David en Benjamin

Het is geen ondenkbeeldige situatie: na de Tweede Wereldoorlog vluchten twee Joodse broers, David en Benjamin, uit Europa. Ze hebben de verschrikkingen van het Nazi-regime ter nauwernood overleeft. David, de oudere broer vlucht naar Amerika (New York) en Benjamin, de jongere naar Brits Palestina, dat snel onafhankelijk Israel zal worden.

Ze moeten allebei hard werken: in Amerika geldt dat iedereen door hard werk zichzelf verder kan helpen, in Israel bouw je mee aan de Joodse staat. En zo werkt David als schoonmaker,  krantenverkoper, en uiteindelijk journalist. Benjamin werkt in een kibboets, een collectieve boerderij, voor het algemeen belang.

Natuurlijk vinden beide broers liefde in hun nieuwe vaderland: zowel op het Israelische platteland als in een stad als New York is er bruisende Joodse gemeenschap van migranten uit Europa. David trouwt met Rachel, die uit Polen gevlucht is, en Benjamin met Hannah, net als hij zelf een vluchteling uit Nederland.

Maar dan komt er een belangrijk verschil: waar David in Amerika leeft en dus in vrijheid en veiligheid, leeft Benjamin in Israel, een land dat voortdurend in oorlog is met haar buurlanden: in 1948 vallen de Arabische buurlanden in 1956, 1967 en 1973 volgen respectievelijk de Suez-oorlog, Zes-daagse oorlog en de Yom Kippoer oorlog. Maar zelfs binnen Israel is geweld nooit ver weg: Israelische burgers worden voortdurend bedreigd met aanslagen van terroristen. En dat heeft ook gevolgen voor de levens van Benjamin: hij moet zelf in het leger dienen. Zijn twee zoons David en Yitzak moeten dat ook. Yitzak is blijvend verlamd door een ongeluk met een Tank tijdens de Yom Kippoer oorlog. Ook zijn dochter Esther dient in het leger – achter de linie als administratief assistent. Maar zelfs als Israel niet in oorlog is, leeft Benjamin en zijn familie onder de voortdurende dreiging van terrorisme. In een aanslag op een bus komt David samen met zijn vrouw (Sarah) en zijn zoon om (Abraham).

Vergelijk dat met David: New York heeft een sterke Joodse gemeenschap, die in de veiligere wijken van de stad woont. Zijn zoons (Aaron (Ron), Benjamin (Ben) en Zacharias (Zach)) kunnen studeren, en hoeven niet in het leger te dienen. Ze klimmen op tot zakenman (Ron), professor (Ben) of kunstenaar annex taxichaffeur (Zach). Ron en Zach trouwen en krijgen kinderen: Ron met een Joodse (Rebecca – but call me Becky) en Zach met een zwarte jazz-zangeres. Ben komt, het is begin jaren '80, met een vriend thuis. In New York kan het allemaal, – voor een prijs natuurlijk.

Het is een simpele vraag: wie zou u liever gevolgd zijn, als u in die situatie zou leven? Zou u liever naar Israel gevlucht zijn of naar New York? Waar is vrijheid, de kans om te leven zonder angst of geweld groter? Zou u "herkenbare Joden" adviseren om naar Israel te vluchten?

Schijn-argumenten en valse vergelijkingen

In De schijnélite van de valse munters werkt Martin Bosma, de denker achter Geert Wilders, het gedachtegoed van de PVV uit. Het is een opvallend mengsel van ontegenzeggelijke feiten, opvallende omissies en valse vergelijkingen.

De kern van het argument komt ongeveer op het volgende neer: Links heeft haar traditionele achterban verraden. In de jaren '60 is de PvdA overgenomen door de radicalen van Nieuw Links. Eerst legden ze de partij een cultureel Marxisme op en verlegden ze de orientatie van de PvdA naar communistische en derde wereldlanden. Toen de Muur viel, verlegde ze hun orientatie naar allochtonen. De PVV staat in de traditie van de oude PvdA van Drees en De Kadt: anti-communistisch en anti-immigratie. De PVV verdedigt Nederlandse waarden als de gelijkheid tussen mannen en vrouwen en homo's en hetero's.

Laat ik voor dat ik de rest van de argumenatie fileer, een ding voor op stellen: Te lang is de discussie over immigratie beheerst door persoonlijke aanvallen. Sterker nog: door geen onderscheid te maken tussen de argumenten en de personen, kunnen mensen hier -onterecht- de legitimatie van gewelddadige actie in zien: kill the messenger end the argument. De brand in Kedichem en de moord op Fortuyn zijn hier trieste dieptepunten van. Bosma wijst hier terecht op. Echter -en dit zien we vaker terug in het boek- hij is hier niet consequent in: als hij verwijst naar opiniemakers die zich kritisch uitlaten over de PVV (zoals Max van Weezel of Geert Mak) dan wordt hun voormalige lidmaatschap van de CPN of PSP hier uiteraard bij genoemd. Een redelijke discussie over immigratie moet gevoerd worden op argumenten en niet op personen, en zonder welke vergelijking met de Tweede Wereldoorlog dan ook. Het is mijn doel dan ook om de argumenten van Bosma hier kritisch te bekijken, onafhankelijk van de persoon.

De waardeloosheid van ad hominem en analogie-redeneringen is goed zichtbaar in het boek: Bosma besteedt een groot deel van zijn boek aan het aantonen dat Hitler "links" is. Ook Hitler was namelijk een socialist. Hij maakte de markt ondergeschikt aan de overheid en creeerde een samenleving waarin mensen van alle klassen om hoog konden groeien. Regelmatig verwees Hitler naar het socialisme. Alles wat extreem-rechts genoemd wordt staat volgens Bosma in deze traditie en is hiermee dus extreem-links. En daarmee kan de PVV niet als extreem-rechts gezien worden. Dit is echter een zeer rare argumentatie: als de PVV in de traditie van de oude PvdA staat, dan is de ook de traditie van het streven naar een sterke overheid en een eerlijke maatschappij. En daarmee is de PVV ook socialistisch en dus links.

Een ander element van het "linkse" van de NSDAP dat Bosma noemt, is het feit dat er veel dierenvrienden en vegetariers tussen zitten. Dit is opnieuw uitermate curieus: als dat een partij links maakt, wat is er dan aan de hand in de PVV waar Bosma (zelf vegetarier) en Graus (zelf dierenvriend) in zitten? Sterker nog Bosma wijst er vrij expliciet op dat de Femke Halsema geen vegetarier is. Volgens de redenering van Bosma is de PVV zelf een linkse partij in de traditie van NSDAP. Dit laat in mijn ogen slechts zien dat de redeneringen op basis van oppervlakkige gelijkenissen en anologieen slechts retorisch waardevol zijn en slechts door kans waarheid in zich bevinden.

Maar genoeg bijzaken: de kern van het argument van Bosma is dat "links" sinds de jaren '60 door haar culturele Marxisme en haar acceptatie van de Islam haar eigen achterban en idealen heeft verwaarloosd: door de groeiende aanwezigheid van moslims worden de rechten van homo's en vrouwen onderdruk gezet. Deze argumentatie doet de complexiteit van de werkelijkheid geen goede zaak: voor zo ver als de PvdA na de jaren '60 cultureel Marxistisch is, was het ook in deze periode dat de PvdA zich begon in te zetten voor de rechten van homo's. Als de PVV de Nederlandse waarden (van de PvdA) van de jaren '50 verdedigt, dan kan homo-emancipatie daar geen onderdeel van zijn.

De Islam is in de ogen van Bosma een gevaarlijke ideologie, die uit is op wereldheerschappij. We moeten oppassen met het toe laten van moslims in ons land omdat zij zelfs als ze in de minderheid zijn aan ons hun wetten kunnen opleggen. Echter hier toont Bosma zich regelmatig zeer inconsistent: soms heeft hij het over het feit dat binnenkort in Nederlandse steden er een meerderheid allochtoon is, soms richt hij zich op bepaalde groepen die in hoge mate uitkeringsafhankelijk of misdadig is. Is het probleem nou de Islam of immigratie? Kunnen we wel Christelijke asielzoekers toe laten? Zijn alle migranten niet te vertrouwen? Of gaat het specifiek om Moslims?

Bosma laveert tussen het verwijten dat links naief is en bewust onwelwillend. Staan ze slechts toe dat moslims ons land binnen komen om daar vervolgens de machts over te nemen, of is het zo dat "[w]aar Links en de Islam samengaan, [het] met onze vrijheid snel [is] gedaan" omdat Links moslims binnenhaalt om de macht over te nemen?

Dit lijkt me al met al een perverse redenering. We laten asielzoekers en gezinsmigranten toe omdat we vinden dat dit rechtvaardig is. We kunnen toch geen mensen uit zetten die oorlog en onderdrukking ontvluchten? En we kunnen toch geen huwelijken verbieden omdat het ene lid toevallig in Nederland woont en de ander in een buitenland? En in een liberale maatschappij staan we mensen toe om hun eigen geloof te behouden. Niet omdat onze eigen cultuur weinig waard is, maar omdat de kern van het liberalisme, een overheid is die de vrijheid van mensen beschermd. Inbreuken op de vrijheden van mensen worden niet getolereerd, dus verzetten we ons tegen het onvrijwillig thuis houden van vrouwen, genitale verminking en het oproepen tot terroristisch geweld. Echter waar culturele verschillen een vrijwillige keuze zijn en wij het slechts afwijzen uit smaak dan geldt er individuele vrijheid. Hoofddoekjes verbieden we dus niet, omdat we het "vodden" vinden. Ik vind liberale waarden superieur aan andere waardenstelsels, maar deze waarden zijn niet absoluut. Het betreft het beschermen van culturele en religieuze vrijheden, zolang er heldere grenzen gesteld worden om deze vrijheden voor iedereen te beschermen.

Bosma wil echter de individuele vrijheid van Moslims sterker beperken: als een moslima uiterlijk wil laten zien dat ze moslima is door een hoofddoek te dragen moet ze hier een belasting voor betalen ("kopvoddentaks"), er mogen geen nieuwe moskeeen gebouwd worden, de Koran mag niet meer verkocht worden, mensen met een paspoort uit een Islamitisch land mogen geen leidinggevende posities vervullen in de overheid. Dit lijkt opvallend veel van de situatie van dhimmitude (onderschikking aan de Islam door Christenen en Joden) die Bosma beschrijft: een speciale beschermingsbelasting ("djizya") voor mensen die zich niet willen beperken tot de Islam, er mogen geen nieuwe kerken en synagoges gebouwd worden, de bijbel mag niet (openlijk) verkocht worden, dhimmi's mogen geen leidinggevende posities in het leger hebben. Alsof Bosma en Wilders de agenda van de radicale islam hebben overgenomen, en hebben omgedraaid. Bestrijdt vuur met vuur.

Bosma's boek zit dus vol met valse vergelijkingen: Hitler was een socialist en dus links, maar de PVV staat ook in de socialistische traditie van Drees maar niet links. Hitler was een vegetarier en dus links, maar Bosma zelf was ook een vegetarier maar niet links. Het boek zit ook vol met zwakke argumenten: gaat het Bosma nu om massa-immigratie, of moslim-immigratie? Wil Bosma de waarden van de jaren '70 zoals homo-emancipatie, beschermen of verkettert hij de jaren '70? Verwijt Bosma nu links dat ze tolerant zijn voor intolerantie? Of is Bosma door zijn eigen agenda te vergelijken met de intolerantie die hij anderen verwijt?

DWARS door Grenzen: Frankrijk

Links in Frankrijk is verdeeld in vele partijen, groeperingen en allianties: zo is er binnen links sterke verdeling tussen communisten en socialisten en radicalen en republikeinen. Het kiesstelsel dwingt deze partijen samen te werken. Frankrijk heeft een districtenstelsel met twee ronden: die twee partijen die in de eerste ronde de meeste stemmen halen in een district, gaan in de tweede ronde de strijd aan voor die ene zetel. In de eerste ronde wordt dus een grote verscheidenheid aan partijen gekoesterd, maar in de tweede ronde wordt iedereen gedwongen te kiezen vaak voor een kandidaat van een links blok of van een rechts blok.

Groene politiek in Frankrijk heeft een lange tijd geweigerd te kiezen voor een van deze twee blokken. De leider van de Franse groene echode de Nederlandse CDA-leider Van Agt met zijn stelling dat groene politiek noch links, noch rechts was. Immers de vernieuwende ideeën van de Franse Groenen over een alternatieve, groene samenleving stond veraf van de nadruk van links en rechts op productie, economische groei en industrie. In de jaren ’90 braken De Groenen met deze koers en traden zij toe tot de linkse alliantie. Dit brak de groenen echter wel op: een groepering splitste af om de onafhankelijke koers door te zetten, maar ook bij de rechtse alliantie trad een groene partij toe. Dit zijn echter in electorale zin irrelevante partijen.

De Franse Groenen traden in 1994 toe tot La Gauche Plurielle, Veelvormig Links: een alliantie rond de grote machtige Socialistische Partij, zelf geplaagd door facties van pro-Europese sociaal-democratische en Euroskeptische socialistische signatuur. Sinds jaren is de Socialistische Partij geallieerd met de Radicale Partij van Links, een gematigde sociaal-liberale partij. Ooit was de Communistische Partij de belangrijkste tegenstander van het Franse socialisme, maar ook de Communistische Partij, die veel van haar stemmen en macht verloren is, is nu onderdeel van de linkse alliantie. Naast de Groenen is er nog een partij onderdeel van de linkse alliantie, de Republikeinse Burgerbeweging, die linkse idealen combineert met de principes van de Franse Republiek en daarom sterk euroskeptisch is. In de regering heeft deze bonte stoet van linkse partijen gematigde hervormingen weten te bereiken.

Een belangrijke tegenspeler van de veelvormige, maar gematigde alliantie van links, is het Trotskyisme. Dit is een revolutionaire, buitenparlementaire communistische beweging die fel antikapitalistisch en Euroskeptisch is. Bij de presidentsverkiezingen van 2002 wisten twee Trotskyistische partijen zoveel stemmen van de socialistische partij te winnen dat er geen kandidaat van de linkse alliantie bij de tweede ronde van de presidentsverkiezingen doordrong. Frankrijk had de keuze tussen een rechtse en een extreem-rechtse kandidaat. Sindsdien hebben de Trotskyisten een belangrijke rol als zweeppartij die de gematigd linkse partijen herinnert aan hun idealen.

Net als in Duitsland zijn het de laatste jaren de Groenen die het erg goed doen in de peilingen en (second order) verkiezingen. Bij de recente Europese verkiezingen haalden de Groenen ("Europe Ecologie") evenveel zetels in Frankrijk als de Socialisten. Europe Ecologie verzamelt milieu- en mensenrechtenactivisten met allerlei achtergronden. Dit nieuwe Groene project werd voortgezet, ze deden het aardig bij de regionale verkiezingen en heeft nu de anti-corruptie rechter Eva Joly als kandidaat gekozen voor de presidentiele verkiezingen van 2012. Ze zijn nu de tweede partij op links in de peilingen.

Euphemistisch gezegd wordt groene en linkse politiek in Frankrijk gekenmerkt door “eenheid in verscheidenheid”, maar eigenlijk is het tot op het bot toe verdeeld: Groene politiek is verdeeld over de vraag of Groene idealen het beste zijn te verenigen met linkse of rechtse politiek en linkse politiek over de vraag of gematigde hervormingen genoeg zij om linkse idealen te verwezenlijken.

Een eerdere versie van dit artikel verscheen ook in de OverDWARS herfst 2008.

Denken over Eten

Het is de tijd van kerstdiners, van gevulde restaurants en van copieuze maaltijden. In familieverband, met collega's en met vriendengroepen wordt er nu heel wat afgegeten. En dan rijst de vraag wat maakt eten goed?

Ik ben nu al een aantal keer ontevreden uit restauranten gekomen met het gevoel dat wat ik daar werd voorgeschoteld niet mijn behoefte voor goed eten had vervuld. Dat het stapeltje gebakken groente dat me verkocht was als een lasanga van mediterrane groente of de rode bietjescarpaccio mij aanzienlijk minder hadden gedaan dan het bruine brood met roomboter vooraf.

Het gaat mij hier om deugdelijk eten in de zin dat klassieke Aristoteleaanse zin dat het zijn doel als voedsel goed doet. Net als een goede docent meer doet dan kennis overdragen, maar dat doet met passie en overtuigingskracht, is "voedzaam" zijn niet genoeg. Daarnaast wil ik de vragen of eerlijk eten (vegetarisch, biologisch, fair trade) even parkeren.

Ik kan komen tot drie dingen die een maaltijd goed maken:

  1. Voeden: Deugdelijk eten voedt, het is niet de bedoeling dat je met honger weg gaat van de drie kleine gerechtjes die zijn voor geschoteld. Sterker nog goed eten heeft iets overdadigs. Net als een goede spreker je hoofd doet overvloeien met gedachten, moet je na goed eten ook echt voldaan zijn. Voor vegetariers zijn zachte of gesmolten kazen daar erg goed in. 
  2. Pure smaken: Fruit en groente hebben vaak van zichzelf een heel aangename smaak. Als we ze langdurig koken of frituren wordt de smaak daar vaak niet beter van. Ik heb liever frisse spinazieblaatjes bijvoorbeeld dan de bittere snot die je krijgt als het kookt. Dezelfde puurheid komt ook naar voren in goed bruin brood of kaas.
  3. Diversiteit aan smaken: Gezien punt 2 is bereiden is dan op zoek gaan naar goede, vaak contrasterende combinaties, bijvoorbeeld zwaar romig-zout en licht fris zuur. In een salade kunnen delen hun eigen smaak houden maar elkaar ook contrasteren. Een gerecht ("pasta met pesto") laat dan vaak niet genoeg smaken zien. Dat kan wel in een  aantal kleine gerechtjes (van voldoende hoeveelheid) of wat ook gezellig kan zijn wisselen bij de helft van de maaltijd. Overigens van een bord met drie kleine amuses schrik ik dan weer weg, gezien punt 1.

 

ChristenUniek? de problemen van de ChristenUnie

De ChristenUnie is net met een stevig rapport over de laatste "verloren" verkiezingen gekomen. In plaats van de verwachte 7-10 zetels kwam de ChristenUnie uit op 5. Waarom?

De adviezen van de commissie waren helder: "de ChristenUnie heeft een eigen achterban van betrokken en overtuigde christenen die de vaste basis vormt  van de partij. De ChristenUnie moet blijven investeren in deze achterban. De ChristenUnie profileert zich blijvend als een uitgesproken christelijke partij." Ik vind dit een rare conclusie, die zich moeilijk laat staven door de werkelijkheid. De problemen waarmee de ChristenUnie kampt lijken mij niet uniek voor de ChristenUnie.

Cu3
Het rapport biedt drie interessante tabellen. Eerst kijken ze waar CU stemmers wonen. Ze maken het onderscheid tussen vier gebieden. CU bolwerken, plaatsen waar de CU geen lijst had bij de gemeenteraadsverkiezingen en twee tussen gebieden. Overal verliest de partij ongeveer 0.7 van de stemmen. Dat betekent dat de partij relatief de minste stemmen in de traditionele CU bolwerken. De partij verliest met name in plaatsen waar er geen consistente CU aanwezigheid was in het verleden: dat duidt erop dat traditionele Christelijke kiezers (Vrijgemaakt, Gereformeerd) bij de partij zijn gebleven, en dat ze niet-traditionele kiezers verliest. 

CU

Ten tweede heeft de partij bekeken aan welke partijen de CU stemmen verliest of wint. Wat is er aan de hand: de ChristenUnie verliest kiezers aan ongeveer vier clusters. De grootste groep verliest de CU aan mensen die aangeven niet meer te gaan stemmen: van alle uitstroom geeft 30% aan niet gestemd te hebben. Ongeveer even veel kiezers als de CU netto verloor aan niet-kiezers verloor de CU ook aan seculiere linkse partijen (PvdA, D66, PvdD, SP en GL). De winnende "kleinere" linkse partijen (D66 en GL) verloren daarbiij ook nog eens nauwelijks kiezers aan CU. Ook de PvdA won veel CU kiezers. Aan seculier rechts (PVV, VVD) verloor de ChristenUnie de helft van wat zij verloor aan seculier links. Het grensverkeer met de Christelijke partijen (SGP en CDA) hield elkaar min-of-meer in balans. Veel kiezers die in 2006 de ChristenUnie een aantrekkelijk alternatief vonden zijn nu uitgeweken naar niet-stemmen of met name naar een linkse partij. Waarom?

CU2
Ook hiervoor heeft het rapport mooie data. Wat zijn redenen voor kiezers om niet ChristenUnie te stemmen? De CU verloor kiezers die aangaven strategisch te stemmen. In 2006 was dit misschien minder noodzakelijk de strijd ging toe tussen CDA en PvdA, beide partijen die CU-stemmers sympathiek vinden, maar nu de strijd ging tussen PvdA enerzijds en VVD en PVV anderzijds was de vraag wie het grootste kon worden belangrijker. Daarnaast geven veel kiezers die dit keer geen CU hebben gestemd aan ontevreden te zijn of het programma en het functioneren van de partij in de regering. Dat verschil is veel kleiner voor de regering. Het derde wat opvalt is dat 17% van de niet-CU stemmers aan geeft "altijd" op een andere partij gestemd te hebben: zou de CU in 2006 kiezers hebben getrokken die eenmalig CU stemden maar anders "altijd" een andere partij? Zouden dat met name CDA en PvdA kiezers zijn die 2006 met hun hart en hun hoofd op de CU konden stemmen om een Christelijk-sociale regering te forceren?

Als we deze drie gegevens naast elkaar liggen ontstaat het volgende beeld. Veel mensen die dit keer geen CU stemden, stemden strategisch PvdA/GL (om een links kabinet te verzekeren) of CDA (om een kabinet met een Christelijke rand te verzekeren). Dit kunnen niet de niet-stemmers zijn: het lijkt me waarschijnlijk dat deze kiezers niet CU hebben gestemd vanwege het verkiezingsprogramma of het functioneren van deze partij in de regering. Het is algemeen bekend dat regeringspartijen vaak verliezen: verantwoordelijkheid nemen kost stemmen.

Het probleem van de partij lijkt dus niet te zijn dat ze haar eigen profiel bij haar traditionele kiezers verliest: de partij verliest het minst in traditionele CU bolwerken. De CU lijkt met name zwevende, strategische of wisselende kiezers verloren te hebben. Het eigenlijke probleem van de ChristenUnie is dus een paradox: de ChristenUnie verliest strategische stemmers die een regering van een bepaalde signatuur willen verzekeren. De ChristenUnie moet zich dus relevant maken voor de regeingsmacht. Aan de andere kant: de ChristenUnie heeft drie jaar geregeerd en voor een deel van de achterban is dat een reden om de partij de rug toe te keren.

Het probleem van de CU lijkt me dus geen probleem dat alleen de ChristenUnie zal hebben (ChristenUniek, zoals het rapport dat noemt) maar een probleem van alle kleine of middelgrote partijen die willen regeren. Ik denk dan met name aan D66, die wist in 1994 haar droom regering te forceren, zoals de CU dat in 2006 deed: met een belofte van een paars respectievelijk Christelijk-sociale regering maakte ze een mooie uitslag. Echter regeringsmacht dragen is niet makkelijk: compromissen sluiten, voortdurend in de schijnwerpers staan, fouten maken. Dat kost stemmen.

Het beste van 2010: Film

Het jaar komt ten einde. En dan horen er lijstjes te komen met "het beste" van 2010. Waar dit jaar qua muziek niet zo'n goed jaar was, was qua films wel een goed jaar.

  1. Fantastic Mr. Fox: Met zijn quirky films over disfunctionele familierelaties en kinderlijke ambities, is Wes Anderson een van mijn favoriete regiseurs. Met Fantastic Mr. Fox maakt Anderson de overstap naar stop motion. Dat levert een uitermate gevoelige en ambachtelijk gemaakte film op, die het boek van Ronald Dahl nieuwe diepte geeft.
  2. Kick Ass: Na de hausse van Superheldenfilms in het laatste decennium, vormt Kick Ass daar een prachtige parodie op. Gewone mensen die superhelden willen zijn. De 13-jarige Chloe Moretz maakt in haar rol als de superheldin, Hit Girl, een grote indruk.
  3. Inception: Christopher Nolan maakt prachtige speculatieve films, deze film gaat over dromen, herinneringen en illusies. Deze film heeft niet alleen een zeer complex verhaal, maar blinkt uit door het maken van prachtige droomwerelden in de stijl van de jaren '30.
  4. Toy Story 3: Pixar maakte een prachtige film als opvolger van "levende speelgoedfilms" Toy Story 1 en 2. Het werd een gevoelige film die gaat over opgroeien en afstand nemen van je jeugd.

DWARS door Grenzen: Israel

Is er ruimte voor progressieve, linkse politiek in Israel, een land dat in een voortdurend conflict is met haar Palestijnse buren?

In bijna alle Westerse democratieën is het dominante politieke conflict economisch. Links en rechts worden daar gescheiden door vragen over de rol van de overheid in de economie en de manier waarop inkomen verdeeld moet worden. Israel is een van de weinige landen waar een andere kwestie de politieke partijen het sterkst verdeeld en dat is de relatie tussen de staat Israel aan de ene kant en de Palestijnen, de Arabische buurlanden en inwoners van Israel aan de andere kant. Is politiek in zo’n land wel te vergelijken met politiek in een land, als Nederland. Hier staat de Islam wel op de politieke agenda  maar het is niet het belangrijkste politieke thema is, noch is het zo sterk ver verbonden is met het voortbestaan van de staat, als in Israel.

De centrale tegenstelling is tussen haviken en duiven: de duiven willen land op geven voor vrede, steunen de vorming van een Palestijnse staat en willen de burgerrechten van Arabische Israeli’s en Palestijnen beschermen. De haviken willen geen land opgeven voor de vorming van een Palestijnse staat, wantrouwen de Arabische burgers sterk en steunen de kolonisten die zich in de Palestijnse gebieden vestigen.

Economische vraagstukken volgen grofweg deze tegenstelling, maar deze zijn duidelijk minder belangrijk.  Daarnaast is er een tegenstelling tussen religieuze en seculiere partijen. De Orthodox Joodse partijen steunen niet alleen religieus onderwijs en het traditionele huwelijk tussen man en vrouw, maar willen ook de uitzonderingspositie die Orthodoxe Joden hebben, bijvoorbeeld waar het gaat om de dienstplicht, niet aan tasten.

Er zijn op dit moment vijf grote partijen in Israel en een aantal kleinere partijen: vier van de vijf grote partijen zijn seculier en verschillen met name op het veiligheidsvraagstuk van elkaar: de klassieke tegenstelling was tussen de duif-achtige Arbeiderspartij en de havik-achtige Likudpartij. Sinds 2006 staat daar een grote centrumpartij tussen, Kadima, een partij die ontstaan is vanuit de gematigde vleugel van Likud. Een grote nieuwkomer in 2009 was Yisrael Beiteinu, een partij die duidelijk verwantschap heeft met Wilders, in haar wantrouwen ten opzichte van Arabische inwoners van Israel en haar Arabische  buren. De vijfde partij is Shas, een partij die op veel punten pragmatische standpunten inneemt behalve op religieuze kwesties. Al deze partijen zijn Zionistisch: ze steunen het bestaan van de staat Israel. Daarnaast zijn er nu zeven kleinere partijen vertegenwoordigd in de Knesset: twee Orthodox-Joodse partijen (die sterk verbonden zijn met de kolonisten in de Palestijnse gebieden), drie partijen van Arabische Israeli’s (een communistisch, een Islamistisch en een nationalistisch), een zeer havik-achtige partij en Meretz, de politieke arm van de vredesbeweging. Zelfs deze kleine partijen ontlenen dus een groot deel van hun identiteit aan de veiligheidsvraagstukken.

De enige progressieve keuze ligt volgens mij in die partijen die een twee statenoplossingen serieus steunen: dit strekt zich uit van de Arabische partijen aan de ene kant tot Kadima aan de andere kant. Deze partijen verschillen sterk in de mate waarin en de manier waarop, zij zo’n vreedzame oplossing willen realiseren

Hadash is een front van partijen rond de Communistische Partij. Deze partij wordt met name gesteund door Arabische Israeli’s maar heeft ook banden met de vredesbeweging.  Vanuit haar communistische principes geeft ze geen steun aan nationalistische ideologieën zoals het Zionisme.

Meretz is een duif-achtige Zionistische partij. Ze heeft sterke banden met de vredesbeweging. De partij heeft een breed progressief-links programma: ze staat voor de burgerrechten van alle inwoners van Israel (Joden en Arabieren, homo’s en hetero’s) en een groene en sociale economie.

De Arbeiderspartij was sinds de oprichting de belangrijkste progressieve kracht in Israel. En zeker in de jaren ’90 was zij ook een van de belangrijkste krachten die zich inzetten voor een vreedzame twee statenoplossing. maar electoraal valt deze partij steeds verder weg door concurrentie vanuit Kadima. In economisch opzicht laveert deze partij sterk tussen de vakbondsarm van de partij en een Derde Weg stroming.

Kadima is in veel opzichten een centrum-rechtse partij (met name op economische thema’s). Ze toont zich pragmatisch op veiligheidsthema’s: aan de ene kant wil ze wel territoriale concessies doen om vrede te verzekeren, aan de andere kant wil ze hard op treden om in de Palestijnse gebieden terrorisme te bestrijden. Omdat Kadima de grootste partij is die zich serieus inzet voor een twee statenoplossing, is zij voor veel duif-achtige Israeli’s de enige keuze: want alleen een politieke meerderheid kan een vreedzame oplossing realiseren.

Dus zelfs als de dominante tegenstelling niet tussen links en rechts is, maar tussen haviken en duiven, dan zijn de partijen van uit Nederlands perspectief heel herkenbaar: van oude communisten, via een progressieve vredespartij, naar verliezende sociaal-democraten en een pragmatische centrumpartij.

Dit artikel verscheen ook in de OverDWARS zomer 2010.

Het beste van 2010: Muziek

Het jaar komt ten einde. En dan horen er lijstjes te komen met "het beste" van 2010. Ik zou een lijstje maken met de beste CD's, maar zoveel nieuws heb ik niet gehoord.

Mijn oude favorieten K's Choice en I am Kloot brachten nieuwe albums uit. K's Choice kwam met een zachte pop-plaat, waarvan het beste nummer "I will carry you" al eerder was uitgebracht. Min of meer het zelfde overkwam I am Kloot, een zachte plaat waarvan het beste nummer ("Proof") ook al eerder was uitgegeven.

Voor mij was de meest opvallende aanwinst van dit jaar dan ook uit een andere hoek. Linkin Park "A Thousand Suns". Het eerdere werk van Linkin Park heb ik eigenlijk altijd vrij puberaal gevonden, maar A Thousand Suns is een volwassen album. Dit concept album gaat over de effecten van techniek op de mensheid en dan bijzonder over oorlogsvoering. Het album is melodisch en harmonisch (zoals Robot Boy),  bombastisch en futuristisch (zoals the The Catalyst) met scherpe teksten, met scherpe evocatieve teksten (zoals Burning in the Skies over de wereld na een nucleaire aanval). Beste nummer is in mijn ogen Irisdescent, waar goede teksten samen komen met melodie en bombastiek. In een aantal andere nummers zijn politieke speeches verwerkt zoals een betoog van MLK tegen Vietnam in Wisdom, Justice and Love.

In mijn ogen sluit dit album van Linkin Park beter aan bij het werk van Muse door zijn bombastische futurisme en door zijn donkere evocatieve teksten, dan de eerdere nu-metal en rap-rock van Linkin Park. Topwerk!

Stemwijzer Eerste Kamer

De adviezen voor de Eerste Kamerlijst van GroenLinks zijn bekend. 16 kandidaten voor 15 plekken. Boordevol talent. we hopen op tussen 4 en de 6 zetels. Het wordt dus puzzelen wie waar komt. Om hierbij te helpen presenteer ik (we-der-om dus weer) een stemwijzer, aan de hand van stellingen over de persoonlijke eigenschappen van favoriete kandidaten en politieke prioriteiten wordt een stemadvies gegeven.

Enige caveats:

  • Dit is geen advies voor een ordening van de lijst. Als u voor milieu gaat, krijgt u waarschijnlijk de groene kandidaten boven aan. Echter in een goed gemengde fractie is een balans tussen groen, sociaal & open noodzakelijk.
  • Dit stemadvies krijgt van mij op geheel persoonlijke titel.
  • Alle commentaar is uiteraard welkom, zeker van kandidaten die zich niet kunnen vinden in mijn beschrijving van hen.

Download Senator-advies (in .xls)

Download Senator-advies (in .xlsx)

Kleine "hoe werkt dit?" vul in de .xls een 1 in bij het groene vakje dat overeenkomt met het antwoord op de vraag. Je kan maar een keuze per keer maken. Er komt een rangordening van 1 (eerste keus) tot 15 (laatste keus) uit.  Kandidaten kunnen ook ex aequo uitkomen.

DWARS door Grenzen: Ierland

Voor mensen die groene, sociale en progressieve politiek na streven is het in Ierland moeilijk kiezen. Er zijn wel groene, linkse en progressieve partijen maar dat komt niet mooi samen in een partij.

De voornaamste reden daarvoor is dat de belangrijskte politieke scheidslijn niet over de sociaal-economisch beleid gaat, maar over buitenlandse politiek. De twee grootste partijen, Fianna Fáil en Fine Gael, zijn onstaan als twee verschillende kampen in de Ierse bevrijdingsbeweging, die gescheiden werden door hun visie op de relatie met het Verenigd Koninkrijk. Fianna Fáil hechtte net iets meer aan onafhankelijkheid dan Fine Gael. De partijen splitste over een vredesverdrag met het Verenigd Koninkrijk, dat uiteindelijk tot burgeroorlog in Ierland leidden. Fianna Fáil was principieel Republikeins en Fine Gael was veel pragmatischer. Beide partijen groeiden uit tot populistische centrum/centrum-rechtse partijen, die geen klassieke ideologie hadden. De een was net iets meer gebrand het beschermen van de Ierse autonomie dan de andere.

Deze nu bijna tachtig jaar oude politieke tegenstelling tussen net wat het pro-Verdrag en anti-Verdrag kamp heet, lijkt niet relevant meer voor de Ierse politiek van vandaag: Ierland is nu onafhankelijk, zelfs in Noord-Ierland is nu vrede tussen de Republikeinen en de Unionisten. Dit verschil in de mate waarin de partijen hechten aan Ierse onafhankelijkheid komt nu bij andere thema’s. De belangrijkste daarvan is Europese integratie: Fianna Fáil, de partij voor een onafhankelijk Ierland, heeft zich jaren lang verzet tegen verregaande Europese integratie, omdat deze de autonomie van Ierland in gevaar zou kunnen brengen. Fine Gael is juist een voorstander van Europese integratie.

Naast deze twee grote partijen zijn er verschillende kleinere partijen die allemaal in meer-of-mindere mate groene, progressieve of linkse politiek na streven. Voor GroenLinksers zou het logisch zijn om naar de Green Party te kijken. Deze partij is lid van de Europese Groenen. Voor typische groene zaken als het bestrijden van klimaatverandering ben je bij de Ierse Groenen aan het juiste adres. Echter deze partij staat ver af van GroenLinkse politiek. De partij vormt op dit moment een coalitie met de centrum-rechtse Fianna Fáil, waarbij de partij zich bijna alleen heeft gericht op het binnenhalen van groene punten. Onder druk van de economische crisis is deze partij nu uit de regering gestapt, maar electoraal staat ze er miserabel voor. Daarnaast behoort deze partij traditioneel tot het Euroskeptische blok.

Er zijn in Ierland ook een aantal echte linkse partijen: Sinn Féin, jarenlang de politiek tak van de IRA, is het bekendste voorbeeld. Deze partij mengt Ierse republicanisme met klassiek democratisch socialisme. In haar eigen woorden streeft de partij naar “Een Ierland van gelijken”. Dat komt in het programma neer op een gelijkere verdeling van inkomen en een gelijke toegang tot sociale voorzieningen. Dat is wel een heel beperkte en dogmatische invulling van linkse politiek. Daarnaast is Sinn Féin als republikeinse partij, geen voorstander van Europese integratie. Al met al is Sinn Féin wel heel links, maar niet zo progressief.

De ander linkse partij in Ierland is de Labour Party, een kleine, sociaal-democratische partij. Anders dan haar Britse zusterpartij is zij in de jaren ’90 niet naar het politieke centrum opgeschoven. In plaats daarvan fuseerde ze met een afsplitsing van Sinn Féin. Als gematigde sociaal-democraten is deze partij een beetje links, een beetje groen, een beetje pro-Europees en een beetje progressief.

Een oudere versie van dit artikel verscheen ook in de OverDWARS herfst 2008.