Problemen in lokale programma’s

Het schrijven van een lokaal verkiezingsprogramma’s is nog een hele klus. Met name het ordenen van de hoofdstukken valt ons wel lastig. We hebben gekozen voor drie grote hoofdstukken: Groen, Sociaal en Open. Groen heeft betrekking op milieu, ruimte & klimaat, Sociaal gaat over onze linkse prioriteiten (onderwijs, sociaal beleid, zorg), en in Open moeten we de rest bespreken (democratie, emancipatie, veiligheid, internationaal, cultuur). Dat levert wel een aantal problemen op.

Ten eerste: waar laat je huisvesting? Huisvesting staat op het kruispunt tussen groen, sociaal en tolerant. Huisvesting is een groen onderwerp: huizenbouwen kost ruimte, een groen huis bespaart energie, water en gas en sloop is zonde van de grondstoffen. Maar huisvesting is ook een sociaal onderwerp: de huren zijn hoog, de huurwoningen schaars en jongeren vinden moeilijk een huis. Er is ook een verband tussen de overige, open, onderwerpen en huisvesting: mensen willen zeggenschap over hun woonomgeving, gemengde wijken zijn (niet?) goed voor integratie, mooie onder architectuur gebouwde huizen zijn een verrijking van het leven van de bewoners en hun buren. Dus waar laat je huisvesting? In Groen, Sociaal of Open? We hebben nu maar gekozen voor sociaal. Dat was het kortste hoofdstuk. 

Een ander probleem. Er moet een inleiding bij ieder hoofdstuk. Dat maakt er een eenheid van: een inleiding vlecht milieu, klimaat en ruimte tot een verhaal over duurzaamheid; een inleiding verbindt onderwijs, arbeid, inkomen en zorg in een verhaal over eerlijke verdeling; maar met wat voor’n verhaal verenigt veiligheid, democratie, internationaal, emancipatie en cultuur? Die verantwoordelijkheid werd bij mij gelegd:

GroenLinks wil dat Leiden een open stad blijft: een stad die open staat voor de wereld, een gemeente die open luistert naar haar burgers, een samenleving die open is voor iedereen: jong en oud, homo en hetero, man en vrouw, allochtoon en autochtoon.
In een open stad is er bruisend cultureel klimaat. Immers kunst verruimt je blik op de wereld. Ook de gemeente moet een ruime blik houden. Leiden verstevigt haar banden met andere steden van Afrika tot Amerika, en draagt bij aan een eerlijke wereld. Steeds meer Leidenaren komen van buiten Leiden: studenten maar ook migranten en vluchtelingen. GroenLinks koestert de diversiteit in Leiden. We streven naar een tolerante, multiculturele samenleving waar ruimte is voor verschillende levensstijlen, culturen en geloven. Onveiligheid en intolerantie verkleint de ruimte die er is voor verschil. GroenLinks wil onveiligheid voorkomen zonder onschuldige burgers in hun vrijheid te beperken. Leiden is een stad van vrije, autonome, mondige burgers. Juist de gemeente moet luisteren naar de argumenten van de Leidse burgers.

Ik heb gekozen voor Jack Kerouac/John Faulkner/Julio Cortazar-achtige stream of consciousness techniek. Cultuur, internationaal, integratie, veiligheid en democratie worden met elkaar verbonden door subtiele herinterpretaties van het begrip "open": een ruime blik op de wereld, een tolerante samenleving, een luisterende opstelling van de gemeente.

Aardgas Eerlijk Delen

GroenLinks blogger Paul Smeulders wees mij op een interessante aflevering van Andere Tijden over het Nederlandse gas. Nederland ligt toevallig boven op een van de grootste gasbellen van Europa. 25% van al het gas in Europa ligt Nederland. Verschillende Nederlandse politici legden uit hoe gebruik is gemaakt van de aardgasbaten. Van de Oosterscheldekering tot de Betuwelijn alles in Nederland is gemaakt van aardgas. In de jaren ’70 werd het met name uitgegeven aan sociale zekerheid en welzijnssubsidies, in de jaren ’80 en ’90 aan fysieke infrastructuur, en nu wordt het ook uitgegeven aan onderwijs en kennis. In de jaren ’70 zou het geld zijn over de balk gegooid zijn, immers welzijnsubsidies zijn onzin. Dat zeggen ze misschien over 40 jaar ook over onderwijs. De vraag rijst waar we de aardgasbaten aan uit gegeven moeten worden.

John Locke was een van de eerste filosofen die nadacht over het gebruik van grondstoffen. Uitgangspunt voor hem was dat we de aarde met z’n allen delen:

"God, who hath given the world to men in common, hath also given
them reason to make use of it to the best advantage of life, and convenience.
The earth, and all that is therein, is given to men for the support and comfort
of their being."
(Second Treatise on Government, V:26)

Volgens Locke kan iedereen zelf op zijn eigen houtje dingen uit de natuur zich toe eigenen, zolang hij maar genoeg over laat voor anderen, as much and as good zegt Locke. Volgens dat principe zou een bedrijf dus boven op de gasbel gaan zitten en dat zelf verkopen voor de private winst, zolang er maar ergens anders gasbellen zijn voor anderen. Zo simpel is het niet, immers als een bedrijf boven op die Nederlandse gasbel gaat zitten, heeft hij 25% van het Europese gas. Dan eist’ie dus wel een heel groot deel van de grondstoffen op. Daarnaast aardgas is een fossiele brandstof: die gaat op, je kan dus niet as much over laten voor iemand anders. We zullen op een of andere manier samen moeten delen in de gasbaten.

Als de Aarde, en dus het aardgas, van ons allemaal is, dan moeten we dat samen delen. Een opzet is de "Alaskaanse".  In Alaska hebben ze een fonds waar alle oliebaten in komen. Iedere burger krijgt daar een uitkering uit. Dat hadden we ook kunnen doen met de aardgasbaten. Dan kan je er een soort basisinkomen. Met 6 miljard aardgast baten, levert dat zo’n 375 euro per persoon per jaar op. Geen vet pot.

Een basisinkomen is mooi maar een weinig duurzame investering. Het gaat allemaal op aan consumptie. Phillipe Van Parijs beschrijft in zijn Real Freedom for All, hoe we gebruik kunnen maken voor een groot fonds gebruik kunnen maken op zo’n manier dat iedereen daar het meeste baat bij heeft. Als je het geld van het fonds investeert in onderwijs, onderzoek of infrastructuur, dan is de kans groot dat je meer geld verdient dan dat je uitgeeft. Dat is de kern van een investering. Uiteindelijk kan het basisinkomen dan zelfs hoger uitkomen, dan dat het al was.

Maar de Aarde is van ons allemaal. In de aflevering stelde Henk Vonhoff mooi: Nederland = Belgie + Aardgas. Het aardgas heeft ons welvaart gebracht. Eigenlijk is dat heel raar, dat wij wel het voordeel hebben van dat aardgas en de Belgen niet. Als je als Nederlander toevallig op aardgas geboren wordt, betekent dat niet we daar als Nederlanders recht op hebben. Als we genoeg aardgas voor anderen overlaten kunnen we dat zelf op maken volgens Locke. Maar als je geboren wordt op 25% van het Europese aardgas met 4% van de Europese bevolking, kan je niet zeggen dat genoeg voor anderen overlaat.

Je zou dus eigenlijk al de Nederlandse aardgasbaten moeten storten in een fonds dat we als alle wereldburgers delen. JMet 6 miljard euro in aardgasbaten, hebben we precies genoeg geld om iedere wereldburger 1 euro per jaar te geven. Opnieuw geldt dat iedereen die ene euro per jaar op zijn of haar bankrekening zetten niet echt een duurzame investering is. Je kan het beter in infrastructuur en onderwijs steken. Daarbij geldt dat je met een euro gespendeerd in het Afrika meer kan kopen dan in Europa. De investeringen daar concentreren lijkt dan een goed idee.

In die zin zou het dus rechtvaardig zijn om aardgasbaten niet uit te geven aan onze eigen consumptie, wegen of scholen, maar te investeren in de ontwikkeling van de armste landen. Immers we bezitten de aarde met z’n allen, en dus heeft iemand in Burundi evenveel recht op ons aardgas als iemand in Slochteren. En als we dan eenmaal zo’n fonds hebben kunnen we het beter zo uitgeven dat we er het meeste baat bij hebben, investeren dus, en juist in arme landen. 6 miljard euro erbij op de begroting voor ontwikkelingssamenwerking, zou meer dan een verdubbeling betekenen ten opzichte van de5 miljard euro die we er nu aan uit geven. Lijkt me toch eerlijker dan die Oosterscheldekering

Tom van der Lee: een profiel

ImgTom van der Lee vertrekt naar NOVIB, zo lees ik vandaag op de NOVIB site. Van der Lee is op dit moment nog hoofd politieke coordinatie & voorlichting van de GroenLinks fractie. Hiermee vertrekt een van de meest invloedrijke GroenLinksers. Een profiel.

Van der Lee, zo vertelt De Volkskrant, is al 19 jaar werkzaam bij de GroenLinks fractie. Van der Lee (44) werkte dus al sinds zijn 25e bij de partij. Na zijn studie Politicologie (in het bijzonder leer der internationale betrekkingen) was hij tussen 1990 en 1993, als fractiemedewerker, met name bezig met financien. Daarna werd hij politiek coordinator en hoofd voorlichting. Een post die hij 16 jaar hield.

Van der Lee is niet een van de meest zichtbare GroenLinksers. Soms schrijft hij -met de partijleider- mee aan een hoofdstuk in een bundel of een opiniestuk in de krant. Soms komt hij in de krant als voorlichter over luchtige onderwerpen (Is Femke Halsema een Elizabeth Taylor impersonator?) vaak over serieuze onderwerpen (zaak Pormes bijvoorbeeld), bijna altijd gaat het over personen.

Hij speelt echter een belangrijke rol achter de schermen. Rosenmoller beschrijft in zijn boek Een mooie hondenbaan hoe Van der Lee op allerlei cruciale momenten een belangrijke rol speelt: "Ook Tom van der Lee was die avond aanwezig zoals hij altijd en overal aanwezig was en ons diende van zijn scherpe analyses en afwegingen" (Rosenmoller, 2003:117). Inderdaad in het boek van Rosenmoller is Van der Lee al om tegenwoordig: fractie vergadering voorzitten, deelnemen aan overleggen, mee denken bij voorbereidingen, overal duikt Van der Lee op. Hij lijkt de persoon te zijn die binnen de fractie denkt aan  de lange termijn strategie, gericht op regeren. Samen met Rosenmoller ontwikkelde hij de strategie van kwaliteitsoppositie die de partij in 1998 een grote verkiezingsoverwinning opleverde. Hij leidde echter ook in 2003 de campagne waarbij GroenLinks 2 van de 10 zetels verloor

In de negentien jaar dat hij voor de fractie werkte, "overleefde" Van der Lee vier partijleiders (Beckers, Lankhorst, Ina Brouwer en Rosenmoller). Van Rosenmoller was hij een close adviseur. Hij was nauw betrokken bij de beslissing van Rosenmoller om zich terug te trekken in 2002 en bij de keuze voor Halsema als zijn opvolger. Door sommigen wordt hij als een van de invloedrijkste GroenLinksers gezien, in de woorden van Leo Platvoet"Mr. Spindoctor himself, Tom van der Lee, sinds jaar en dag de ‘politiek coördinator’ van de Tweede Kamerfractie en daarmee de machtigste persoon in GroenLinks."

Als je wilt zien hoe belangrijk Tom van der Lee is, moet je maar eens op zoek gaan naar beeldmateriaal van belangrijke GroenLinksers door de gangen van de Tweede Kamer, in campagnetijd of na een lijsttrekkersdebat. Zie je Rosenmoller of Halsema dan kan je bijna zeker ergens op de achtergrond Van der Lee zien staan. Hij was werkelijk altijd en overal aanwezig.

Cameron’s ragtag band of Euroskeptics

Vandaag werd bekend dat er een nieuwe fractie in het Europees Parlement is gevormd: de European Conservatives and Reformists. De spil van deze fractie is de Britse Conservative Party die zich niet langer thuis voldoende in de door pro-Europese Christen-democraten gedomineerde European People’s Party. Het is onderdeel van de nieuwe koers van David Cameron, die de Britse conservatieven wil brengen als een Euroskeptische partij maar ook een partij die opkomt tegen klimaatverandering en voor een betere publieke sector en zich liberaal opstelt in ethische kwesties. De nieuwe groep bestaat uit rechtse, conservatieve Euroskeptici van allerlei kleuren en smaken. Geen samenhangende club zoals de PES van Europese sociaal-democraten.

Naast de Britse conservatieven zijn er eigenlijk maar twee grote leden: de Tsjechische Democratische Burgerpartij (ODS) en het Poolse Recht en Rechtvaardigheid (PiS). De ODS is een conservatieve, pro-markt Euroskeptische partij met haar wortels in de anti-communistische beweging. De Hans Wiegel van de partij (een voormalige leider die eigenlijk niet weg wil) Vaclav Klaus beschouwt Brussel als het nieuwe Moskou. Hij heeft een boel rare opvattingen: klimaatverandering komt niet door de mens en het homohuwelijk een gevaar voor de Tsjechische samenleving.

Het zijn dat soort opvallende opvattingen waar Recht en Rechtvaardigheid in grossiert. Deze partij is op cultureel vlak uitermate conservatief: homohuwelijk, abortus, euthanasie het mag allemaal niet. Maar de partij staat in het centrum waar het gaat om economische vraagstukken. Eigenlijk een Christen-democratische partij.

Daarnaast zijn er vijf eenlingen die zich bij de Euroskeptici hebben aangesloten: de Lijst Dedecker, geleid door ieman die wel de Geert Wilders van Vlaanderen wordt genoemd. Naar eigen zeggen is het een klassiek-liberale partij, maar deze partij verzet zich wel tegen het cordon sanitair dat het Vlaams Belang uit de regering houdt, wil banden leggen aan immigratie en snelle naturalisatie en migrantenstemrecht.

Een andere eenling is het Letse voor Vaderland en Vrijheid, de partij heeft er altijd voor gestreden om de russische minderheid burgerrechten te ontzeggen.

Nog een eenling is het Christen-democratische Democratisch Forum uit Hongarije, een centrum-rechtse partij die zich altijd heeft in gezet voor de positie van Hongaren in het buitenland.

Een van de drie MEPs van de Finse Centrumpartij heeft zich ook bij het geheel gevoegd. De Finse partij is een groene middenpartij, die verder bouwt op een boerenachterban. De partij is altijd skeptisch geweest over Europese integratie.

En, als klap op de vuurpeil: de laatste partij is de ChristenUnie. De SGP mocht niet mee doen vanwege haar standpunten over vrouwen. De CU toont haar ware gezicht, als groene partij sluit ze zich aan bij klimaatontkenners, als sociale partij sluit ze zich aan bij economisch liberalen, als partij die barmhartigheid voor vluchtelingen preekt sluit ze zich aan bij partijen die het van anti-migrantensentimenten moeten hebben. En als Christelijke partij breekt ze met de SGP. Mooie club.

Politieke Ruimte maken

Van het weekend had ik twee interessante gesprekken over hoe je politieke ruimte kan maken. In twee verschillende gevallen ging het over hoe je wat bereikt als amateur politicus (raadslid of politieke jongere): niet door dwars je kont tegen de krib te gooien of monistisch ja en amen te zeggen, maar juist door slim eigen initiatief kan je ruimte maken voor de professionele politicus (wethouder of tweede Kamerlid).

Het eerste voorbeeld is gaat over een DWARS en de GroenLinks Tweede Kamerfractie. Bij het denken over DWARS schetst men vaak twee uitersten: of je bent een kritiese luis in de pels die probeert iedere verrechtsing van GroenLinks te bestrijden door hard te protesteren. Of je bent een pak actievoerders dan wel een kweekvijver die leuke enthousiaste flyeraars levert, hands on bestuurders of jonge parlementariers. Een tegenstelling tussen idealistisch en praktisch. Maar dat is niet helemaal waar. Als parlementarier kan je een boel dingen niet maken, je kan, bijvoorbeeld geen pand kraken. Maar toch is kraken een prachtige manier om aandacht te trekken voor gebrekkige huisvesting. Maar je kan natuurlijk wel een pand dat gekraakt is door je jongerenorganisatie bezoeken om zo aandacht op het probleem te vestigen. Dat geldt voor een gekraakt pand, een bezet bos, een groep jongeren vast geklonken aan een hek. Dan ben als politieke jongere niet alleen dwars, radicaal en krities, of studentikoos, volgzaam en gematigd. Best of both worlds: een samenspel tussen activistisch en nuttig.

Een zelfde dynamiek geldt ook voor de relatie tussen wethouder en raadslid. Als ik af en toe naar de Leidse raadsvergadering ga, zie ik de Leidse raadsleden van de coalitie zitten. Dat moet een saaie baan zijn. Drie uur je mond houden, terwijl de oppositie raast en tiert. Je handen niet opsteken als er motie in stemming komt. De sprekers van de oppositie niet interrumperen, maar hun gang laten gaan. De wethouder moet zich zelf maar verdedigen. Er lijken dus twee opties te zijn: als coalitiepartij braaf luisteren en monistisch stil zitten, of als oppositiepartij razen en tieren. Maar in een van de orienterende bijeenkomsten voor raadsleden die ik dit weekend bezocht (als lid van de kandidatencommissie) werd er een andere dynamiek geschetst: als wethouder moet je je neerleggen bij de compromissen in het college. Je hebt als kleine coalitiepartij maar een wethouder. Een van de vijf. Die kan niet in zijn eentje ieder gevecht winnen. Een fractie en zeker een beetje een opstandige fractie is dan een prachtig middel in het schaakspel. Een wethouder kan een plan waar hij zelf tegen is, tegen houden door te wijzen naar zijn fractie. Dit plan zal de fractie niet accepteren. Tot nu toe heb ik ze altijd aan de toom gehouden maar dit gaat ze echt te ver. Een goed getimede motie kan het imago van een rebelse fractie bevestigen, zelfs of misschien wel juist als die motie het niet haalt. Een wethouder met een onafhankelijke fractie kan veel meer bereiken. Wederom gaat het om het samenspel tussen nuttig en rebels.

Voor zowel de wethouder als het tweede kamerlid kan een sterke, onafhankelijke PJO c.q. raadsfractie een aanwinst zijn. Die kan "politieke ruimte" voor je maken, om de agenda c.q. beleid te beinvloeden. Hiervoor is volgzaam monistisch gedrag niet genoeg maar moet je ook niet vervallen in kritisch zijn om het kritisch zijn. Een onafhankelijke pjo of raadsfractie kan een tweede kamerlid of wethouder laten doen wat hij eigenlijk echt wilt maar in zijn positie niet kan.

StemWijzer? StemRuimte!

Ik beloof dat dit voorlopig mijn laatste blogje zal zijn over Europa. Toen ik even op mijn blog keek zag ik dat ik al bijna 14 dagen over niets anders heb geblogd.

Wnominateplot
Maar mijn collega Tom Louwerse had vandaag op zijn blog zo’n mooi ruimtelijk model dat ik hem toch wil laten zien.  Hij heeft met WNOMINATE gekeken welke structuur er ligt onder de stellingen van de stemwijzer. Hij laat hiermee zien wat Martin Rosema al in de Volkskrant schreef: de belangrijkste tegenstelling is (ten onrechte?) meer of minder Europa.

De horizontale dimensie stelt de PVV tegenover GroenLinks en D66. Dat mengt de tegenstelling tussen links en rechts en tussen open en gesloten. Daartussen staan middenpartijen PvdA, VVD en CDA. De verticale dimensie stelt de SP en PvdD tegenover de ChristenUnie/SGP. Alle drie die partijen zijn (centrum-)links en Euroskeptisch. Wat onderscheidt hen? Christelijke waarden misschien, maar ook commitment aan milieu en dierenrechten.

Wat in elk geval opvalt is dat er een heel andere tegenstelling is het stemwijzer dan in het kieskompas. Andre Krouwel ziet een tegenstelling tussen pro- en anti-Europa en links en rechts. In de stemwijzer wordt deze tegenstelling gefuseert. Het roept in elk geval de vraag op welke tegenstelling er nu echt domineert in de Europese politiek. Is de tegenstelling tussen SP-PvdD en CU/SGP echt zo belangrijk?

Voorkeursstemmen

De kiesraad geeft de uitslag van de Europees Parlementsverkiezingen bekend gemaakt. Voor GroenLinks zitten er geen verschuiving in. Maar de uitslag is heel interessant.

GroenLinks kiezers zijn geen voorkeursstemmers. 80% van de stemmen gingen naar de lijsttrekster Judith Sargentini. Daarop volgt Marije Cornelissen met 3.6% van de stemmen. Een aantal mensen stemmen toch op de eerste vrouw die niet de lijsttrekker is. Dan pas volgt de eerste man op de lijst Bas Eickhout (3.4%). Vervolgens Nadya van Putten (#5, 2.4%). Dan lijstduwer Kathalijne Buitenweg (2.3%), Isabelle Diks (#7, 1.4%) en Laura Punt (#11, 1.2%). De laatste kandidaat met meer dan 1% van de stemmen is Niels van den Berge (#4, 1.1%).

StemmenlijstZijn er groepen op de GroenLinks lijst die meer voorkeurstemmen krijgen dan anderen? Er is een sterke negatieve samenhang tussen de plaats op de lijst en het aantal voorkeursstemmen (pearson’s r = -0.5). Hoe lager het getal naast je naam op de lijst staat (Bas is dus #2), destemeer voorkeursstemmen krijg je. Speciaal voor Harmen: de samenhang tussen plek op de lijst en aantal voorkeursstemmen gevisualiseerd.

Daarnaast vrouwen krijgen aanzienlijker meer voorkeursstemmen dan mannen. Uitgezonderd de lijsttrekker, krijgen vrouwen gemiddeld 1.7% van de stemmen voor de hele lijst en mannen maar 0.8%.

Daarnaast krijgen veel regiokandidaten steun uit hun regio. Laura Punt (raadslid in Assen) krijgt de meeste stemmen in de kieskringen Groningen en Assen. Isabelle Diks (wethouder in Leeuwarden) krijgt de meeste stemmen in de kieskring Leeuwarden. In Marije Cornelissen (Amsterdam) krijgt de meest stemmen in de kieskringen Zwolle, Lelystad, Amsterdam, Den Helder en Leiden. Bas Eickhout (Utrecht) krijgt de meest stemmen in kieskringen Nijmegen, Utrecht en Den Bosch. Putten (Rotterdam) krijgt de meeste stemmen in Rotterdam en Dordrecht maar ook in Den Haag (poststemmen uit de Antillen). Strik (senator, oud-wethouder in Wageningen) krijgt de meeste stemmen in Arnhem. Niels van den Berge (formeel woonachtig in Middelburg) krijgt de meeste stemmen in de kieskring Middelburg. Karin van den Berg (Drimmelen) krijgt de meeste voorkeursstemmen in Tilburg. Toine Wuts (Swalmen) krijgt de meeste voorkeursstemen in de kieskring Maastricht. Regio kandidaten doen het dus wel goed, misschien niet zo goed als CDA’ers, maar wel aardig.

Allochtone kandidaten doen het vaak goed bij linkse partijen. De twee allochtone kandidaten, waarvan dat zichtbaar is aan hun naam, Inti Suarez en Kosta Skliris, doen het niet beter dan andere mannen met gemiddeld 0.4% van de stemmen. Bij de PvdA heeft tweede vrouw en Turkse Nederlander Emine Bozkurt de meeste voorkeursstemmen van allen. Erdogan Kaya van de SP doet het best wel aardig voor een kandidaat met 2326 zo laag op de lijst. Osman Bicen van D66 krijgt 6713 stemmen, dat is best wel veel voor iemand zo laag staat. Maar geen schokkende uitslagen voor allochtonen. Vijf jaar geleden kwam Bozkurt er juist met voorkeurstemmen in.

In conclusie: bij deze Europese verkiezingen krijg je de meeste voorkeurstemmen als vrouwelijke regio kandidaat met Hollandse roots …  daar stond de lijst van het CDA dit jaar vol mee.

GroenLinks en D66 Leiden in Europa

Zetelverdeling09

Een boel Leidse GroenLinksers die ik sprak over de Europese uitslag waren vrij enthousiast. We gaan naar 16.8% in Leiden. De tweede partij. Wat gebeurt er als we als we de uitslag vertalen naar de Leidse situatie? David en Michel deden het al voor hun gemeenten.

Als we de uitslag 1:1 door rekenen is hij veel belovend. D66 vervijfvoudigt (van 2 naar 10). GroenLinks verdubbelt ongeveer van 4 naar 7. De Leefbaren krijgen de winst van de PVV: van 3 naar 5. Buiten die drie partijen zijn er enkel verliezers: CDA valt van 5 naar 3. PvdA van 10 naar 6. VVD van 6 naar 4. SP van 7 naar 3. CU van 2 naar 1. Het figuur hiernaast laat het allemaal zien.

Er zijn dan verschillende coalities waarschijnlijk: D66 neemt het initiatief als grootste partij. De paarse coalitie van D66/PvdA/VVD heeft meerderheid van 20 zetels. Een linkse coalitie van D66/PvdA/GL heeft een meerderheid van 23 zetels. Een rechtse coalitie van D66/CDA/VVD/Leefbaar haalt 22 zetel). Een oppositiecoalitie van D66/SP/CU/Leefbaar haalt het net niet (19 zetels). De huidige coalitie zou ook kunnen worden door gezet (PvdA/CDA/VVD/GL): 20 zetels. 

Maar dit is natuurlijk geen waarschijnlijke uitslag: er komen meer kiezers op -hopelijk- en zeker andere kiezers. Kiezers laten hun stem bepalen door andere thema’s. In Leiden zijn dat de RijnGouweLijn, de Oostvlietpolder, de Ringwegen, de referenda. U weet wel die thema’s waar onze wethouder verantwoordelijk voor is. Dat gaat GroenLinks zeker stemmen kosten bij de gemeenteraadsverkiezingen. Die 16.8% is het potentieel van GroenLinks in Leiden als die thema’s niet spelen. Wat we kunnen bereiken als al die hoofdpijndossiers niet spelen.

Met het licht op die dossiers  zou ik toch rekenen op winst voor D66, SP en Leefbaar en stabiliteit voor de ChristenUnie, ten koste van GL, CDA, VVD en PvdA. Ik verwacht dat een anti-RGL oppositiecoalitie van sociaal-liberalen, socialisten, populisten en christenen een serieuze optie kan worden.

Europa kleurt Groen?

Een grote feestende meute op de PlaneetGroenLinks. GroenLinks staat in de plus en in ons kielzog staan alle Europese groenen op winst. Hoogste nationale percentage 16.8 in Luxemburg, vlak daarbij in de buurt DCB‘s Europe Ecologie (bijna even groot als de Parti Socialiste) en mijn eigen favoriete partij van heel Europa, de Deense Socialistische Volkspartij. Samen gaat de Groene fractie van 42 naar 52! 44 daarvan zijn "echte" groenen 8 zijn progressieve regionalisten en de voorgenoemde Deense linkse socialisten. Dat is veel meer dan ik in Januari voorspelde. De groenen zijn zelfs (weer) de vierde partij na de liberalen, de socialisten en de Christen-Democraten. Met een beetje tactiek en geluk kunnen ze nog een zetel of drie bij krijgen (van o.a. piraten, dieren, Russen).

Maar politiek draait om meerderheden. 52 zetels is een mooie score. Maar op een parlement van 736 is het geen meerderheid. Wetenschappelijk onderzoek laat zien dat er zijn grofweg drie mogelijke meerderheden in het Europees Parlement zich voor doen:

  • De grote coalitie van de twee grootste partijen sociaal-democratische PES en centrum-rechtse EPP. Zij staan tegenover de kleinere groeperingen, als een regering tegenover de oppositie. De PES en de EPP behouden hun meerderheid (161+263=424>369). Die kan potentieel nog wel groter worden als nieuwe nog non-aligned parties zich verdelen (waaronder de Italiaanse Democraten). Dat is slecht nieuws voor de groenen want de grote coalitie houdt vaak de kleine partijen buiten de besluitvorming en de baantjes, zoals voorzitter van het Europees Parlement.
  • Daarnaast is er een dynamiek tussen economisch links en rechts. Als we links benoemen als de socialistische UEL, de sociaal-democratische PES en de EG/EFA en de Italiaanse Democraten, dan krijgen zij geen meerderheid (33+161+52+22=268<369). Economisch rechts, de liberale ALDE, de centrum-rechtse EPP en Euroskeptisch rechts van allerlei allooi houdt een meerderheid.
  • Op andere thema’s is er een dynamiek tussen progressief en conservatief: dat is economisch links + de liberale ALDE. In het vorige Europees Parlement hadden de progressieven een meerderheid. Nu zijn ze samen goed voor 348 (=33+161+52+22+80) zetels. Dat is te weinig voor een meerderheid. Buitenweg’s anti-discriminatierapport zou er nu niet doorheen komen, door een conservatieve meerderheid van Euroskeptici, conservatieven, nationalisten en Christen-Democraten.

Maar naast de samenstelling van het parlement doet ook de samenstelling van de fracties er toe. Immers in die fracties wordt de politieke lijn vast gesteld. 

  • De samenstelling van veel partijen verandert sterk. Met name de EPP verkleurt. Deze groep is ooit begonnen als een Christen-Democratische groep. Een groep van het Christelijke centrum. Nu zijn echter de Christen-Democraten bij lange na niet meer de grootste substroom. Rechtsere beschaafde populisten zijn nu de grootste substroming: dat zijn partijen als de Franse UMP, de Spaanse PP, de Italiaanse Popolo della Liberta, de Portugeese PSD en de Griekse ND zijn nu de grootste substroming. 80 zetels voor klassieke Christen-Democraten tegenover 106 zetels voor conservatieven. De EPP zal dus naar rechts verschuiven.
  • Binnen de ALDE houden de klassieke, rechtse en de progressieve, linkse liberalen elkaar net in balans. Ongeveer 40/40 schat ik. De twee grootste partijen in de formatie zijn de Duitse FDP (12) een soort VVD en de Britse LibDems (11) een soort D66. Het toetreden van leden van de Italiaanse Democraten kan de balans laten doorslaan naar links. Maar zonder die leden zou ook deze centrumpartij meer naar rechts kunnen door schuiven.

Geen groene zomer dus in het Europees Parlement, maar een kille rechtse
winter. En dat terwijl we in een tijd van economische, ecologische en
culturele crisis juist een linkse, groene en progressieve meerderheid
nodig hadden in het Europees Parlement

3 zetels?

Met 97% van de stemmen geteld staat GroenLinks op 3 zetels. Een mooie uitslag. We zijn daarmee even groot als de PvdA, de VVD en D66. De twee keer dat ik mee ging campagne voeren met landelijk, kwam ik toch wat skeptisch terug. Geheel onterecht dus. Mijn felicitaties gaan uit naar Judith Sargentini, Bas Eickhout en dus naar alle waarschijnlijkheid, Marije Cornelissen, maar ook naar de campagneleider Jaap de Bruijn en zijn team, die een prachtige campagne hebben neer gezet.

Ook is er mooi kleiner verkiezingsnieuws: GroenLinks is de grootste partij geworden in de linkse studentenstad Nijmegen (21%) en op de Antillen, dankzij Nadya van Putten. In heel veel steden deden we het heel goed we op #2 in: Utrecht (21%), Amsterdam (20%), Haarlem (20%), Wageningen (20%), Leiden (17%), . Vaak maar een haar verwijderd van D66.