is uit het GroenLinks verkiezingsprogramma van 2006). Optie 3 richt zich niet meer op dieren maar ook op ecosystemen en de planeet als zodanig en heeft daar een aparte bullet voor nodig. Het onderliggende idee in ieder van deze is dat niet alleen mensen maar ook andere levensvormen tellen.

Optie
1: toe
voegen na “2. GroenLinks kiest voor het welzijn” “van dieren”

Optie
2: toe
voegen na “2. GroenLinks kiest t/m in euro’s” “Voor GroenLinks
tellen ook niet alleen de belangen van mensen. Ook dieren hebben
recht op een goed leven.”

Optie 3: toe
voegen na 2. een nieuw 3.  “3. GroenLinks staat voor een
respectvolle omgang met dieren, voor het behoud van ecosystemen en
voor het beschermen van de Aarde. Niet alleen omdat wij als mensen
daaruit eindelijk baat bij hebben, maar juist ook omdat dieren,
ecosystemen en deze planeet waarde op zichzelf hebben.”

Amendement
6: bondgenoten

Ik vind het raar om bedrijven (immers ook organisaties) overal expliciet te noemen en het veelvoud aan maatschappelijke bondgenoten niet. Dus stel ik voor omdat wel te doen:

In
3. Vervang “en organisaties” door “de milieubeweging en andere
organisaties”

Amendementencluster 3: Sociale politiek

Mijn problemen zijn het grootst waar het sociale politiek betreft. De tekst is weinig ambitieus in linkse zin en weinig vrijzinnig waar het gaat om de keuze tussen betaald werk en andere waardevolle activiteiten.

Amendement
7: Vrije tijd (1)

Vrije tijd, tijd vrij gemaakt van betaalde arbeid, krijgt te weinig aandacht in het programma. Dus beginnen we hier met de eerste stap. Naast een recht op huisvesting, arbeid, onderwijs en gezondheidszorg heeft iedere burger recht op vrije tijd. Dat staat overigens al in de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens (artikel 24).

In
4. Voeg na “en een volwaardig inkomen” toe “vrije tijd”

Amendement
8: Halsema’s eigen woorden

Dit gaat om de toon van het stuk, die misschien het best te vergelijken is met een kom pap, een zompige, warme brei van nietszeggende smakeloosheid. Dus moet de tekst ergens verscherpt worden:

In
5. vervang “dat alle jongeren t/m worden” door “dat mensen
emancipeert uit armoede en achterstelling.”

Amendement 9: inkomensherverdekibg

Waar het gaat om inkomensherverdeling is het stuk nu erg nietszeggend gematigd: de inkomensverschillen moeten niet te groot worden. Wie vindt dat niet? Terwijl Kees Vendrik zich in de Tweede Kamer inzet voor het aanpakken van de topinkomens. Ondersteunen wij hem zo? Dus heb ik een aantal opties om de sociale ambities beter te verwoorden. Van Rawls, via Dworkin  tot Wim Kok en Den Uyl.

Optie
1: Rawls In
6. vervang “waarin de inkomens niet te ver uit elkaar lopen” door
“waarin de inkomensongelijkheid alleen gerechtvaardigd is als het
in het voordeel van de armste is.”

Optie
2:  Roemer In
6. vervang “waarin de inkomens niet te ver uit elkaar lopen” door
“waarin er geen kloof is tussen rijk en arm”

Optie
3:  Dworkin In
6. vervang “waarin de inkomens niet te ver uit elkaar lopen” door
“waarin inkomensverschillen afhankelijk zijn van persoonlijke
keuzes en niet maatschappelijke achterstanden.”

Optie
4: Kok In
6. vervang “waarin de inkomens niet te ver uit elkaar lopen” door
“waarin er geen abjecte armoede is en ook geen exorbitante rijkdom”

Optie
5: Den Uyl In 6. vervang door “waarin inkomens t/m combineren” door “GroenLinks staat
voor een rechtvaardige verdeling van  inkomen, kennis, arbeid, zorg
en vrije tijd”

Amendementen
cluster 4: Diversiteit

Waar het gaat om diversiteit mis ik een aantal cruciale thema´s waar GroenLinks zich op zou moeten profileren: vrijheid.

Amendement
10: vrijheid (1)

Seksuele en reproductieve vrijheid en zelfbeschikking over het eigen lichaam zijn belangrijke thema´s, zeker in een tijd van opkomend cultureel conservatisme.

In
7. na “of religieuze overtuiging.” “GroenLinks komt op voor
seksuele en reproductieve vrijheid en de zelfbeschikking over het
eigen lichaam van iedereen.”

Amendement
11: vrijheid (2)

Kunst (en wetenschap) verdienen zeker aandacht in het beginselprogramma. Dat vond men in 1992 (toen ze een amendement hierover in het programma kregen) en ik nu.

Voeg
toe na 7. 8. “
GroenLinks
staat voor onbeperkte vrijheid voor kunst en wetenschap. Kunst en
wetenschap moeten vrij zijn van overheidscensuur, maar moeten ook
beschermd worden tegen commercialisering. Diverse, dwarse kunst
verrijkt de samenleving en een onafhankelijke en kritische wetenschap
is noodzakelijk voor maatschappelijke ontwikkeling.”

Amendement 12: vrijheid (3)

Er wordt in het programma wel gesproken over rechten en vrijheden, maar deze worden nooit echt uitgewerkt. Een opzet: het liberale schade principe zoals is beschreven in het DWARSprogramma.

In 11. na “rechten en vrijheden” “Mensen mogen in hun eigen privé sfeer ongestoord doen wat ze willen, zolang ze anderen maar niet schaden.”

 

Amendementen
cluster 5: de praktijk

Het tweede deel van het programma gaat over de praktijk. Ik vind dit stuk dat zo genaamd inspirerend moet zijn weinig passievol geschreven en in het geheel onnodig en saai. De opzet was ooit om net als in het 190pp. lange beginselprogramma van De Duitse groenen vorm te geven aan onze idealen in ambities. Maar zij hadden daar duidelijk meer tijd voor. Ik zou het liefst al deze onzin schrappen. Maar eigenlijk is het ook wel een mooie plek om politiek te bedrijven: om ambities uit te spreken, die nu in het programma geen ruimte hebben. Ik heb er drie: waar het sociale politiek betreft, de rechtsstaat en economische globalisering.

Amendement
13: ontspanning (2)

Zoals boven al gezegd krijgt betaalde arbeid te veel aandacht in het programma en andere waardevolle activiteiten te weinig. Ik heb twee opties, de een wat radicaler dan de ander.

Optie
1: In
5. vervang “De tweede prioriteit is dat participeren op de
arbeidsmarkt op ontspannen wijze moet kunnen.” door “De tweede
prioriteit is dat mensen in staat worden gesteld om zelf te bepalen
hoe zij over hun leven betaalde arbeid combineren met vrije tijd,
persoonlijke ontwikkeling, vrijwilligerswerk en zorg voor familie en
vrienden.”

Optie
2: In
5. vervang “De tweede prioriteit is dat participeren op de
arbeidsmarkt op ontspannen wijze moet kunnen.” door “De tweede
prioriteit is mensen te vrij maken om zelf hun leven in te richten: de meest rechtvaardige manier daarvoor is het invoeren van een onvoorwaardelijk basisinkomen.”

Amendement
14: rechtsstaat

Waar er nog wel wat idealen zijn over rechtsstaat, is het hele ambities gedeelte van het programma overvallen door de naieve jaren ´70 gedachte dat als iedereen participeert er prachtige dingen zullen gebeuren. Ik geloof nog steeds in het liberale principe van checks en balances: macht vraagt om controle en tegenmacht.

Na
8. Voeg in “9. GroenLinks maakt zich sterk voor een vernieuwde
democratische rechtsstaat waar de scheiding der machten consequent is
doorgevoerd om de burgerlijke vrijheden te beschermen. Daarom zal
GroenLinks zich hard maken voor een grondwetswijziging, die

    1. rechters
      in staat stelt om wetten te toetsen aan de grondwet;
    2. de staten generaal een echte tegenmacht voor het kabinet maakt. Niet de koningin of de premier heeft het recht om de Tweede Kamer te ontbinden, maar de kamervoorzitter;
    3. de personalisering van de lokale politiek wordt beperkt en hun lokale autonomie beschermd door de positie van burgemeester af te schaffen en te vervangen door een door de raad verkozen eerste wethouder;
    4. overbodige
      en verouderde instituties als de Eerste Kamer afschaft;
    5. en
      de ondemocratische en oncontroleerbare macht van de Koningin
      vervangt door een ceremonieel koningschap. De kamervoorzitter leidt de kabinetsformatie.”

    Amendement
    15: globalisering

    Internationale ambities hebben we in dit programma niet. Zie hier mijn voorzet

    Na
    8. voeg in “9. Groenlinks streeft naar een herziening van de
    internationale economische orde. De Wereldbank en de
    Wereldhandelsorganisatie moeten zich niet slechts richten op vrij
    handel, maar juist op eerlijke handel, waar sociale en ecologische
    standaarden gehanteerd worden. Deze organisaties moeten hervormd en
    gedemocratiseerd worden om zo alle landen gezamelijk in staat te
    stellen grip te krijgen op economische globalisering.”

    Planeet GroenLinks 2.0?

    Dit weekend vroeg Arnoud ons na te denken over het fenomeen PlaneetGroenLinks, en de potentie van dé GroenLinkse grass roots community site is.  Is het een campagne middel? Een GroenLinkse versie van Daily Kos of GroenLinks 2.0. Ik miste de vergelijking met My.BarackObama.com. Het succes in de primaries van Obama hing gedeeltelijk samen met de manier waarop hij internet heeft weten te gebruiken om mensen te verbinden en te mobiliseren.

    Ik denk dat planeetgroenlinks op zijn best een my.barackobama.com functie zou kunnen hebben en op z’n slechtst, de functie van De SPIN, het oude interne blaadje van DWARS. Laat me deze dimensie uit werken.

    De SPIN was het interne blaadje van DWARS in de tijd dat het heel slecht met DWARS ging het stond vol
    klaagzangen over hoe de organisatie ten onder ging, vol met op de persoon gespeelde interne discussies, vol met navelstaarderij. Dat is een kant die het medium op kan. Een kant die ik graag gebruik: David en Arnoud herinnerde mij er aan wat ik de laatste 2.5 jaar zoal op mijn eigen blog heb uitgespookt. -Dank overigens voor de kritische en constructieve feedback!- Analyseren welke fouten GroenLinks maakt, klagen over de fouten van individuele GroenLinksers en genavelstaard over GroenLinkse idealen. Bij grotere interne partij schandelen en gebeurtenissen (Braams, Duyvendak, Pormes, de Platvoet-revolutie, de DWARSe bom) bruist de hele planeet met emoties over GroenLinks van gerechtvaardigde woede, via ongeloof over de wereld binnen en buiten GroenLinks tot gepassioneerd idealisme. Maar in deze zin is de planeet niet meer dan een verzameling meningen van actieve leden. Het grotere potentieel van deze versie van planeetgroenlinks is dan dat het een manier is voor gewone leden om hun mening te uiten en van de hogere regionen van de partij om te peilen hoe het aan de basis is. In positieve zin een hele grote, interne, publieke, thermometer; in negatieve zin een grote intern-gerichte navelstaarderswebsite.

    Daar staat het potentieel van my.barackobama.com tegenover. Ook hier wordt gedebateerd over Barack en zijn issues, maar er wordt ook geld ingezameld, mensen gemobiliseerd en met elkaar verbonden, activiteiten georganiseerd en kennis uitgewisseld. Dat is een rol die PlaneetGroenLinks ook zou kunnen spelen. Bijvoorbeeld op glweb kunnen afdelingen nu informatie met elkaar uit wisselen. Maar dat proces lijkt me een taaiere bureaucratischere manier om te kijken wat er bij de buren gebeurd dan gewoon hun weblogs lezen. In die zin zou, voor provinciale en lokale fracties planeetgroenlinks een efficiente en simpele methode kunnen zijn om ideeen voor acties, campagnes en initiatieven  uit te wisselen, om mooie plagieerbare stukken van speeches te lenen, om intern te inspireren en mensen van verschillende afdelingen en gremia met elkaar te verbinden.

    Daarnaast zou de planeet een manier kunnen zijn om mensen op demonstraties en activiteiten te kunnen krijgen. Ik herinner me een oproep van Selcuk om deel te nemen aan een Stichting Natuur en Milieu demonstratie. Dat soort dingen kunnen natuurlijk vaker gebeuren. Als er weer grote demonstraties komen (Don’t Bomb Iran of zo) zouden GroenLinksers hun aanwezigheid via planeetgroenlinks kunnen coordineren. In die zin zou planeetgroenlinks een intern mobiliserend effect hebben.

    Ten slotte geld verdienen. Misschien zit hier wel het grootste potentieel. PlaneetGroenLinks krijgt (waarschijnlijk) heel veel bezoekers. Wat nou als we een paar kleine, linkse/groene/duurzame advertenties er op neer zouden zetten? Daarmee zouden Michel een aardig bedrag kunnen verdienen. Als hij dat bedrag dan door stuurt naar GroenLinks om het campagne fonds mee te spekken? Ligt daar niet het ware potentieel van planeetgroenlinks?

    Maar genoeg genavelstaard over het het navelstaren.

    Schrijven, lezen en gelezen worden

    Op de middelbare school had ik een lerares Duits. Toen een mede-leerling een uitermate ironische spreekbeurt deed, kwam de ironie niet bij haar aan. Ze stelde voor om voortaan bij ironisch bedoelde opmerkingen door middel van een teken de ironie duidelijk te maken. Ik moest aan mijn lerares Duits denken bij de reactie van Halsema. Waar ironie en humor soms moeilijk te herkennen zijn als iemand het zegt, is het nog moeilijker te herkennen als iemand het schrijft. Als je alleen maar de getypte woorden hebt kan iedereen het zo opvatten als hij of zij wil. Je eigen gemoedstoestand kan dan veel bepalen: een grappige opmerking of zelfs een welwillende commentaar kan opgevat worden als een belediging. Ik heb zelf op wikipedia (waar ook vaak nog een dubbele vertaalbarriere is) dat regelmatig gezien. Wat Halsema als "nogal negatief en een tikkie aanmatigend" beschrijft, was bedoeld als een over the top uiting van mijn eigen nieuwsgierigheid. Ik vind eerlijk gezegd dat er een aantal mooie verwijzingen in zitten. De meest beledigende zin "Femke, ben jij overgestapt naar de Libelle?" is zo overgenomen uit Halsema’s eigen mond, die zo een GeenStijl verslaggever te woord stond. "Liberaal paternalisme" is een  term die door Dick Pels gecoind is voor een soort van dialektische overbrugging tussen liberalisme en paternalisme, dat mensen bewust wil maken van hun eigen keuzes. Daarnaast, nogal negatief? Ik noem Halsema’s uit te komen boek de enige "creatieve bijdrage aan de toekomstdiscussie".

    Een belangrijker punt is echter dat toen ik dit weblog begon het nooit de bedoeling was gelezen te worden. Ik wou een manier hebben om snel bepaalde ideeen die ik had uit te schrijven: kleine politieke puzzeltjes uit werken, speculeren over dingen waar ik geen verstand van heb, mijn eigen mening scherpen door ze op te schrijven, politicologische proefballonetjes oplaten. Het was niet de bedoeling dat veel mensen die lazen noch de bezoekers van Sargasso, noch Femke Halsema of Tofik Dibi, noch Barack Obama for that matter. Ik schrijf zeker niet met het besef dat de mensen over wie ik schrijf het lezen.

    Ik vraag me af of ik met dit besef moet gaan schrijven: dat mensen daadwerkelijk lezen wat ik schrijf. Ergens speelt dat besef in mijn achterhoofd wel een rol, maar bijvoorbeeld meer in de vorm van een hypothetische werkgever die mij zou googlen. Om die reden heb ik mij niet gemengd in de discussie over slow sex, die volgens mij geen gebalanceerde analyse gaf van goods en evils van pornografie. Of in de vorm van een arme planeetgroenlinks doorskimmer die geen zin heeft om ellelange teksten van mij over allerlei onzin door te moeten scrollen.

    P.S. Femke, ik heb net een aanstelling gekregen om een boek te schrijven/promotie onderzoek te doen binnen drie jaar. Vraag mij ‘t daarna maar nog een keer…

    A Note on the Nature of Socialism

    Ik denk dat je socialisme op vier manieren kan begrijpen. Er zijn, volgens mij 4 soorten socialisme:

    • socialisme als democratische planning: een economie in dienst van de gemeenschap
    • socialisme als arbeiderzelfsbestuur: bedrijven waar arbeiders bevrijd zijn van kapitaalbezitters
    • socialisme als herverdeling: een samenleving zonder economische ongelijkheden
    • socialisme als verlichting: een samenleving van bevrijdde individuen

    Ik zal hier kort uiteen zetten wat deze interpretaties van het socialisme inhouden om vervolgens uit te leggen wat hun rol binnen GroenLinkse politiek is.

    Socialisme als democratische planning

    De meest klassieke manier om socialisme te begrijpen is als overheidsbezit van de productiemiddelen. De overheid staat in dienst van de gemeenschap en wordt aangestuurd door diens vertegenwoordigers. Dit stelt de de gemeenschap in staat om bepaalde macro-economische doelen na te streven: werkgelegenheid, economische groei, stabiliteit etc.

    Dit type socialisme is cruciaal in de Marxistische traditie. Marx zag een geplande economie als de volgende stap in de geschiedenis na de chaos en instabiliteit van het kapitalisme. Lenin heeft dit in de Sovjetunie is dit in de praktijk gebracht. Maar overheidsbemoeienis in de economie was ook een belangrijk onderdeel van de planningstraditie binnen de sociaal-democratie, denk maar aan het Plan van de Arbeid van de SDAP, deels geinspireerd op de liberale econoom Keynes.

    Deze opvatting van socialisme staat in contrast met het kapitalisme omdat in het kapitalisme de productiemiddelen in handen zijn van een beperkte groep: "de bourgeoisie". De economie staat in dienst van deze beperkte groep en niet van de gehele gemeenschap.

    Achter deze opvatting ligt een opvatting van vrijheid en gelijkheid. Vrijheid is hier als collectieve soevereiniteit: in een zelfbesturende gemeenschap daar ben je echt vrij. Gelijkheid wordt hier opgevat als gelijke participatie in democratische besluitvorming. De ongelijkheid van het kapitalisme die wordt veroordeeld is dat daar sommigen niet participeren in besluitvorming over zaken die hen wel aan gaan.

    Socialisme als arbeiderszelfbestuur

    Een belangrijke tegenstroming in het socialisme, is de stroming die een nadruk legt op arbeiderszelfbestuur. Het idee hier is dat niet de staat de economie plant maar dat arbeiders zelf, vrij van het tyrannieke bestuur van kapitaalbezitters, zelf hun eigen productieve activiteiten organiseren. De productiemiddelen zijn in handen van de arbeiders die hier zelf vrij over beschikken. Er is nog steeds een markt waar de zelfbestuurde bedrijven hun producten op afzetten.

    Binnen het syndicalisme en het anarchisme speelt zelfsturing een grote rol. In socialistisch Joegoslavie was dit, gedeeltelijk, in de praktijk gebracht. Ook bij voormalige Marxisten die meer vertrouwen hebben gekregen in het marktmechanisme, zogenaamde marksocialisten komt het idee van zelfsturing terug. In het Westen is door corporatisme en medezeggenschap een halfslachtige vorm van arbeiderszelfbestuur in stand gebracht. In sommige bedrijven, workers´ cooperatives, is het echter wel helemaal ingevoerd.

    Dit type socialisme staat tegenover het kapitalisme op een zelfde manier als "socialisme als democratische planning": er is een machtsongelijkheid tussen arbeiders en bezitters. Arbeiders zijn "loonslaven", die gedwongen zijn zich op de markt te verkopen aan bezitters. Dit is een vorm van vervreemding: de mens wordt vervreemd van zijn aard als homo faber omdat hij behandeld wordt als een machine die weinig bevredigend werk moet doen voor een ander. Deze positie kan worden opgeheven door van arbeiders bezitters te maken.

    Het zijn veel "liberalere" noties van vrijheid en gelijkheid die hier terug komen: de arbeiders is onvrij omdat hij gedwongen wordt te werken, waar werken inhoudt dingen doen die je anders niet zou doen. De vrijheid die hier verdedigt wordt is dan ook negatieve vrijheid: de dwang van kapitaalbezitters moet worden afgeschaft. Het type gelijkheid dat onder deze opvatting van socialisme ligt is gelijkheid als gelijk vermogen om vorm te geven aan het eigen leven. De machtsongelijkheid tussen bezitters en arbeiders is onrechtvaardig omdat arbeiders niet in staat zijn om vorm te geven aan het eigen leven.

    Socialisme als inkomensherverdeling

    Veel hedendaagse linkse, socialistische politiek draait niet zo zeer om de verdeling van productiemiddelen maar om het middel om te consumeren: inkomensherverdeling. Socialisme wordt gereduceerd tot het ongelijker maken van verschillen in inkomens: het bestrijden van `exhibitionistische´ zelfverrijking aan de top en het bestrijden van abjecte armoede aan de onderkant.

    Als de hedendaagse Westerse verzorgingsstaat in één ding goed is dat het herverdelen van inkomen: progressieve belastingen, overheidspensioenen, sociale verzekeringen en uitkeringen. Alhoewel armenbelastingen in een lange religieuze traditie hebben (Zakaat in de Islam bijvoorbeeld), is het idee van de verzorgingsstaat ontwikkelt als een middel om het socialisme tegen te houden door conservatieven, bijvoorbeeld door Bismarck, die tussen 1883 en 1889 in Duitsland een aantal sociale ingrepen zoals een overheidspensioen instelde. Tijdens de grote depressie en de wederopbouw na de Tweede Wereldoorlog zijn deze stelsel in heel Europa vaak door sociaal-democraten ingevoerd. Links-liberale filosofen als John Rawls hebben veel gedaan om inkomensherverdeling te rechtvaardigen.

    Dit type socialisme ziet het kapitalisme als onrechtvaardig omdat het een ongelijke inkomensverdeling instand houdt en versterkt. In het kapitalisme kunnen mensen die inkomen van hun ouders erven, die harder werken en beter getalenteerd zijn dan anderen meer inkomen verdienen dan mensen zonder erfenissen, (ontwikkelde) talenten of werklust. Zij worden tot abjecte armoede veroordeeld. Armoede ontzegt mensen een fatsoenlijk bestaan.

    Dit socialisme beschouwt vrijheid als middelen én rechten. Rechten zonder de middelen om die rechten te gebruiken is betekenisloos. Iemand kan wel het recht hebben om een brood te kopen, maar zonder inkomen heeft hij nog niet de vrijheid om een brood te kopen. Gelijkheid wordt dan begrepen als inkomensgelijkheid, of ten minste een minimum-inkomen dat een maximale hoogte heeft (volgens Rawlsianen).

    Socialisme als verlichting

    Veel socialisten vinden het herverdelen van inkomen niet genoeg. Zij menen dat het socialisme een verandering van de menselijke natuur moet inhouden. De egoistische mens van het kapitalisme zou moeten worden vervangen door de verlichte, altruistische nieuwe mens van het socialisme. In mindere mate komt dit ideaal terug in het cultuursocialisme dat door onderwijs probeert de gewone man te verheffen, en zo probeert een bepaald beschavingsideaal aan de samenleving wil opleggen.

    Het idee om een nieuw soort superieure mens te creeeren behoort niet per se tot het socialisme, het komt terug bij nihilist Nietszche, proto-socialist Rousseau en Christelijke denkers als Spinoza. Dit maakbaarheidsideaal heeft echter wel een grote invloed gehad op het socialisme. Het gaat in principe terug op Marx die geloofde dat de cultuur bepaald wordt door de economische verhoudingen. Als de productiemiddelen in de handen zouden komen van het proleriaat zou, als van zelf, de egoistische cultuur van het kapitalisme ook verdwijnen. Een liberale sympathisant van het socialisme, J.S. Mill meende echter dat een socialistische economie niet kon zonder een nieuw soort arbeider: de arbeiders moesten worden opgevoed, verlicht, verheven.

    In de Europese sociaal-democratie keert dit soort denken terug als "cultuur-" of "intellectuelensocialisme", waarvan Jacques de Kadt, Ds. Jan Buskes en Hendrik de Man exponenten in de Nederlandsen zijn In de SDAP en de PvdA hebben dit soort cultuursocialistisme bij vlagen een vruchtbare bodem gevonden (zie Kalma (1994) en dit artikel over het Instituut voor Arbeidersontwikkeling).

    Echter dit idee dat het socialisme niet zo zeer een economische maar een culturele revolutie moet zijn vinden we ook op andere plekken: denk aan Mao‘s culturele revolutie, waar de laatste elementen van de bourgeoisie cultuur vernietigd hadden moeten worden. Of de sociale revolutie van 1968 die de verhoudingen tussen man en vrouw, homo en hetero, jong en oud en burger en bestuurder, radicaal veranderde. In Nederland was het Nieuw Links die deze beweging leidde. Maar ook in de hedendaagse Third Way keert dit op een bepaalde manier terug. De Derde Weg streeft niet zo zeer naar eerlijke inkomensverdeling of een zorgzame overheid maar wilt mensen door onderwijs voor bereiden op het leven in een dynamische arbeidsmarkt en een open maatschappij. Anthony Giddens wilt niet de overheid mensen hun levenlang beschermt maar dat de overheid hen leert zichzelf te beschermen: empowerment.

    Deze opvatting is kritisch over "cultuur van het kapitalisme" die door egoisme en ongelijkheid wordt gekenmerkt, die pateriarchale, autoritaire maatschappelijke instellingen instandt houdt of afhankelijkheid en slaafsheid koestert.

    Al deze verschillende visies van socialisme delen een zelfde soort idee van vrijheid: positieve vrijheid. Positieve vrijheid ziet vrijheid als rationaliteit. Pas als mensen bevrijdt zijn onredelijke angsten, beperkingen en opvattingen is een mens echt vrij. Het is arbitrair wat mensen dan onredelijk vinden. Voor klassieke socialisten, van Marx, via De Man tot Mao zijn egoisme en superioriteitgevoelens onredelijk (voor Nietszche zijn dit juist de redelijke gevoelens). Voor de activisten van 1968 worden mensen beperkt door verouderde ideeen als racisme, paternalisme en gezagsgetrouwheid. Derde Weg socialisten als Giddens willen mensen bevrijden van de afhankelijkheid van de overheid, en in staat stellen om zelf beschikking te nemen over het eigen leven. De linkse, socialistische, stromingen willen mensen dus bevrijden van ongelijke sociale verbanden, van gevoelens van afhankelijkheid en inferioriteit. Hier komt gelijkheid dus terug als "equal respect".

    & GroenLinks
    Wat heeft een GroenLinkser nou aan al dit commentaar op het socialisme? De eerste twee vormen van socialisme zijn grotendeels afwezig binnen GroenLinks. Arbeiderszelfbestuur is al sinds midden jaren ´70, in mijn ogen onterecht, uit bij de Nederlandse progressief-linkse intelligentsia. GroenLinks houdt houden zich, anders dan de SP, ook niet veel bezig met de centrale rol van de overheid in het sturen van de economie. Misschien alleen om milieu problemen op te lossen, maar zelfs daar hebben we vaak vertrouwen in marktwerking. Herverdeling en verlichting blijven dan over. Halsema zei hier in een campagnefilm in 2003 over:

    "In Nederland heeft socialisme steeds meer de smalle betekenis gekregen van zorgen dat de verschillen in inkomens kleiner worden -dat is overigens belangrijk- maar dat is maar een beperkte uitleg van socialisme, want socialisme gaat uiteindelijk om vrij wording van mensen. Je zorgt dat de inkomensverschillen kleiner worden; je zorgt dat de armoede het liefst afwezig en in ieder geval zo klein mogelijk is, zodat mensen meer mogelijkheden hebben, meer van hun leven kunnen maken, en dat is altijd meer dan alleen een groter huis kunnen kopen. Het is altijd meer dan een auto aan kunnen schaffen. Het is keuze mogelijkheden kunnen hebben. Je leven in kunnen richten zoals je dat eigenlijk graag zou willen."

    Ze kiest hier dus, wel overwogen voor een ideaal van socialisme herverdeling: het recht om je leven in te richten zoals jij dat wilt moet komen met de middelen omdat ook te kunnen. Echter prominente  GroenLinks denkers als  Dick Pels, Evelien Tonkens, maar ook, naar alle verwachting Halsema zelf in haar diepgroene cultuurkritische manifest, neigen allemaal naar een veel cultuursocialistischere opvatting van linkse politiek. Hun opvatting van rationaliteit is niet dezelfde als die van Marx, De Man of Mao. Deze is vrijzinnig en vooruitstreven, en is, in het geval van Tonkens vermengt met een interessante vorm van ironie. Het doel lijkt te zijn een ideaal van het goede leven op te leggen aan burgers. Kijk maar naar het nieuwe beginselprogramma, dat zich verzet tegen een consumentistische cultuur en zich inzet voor geengageerd burgerschap. Dat lijkt me dus recht-tegenover: "Je leven in kunnen richten zoals je dat eigenlijk graag zou willen." te staan

    Ondertussen: Dat andere boek

    Vandaag in de Volkskrant, ergens weggestopt in stukje over wat Femke Halsema zoal leest:

    "Zojuist heeft ze de laatste hand gelegd aan een boek dat kritiek uit op het streven naar geluk via consumptie. Het krijgt als ondertitel: voorbij de hyperconsumptie, haast en hufterigheid. Halsema: "Ik denk dat ik de publicatie even uitstel. Het lijkt me wat ongelukkig om nu te komen met een boek dat Geluk heet."

    Ik begin me af te vragen of dit "boek" wel bestaat. Sinds eind vorig jaar zoemen de ideeen van dit boek binnen en buiten GroenLinks. We mogen ervan Femke niet te veel over schrijven voordat we het gelezen hebben. Dus heb ik gewacht met mijn liberale kritiek op deze diepgroene cultuurkritiek. Het zou in de lente uit zijn, voor de zomer, vervolgens op het zelfde moment als het beginselprogramma (nee, dat is goede timing!) en nu dus waarschijnlijk when hell freezes over. Wat ik gehoord heb, had Halsema’s bijdrage een van de weinig innovatieve, creatieve bijdrage aan de toekomstdiscussie kunnen zijn. En in het concept-beginselprogramma ademt gelukkig hier en daar al wat van de gezellige-jaren-’50 moralistische, o-zo-liberale paternalistische cultuurkritiek op hoe mensen hun eigen leven in richten.

    Een ding kan ik nu al zeggen: Geluk? Femke, ben jij overgestapt naar de Libelle? Een politicus die zich liberaal noemt zou zich ver moeten houden van het aan mensen uitleggen hoe ze gelukkig moeten worden. J.S. Mill schreef er al over in On Liberty: een liberaal stelt mensen zelf in staat om zelf te bepalen hoe ze gelukkig worden. Een liberaal creeert een samenleving waar mensen de ruimte hebben om hun eigen idee van het goede leven in de praktijk te brengen, waar ruimte is voor experimenten en difference. Die gaat niet aan mensen uitleggen hoe ze hun leven moeten inrichten.

    Eerlijk gezegd: dat steeds-nog-maar-niet-uitgekomen boek van Halsema begint een beetje op de  flutna van die blonde politicus te lijken. Dat kan dus alleen maar tegen vallen …

    GroenLinks zonder Duyvendak: hoe zo milieu partij?

    De onnodig en tragische kwestie Duyvendak legt een opmerkelijk probleem aan het licht: er zijn geen prominente groene gezichten binnen GroenLinks behalve Duyvendak. Wijnand Duyvendak blijkt onvervangbaar te zijn als milieuwoordvoerder. Zonder Duyvendak is GroenLinks eigenlijk weinig meer dan een progressief-linkse partij, zonder groene gezichten en specialisten.

    Als je kijkt naar de andere zes leden van de huidige fractie, dan zie je alleen maar mensen met een interesse in de publieke sector, multiculturele samenleving, de sociale kanten van de economie en buitenlands beleid.

    • Femke Halsema, de fractievoorzitter, is criminologe en was eerder woordvoerder op het gebied van justitie, migratie, cultuur en zorg. Het is onwaarschijnlijk dat Halsema, als fractievoorzitter, Duyvendak’s portefeuille overneemt, haar laatste uitstapje naar donker-groene cultuur-kritiek daar gelaten.
    • Kees Vendrik (politiek econoom) is een politieke duizendpoot: woordvoerder financien, economie en ontwikkelingssamenwerking, eerder ook (hoger) onderwijs en zorg. Hij zou een deel van Duyvendak’s portefeuille kunnen overnemen.
    • Mariko Peters (internationaal juriste/diplomate)is een uitermate sterke en capabele buitenland woordvoerder (BuZa, EU en OS), maar heeft weinig ervaring op het gebied van milieu. Doet ook al cultuur & media.
    • Ineke van Gent (vakbondsvrouw) is altijd erg betrokken geweest bij mensen aan de onderkant van de samenleving, als woordvoerder sociale zaken, dat ze combineert met een interesse in huisvesting, overheidsorganisatie, emancipatie, arbeid & zorg, de antillen, en veel recenter voor landbouw en dierenwelzijn. Zij zou een deel van Duyvendak’s portefeuille kunnen overnemen.
    • Naïma Azough (cultuurjournaliste) houdt zich bezig met migratie en veiligheid (politie, AIVD en justitie). Eerder hield zij zich ook bezig met cultuur, zorg, welzijn en integratie.
    • Tofik Dibi (student cultuur & media) het jonge gezicht van de fractie, dat zich bezig houdt met onderwijs, integratie en jeugdzaken.

    Milieu was het rijk van Duyvendak, die zich daarnaast ook/daarom bezig hield met energie,  luchtvaart, verkeer, milieu, klimaat en water, ruimtelijke ordening, bestuurlijke vernieuwing. Geen van de andere kamerleden heeft een bijzondere affiniteit met milieu.

    Duyvendak zal worden vervangen door Jolande Sap, een sociaal-economisch specialist, die zich in het verleden heeft bezig gehouden met levensloopbeleid, inkomensbeleid en feministische economie. Het is dus onwaarschijnlijk dat zij Duyvendak’s portefeuille in het geheel zal erven. Wat veel waarschijnlijker is, is dat de portefeuilles geherschikt worden, een soort cabinet reshuffle, maar dan ik het klein.

    Een toegevoegde complicerende factor is dat Peters voor drie maanden op zwangerschapsverlof zal gaan en vervangen moet worden, Sap was origineel gepland voor die positie, als volgende op de lijst. Nummer 9 op de lijst is Matthieu Heemelaar, die zich profileerde als RozeLinks-kandidaat met een achtergrond in de wereld van diversiteit, veiligheid, en onderwijs.

    Let wel: de rest van dit blog is wilde speculatie, zonder enige fundering in de werkelijheid

    Er zijn dus 7 woordvoerderschappen die verdeeld moeten worden: energie,  luchtvaart, verkeer, milieu, klimaat en water, ruimtelijke ordening, bestuurlijke vernieuwing.

    • Vendrik is een waarschijnlijke keuze voor energie. Dan zal daar ook wel klimaat en water bij komen.
    • Luchtvaart en verkeer passen Van Gent goed. Zij kan het opnemen voor een schoon, goed en goedkoop openbaar vervoer.
    • Ruimtelijke ordening. Ligt dan zo’n beetje tussen Van Gent en Vendrik in: Beide hebben (in dit geval) al een stukje van het ministerie van VROM.
    • Bestuurlijke vernieuwing is een beetje een rare eend in de bijt. Die past niet echt in dit setje en kan bij iedereen in de fractie "erbij gepropt" worden.

    Vendrik en Van Gent kunnen dan een groot deel van het oude portefeuilles over laten in de handen van Sap. zij zou dan zorg & arbeid en emancipatie en, misschien ook sociale zekerheid, van Van Gent kunnen overnemen en financien, en misschien ook economie, van Vendrik.

    De verdeling zal er dan als volgt uit zien:

    • Halsema: fractievoorzitter, VWS
    • Vendrik: ontwikkelingssamenwerking, economie en energie/klimaat/water, ruimtelijke ordening
    • Peters: buitenland (EU, OS en BuZa)
    • Van Gent: LNV, volkshuisvesting, verkeer, overheid & antillen, ruimtelijke ordening
    • Azough: migratie & veiligheid
    • Dibi: integratie, onderwijs en jeugd, bestuurlijke vernieuwing
    • Sap: financien, sociale zaken, emancipatie, arbeid en zorg

    De portefeuille van Duyvendak wordt  in dit geval overgenomen door twee belangrijke, bekende, GroenLinks gezichten die zich echter nooit als de meest groene binnen GroenLinks hebben geprofileerd. Een echt groene opvolger van Duyvendak zou hoger op de lijst kunnen staan: Van ‘t Veld (11), Grashoff (14; wordt toevallig net wethouder cultuur in Rotterdam) en Dirkmaat (16).

    Echter nu moet Peters nog vervangen worden. Als Heemelaar, de meest waarschijnlijke kandidaat, dat doet, is het onwaarschijnlijk dat hij Peters’ portefeuille zou overnomen, immers deze roze kandidaat heeft weinig buitenlandse ervaring.

    Peter’s portefeuille bestaat uit vier stukken: Europa, Ontwikkelingssamenwerking, Buitenlandse Zaken en Cultuur en Media. Op nieuw zijn dat drie portefeuilles waarin Peters echt de (enige) specialist binnen de fractie is. Cultuur en media kan wel ergens mooi worden weggestopt. Peters gaat, toevallig, net weg in een belangrijke tijd: prinsjesdag.

    • Europa: zal in de aanloop van de verkiezingen van 2009 wel belangrijker worden, met name omdat er nog een verdrag gesloten moet worden, na het Ierse Nee. Misschien dus het beste om dit aan Halsema te geven.
    • Ontwikkelingssamenwerking: deelde Peters als met Vendrik, die dit kan waarnemen.
    • Buitenlandse Zaken: de zwaarste en lastigste portefeuille. Azough, die al veel ervaring heeft opgedaan met veiligheid en migratie (twee gerelateerde portefeuilles) zou dit misschie kunnen doen
    • Cultuur en media is een kan bij iedereen in de fractie "erbij gepropt" worden.

    Heemelaar zou dan cultuur en media, VWS (van Halsema) en een deel van Azough’s veiligheidsportefeuille kunnen overnemen, dat (misschien) mooi samenvalt met zijn interesses voor diversiteit en veiligheid.

    De verdeling zal er dan als volgt uit zien:

    • Halsema: fractievoorzitter, EU
    • Vendrik: ontwikkelingssamenwerking, economie en energie/klimaat/water, ruimtelijke ordening
       
    • Van Gent: LNV, volkshuisvesting, verkeer, overheid & antillen, ruimtelijke ordening
    • Azough: migratie, veiligheid (AIVD) en buitenlandse zaken
       
    • Dibi: integratie, onderwijs en jeugd, bestuurlijke vernieuwing
    • Sap: financien, sociale zaken, emancipatie, arbeid en zorg
    • Heemelaar: veiligheid (justitie en politie), VWS, cultuur en media

    Het zou voor de fractie echter veel makkelijker zijn als Heemelaar de eer aan zich voorbij zou laten gaan en de nummer 10, Isabelle Diks, de huidige internationaal secretaris van het landelijk bestuur, Peters tijdelijk zou vervangen. Zij heeft als internationaal secretaris en met haar studies internationale organisaties en betrekking en internationaal recht waarschijnlijk veel kennis van buitenlands beleid en goede contacten met Peters en haar deel van de fractie assistentie opgedaan. Ook zou zij als (voormalig?) mode-ontwerper de cultuur portefeuille kunnen overnemen.

    GeenStijl=hypocriet

    GeenStijl, de site die zichzelf het meest op de borst slaat over de spijtige, onnodige val van Wijnand Duyvendak, is een verschrikkelijk, ziek-makend hypocriet. Dat betoogt Fransisco van Jolen en David Rietveld. Maar helaas niet in zoveel woorden.

    De parallel tussen "jongensachtige pesterijen" van GeenStijl (foto’s stelen, persoonlijke gegevens publiceren, oproepen tot geweld, mensen "deaud" wensen) en het idealistische activisme van Bluf! (diefstal van stukken, publiceren van persoonlijke gegevens, oproepen tot geweld), dat de val van Duyvendak heeft veroorzaakt, is verbluffend. Hun methoden van het verbreken van de wet zijn ongelofelijk identitiek. Allebei waren ze betrokken bij het zelfde type misdaden en verschuilen ze zich achter een vorm van anomiteit.  Maar er zijn ook verschillen tussen Duyvendak en GeenStijl : Duyvendak’s deed wat hij deed (of je het er nu mee eens bent of niet) vanuit idealisme. Hij wilde de wereld veranderen. GeenStijl doet het uit een soort van ennui.

    In het korte lijstje dat Van Jole opnoemt (treiteren van jongeren, het bedreigen van mensen die zich maatschappelijk actief zijn, het publiceren van persoonlijke gegevens, van gestolen documenten) en waar Rietveld nog het goed praten van crimineel gedrag aan toevoegt, zijn de gelijkenissen nog oppervlakkig: net als Duyvendak heeft GeenStijl gestolen overheidsdocumenten gepubliceerd (van de officier van justitie van Bonaire), maar nu met geen enkel maatschappelijk belang dan vermaak. En, dat, zoals Jole zelf ook noemt, zijn mensen door de manier waarop ze door GeenStijl benadert zijn en door de publicatie van persoonlijke gegevens ernstig persoonlijl bedreigt. Naast het geval van Stivoro-directeur Prins is er ook het geval van PerspectieF voorzitter Havelaar (schijnt in deze aflevering van Pauw & Witteman besproken te zijn).

    Als ik er over na denk wordt ik er echt misselijk van: natuurlijk mag "burgerlijk Nederland" (Telegraaf, Elsevier, NOVA) zich druk maken over wat er 20 jaar geleden gebeurd is. Natuurlijk moet er ruimte zijn voor jongensachtige pesterijen op het internet. Maar dat GeenStijl mensen verwijt dat ze het zelfde doen wat zij zelf nu doen, als zij een rol spelen in het mobiliseren van publieke opinie tegen hun eigen praktijken, dan wordt ik misselijk van hun hypocrisie.

    Wenen van verwachting naar verbazing

    Gisteren terug gekomen uit Wenen, waar ik 10 dagenlang genoten heb van de stad, de architectuur, de parken en de kunst. Ik was naar Wenen gekomen vanwege Gustav Klimt, een van de belangrijkste kunstenaars van de Art Nouveau. Deze fin de siecle-kunststroming staat bekent vanwege zijn sierlijke lijnen. Ik had dus verwacht dat Wenen, waar het centrum sinds 1918 niet ingrijpend is veranderd, vol zou staan met zwierige sierlijke, lichte musea vol met prachtige Klimt schilderijen.

    Niets bleek minder waar: Otto Wagner, de voornaamste architect van de Weense Art Nouveau (daar Secession geheten) verzette zich tegen de zwierige neo-roccoco stijl die zijn tijdgenoten kenmerkde. Wenen staat vol met pastelkleurige keizerlijke paleizen in (neo-)Barok, (neo-)Roccoco en neo-klassicistische stijl. Zelf vind ik deze stromingen al snel overdone. Wagner’s Art Nouveau is strak en rechtlijnig. De gebouwen doen meer denken aan de Bauhaus-stijl van de jaren ’20-’30 dan de Art Nouveau die ik kende uit Brussel en Parijs. Hoogtepunt hiervan was de Neustiftgasse 40, een gebouw uit 1909 dat zijn tijd ver vooruit was. Zijn moderne stijl werd gevolgd door de bouw van grote sociale woningsbouwcomplex door het sociaal-democratische gemeentebestuur in de jaren ’20-’30, met DDR-achtige namen als "Karl Marx Hof". Echter wat aan het begin van deze eeuw revolutionair was, is aan het einde van deze eeuw verschrikkelijk outdated. Toch bleef de gemeente in deze moderne stijl grijze, industriele appartementsblokken bouwen. Tot mijn afgrijzen. Vanaf de jaren ’70 kwam hier een reactie op vanuit verschillende hoeken: de groene vrijdenker Hundertwasser bouwde schots-en-scheve gebouwen, versiert met CoBrA-achtige gevels, waar natuur en cultuur zich vermengen. Guenther Domenig bouwde met staal en glas organische vormen. De stad Wenen zelf, is, overigens, vanwege de vele Keizerlijke parken een van de groenste steden van Europa.

    Maar ook was er relatief weinig van de door mij bewonderde schilder Klimt te zien.  Een groot deel bleek te hangen op een speciale Klimt-tentoonstelling in het Tate Liverpool. Van Egon Schiele, een tijdgenoot en vriend van Klimt was er destemeer. Schiele behoort tot de eerste expressionisten, die in hun kunst niet de wereld wilden tonen, maar hevige gevoelens wilde overbrengen. Bij Schiele is dat zeker gelukt: zijn donkere, pezige portretten en zijn kleurrijke maar onheilspellende schilderijen van moeders en kinderen hebben mij  zeer geimponeerd. In de stad werd reclame gemaakt voor het grootste Schiele museum met een poster "Kultur Shock" waar een man helemaal werd weggeblazen door een van Schiele’s meest krachtige werken. Zo bleef ik dus ook achter. De liefelijke, sierlijke gecomponeerde schilderijen van Klimt leken nu zo zoet en onschuldig als Wiener Sachertorte.

    Is er een plicht te werken?

    Ik heb net mijn master scriptie wijsbegeerte in tweede versie
    ingeleverd over de rechten en plichten van burgers waar het gaat om
    werk, inkomen en vrije tijd. Een vervolg op mijn bachelor scriptie over
    Vrijheid Eerlijk Delen. De hele versie is hier
    na te lezen, maar ik zal kort op dit weblog de twee hoofdlijnen van
    argumentatie waar het gaat om het recht en de plicht te werken
    bespreken: hier nu de plicht tot werk en eerder het recht op werk. Alle
    reacties zijn welkom ik zal helaas vanwege mijn eigen korte vakantie
    niet kunnen reageren.

    Veel controversieler dan het recht op werk is de plicht te werken. Moet de overheid vrijwillig werkelozen dwingen wat voor de samenleving te doen? Zo ja, waarom niet? Zo ja, hoe moet de overheid dit dan doen? In mijn scriptie bekijk ik verschillende manieren waarop mensen gedwongen kunnen worden te werken. De meest interessante zijn: een werkplicht net als de belasting plicht en een werk-plicht als een plicht-light, die opgelegd wordt door een steeds verder dalend basisinkomen.

    Is het rechtvaardig als sommige mensen belasting betalen en anderen van die plicht niet hebben? Waarom moeten mensen die een inkomen hebben wel belasting betalen en hoeven mensen die geen inkomen niet bij te dragen? De liberale filosoof J.S. Mill rechtvaardigt een progressieve belasting door te zeggen dat dat van iedereen een even groot offer vraagt. Echter van mensen die niet werken wordt geen offer gevraagd. De sociaal-democratische filosoof Margalit heeft heel mooi laten zien dat mensen uitsluiten van een plicht die anderen hebben onrechtvaardig is voor diegenen die worden uitgesloten: ze worden als nutteloze tweede rangsburgers behandelen.  Waarom  vragen we van mensen zonder inkomen niet een even grote bijdragen, maar dan in tijd in plaats van in inkomen? Daar hebben ze toch genoeg van?
    Phillipe van Parijs zou een groot bezwaar hebben tegen zo’n maatregeel het beperkt mensen hun self ownership. In de laatste plaats moeten mensen volgens Van Parijs "in bezit" van zichzelf: zij moeten in de laatste plaats bepalen wat er met hun gebeurt. Als de overheid een deel van je tijd gaat invullen zonder dat je daar iets aan kan doen, is dat onrechtvaardig. Een inbreuk hierop is gerechtvaardigd als dit belangrijkere principes van rechtvaardigheid instandt houdt. De bescherming van onze burgelijke vrijheden horen daarbij. Selfownership mag beperkt worden om vrijheid instand te houden. Om de politie en de rechtbanken te financieren die onze burgerlijke vrijheden beschermen mogen we dus gedwongen worden te helpen. Echter als je lagere principes van rechtvaardigheid kan in breken om dezelfde vrijheden te beschermen zou Van Parijs dat doen: het basisinkomen staat onder selfownership in zijn theorie van rechtvaardigheid. Hij zou dus liever een lager basisinkomen zien als het geld dat hiermee wordt weg gehaald ten goede komt aan onze burgerlijke vrijheden. Een arbeidsplicht als de belastingplicht zou vanuit het links-libertaire perspectief niet rechtvaardig zijn.

    Maar een arbeidsplicht-light wel. Van Parijs gebruikt de metafoor van de veilig om uit te leggen waarom er een basisinkomen is. Stel je voor dat A en B stranden op een eiland waar precies een bananenboom staat, die in voedsel kan voorzien. Wie moet die bananenboom dan plukken? Van Parijs zou voorstellen het recht de boom te plukken te veilen. A en B zouden de ander bananen bieden om de rest te mogen houden en alles moeten plukken. Als A verschrikkelijk lui is zou hij iedere aanbod van B moeten aan nemen. Ook als het verschrikkelijk laag is. Immers anders zou hij een tegenbod doen waarbij A moet werken en bananen aan B kwijt raak. Als je niet wilt werken, krijg je in de veiling dus geen bananen.
    Van Parijs meent dat er in iedere economie een tekort aan banen is en daarom mensen die worden uitgesloten van werk gecompenseerd moeten worden door een gegarandeerd inkomen, dat wordt betaald uit een belasting op arbeid. De bananenboom is de baan. Het gegarandeerde inkomen zijn de bananen die A van B krijgt.
    Je zou dus willen dat in een moderne verzorgingsstaat de hoogte van de uitkering die we geven aan mensen die niet werken afhankelijk is van de mate waarin ze zouden willen werken. Onze huidige regelingen rond werkeloosheid lijken daarop: er geldt een sollicitatieplicht in de WW en de bijstand. Iedere keer als iemand een baan weigert die hij zou kunnen aan nemen, wordt zijn uitkering gekort: hij laat dan zien dat hij niet wilt werken en dus tevreden zou moeten zijn met een lager inkomen. Dat houdt niet dat onze huidige verzorgingsstaat perfect is, maar wel dat hij mooi gevoelig voor de mate waarin mensen willen werken.