Het Kabinet-Rutte II

Nu de eerste tekenen van het tweede kabinet-Rutte duidelijk worden wil ik toch nog wat speculeren over de samenstelling.
De laatste berichten zijn dat de PvdA en de VVD samen een kabinet vormen, zonder andere partijen. De PvdA en de VVD zullen een gelijk aantal ministers en staatssecretarissen leveren. 6 ministers beiden en 5 staatssecretarissen.

De samenstelling van het kabinet is vrij simpel. De huidige minsitersposten blijven, uitgezonderd de minister voor Integratie, die wordt geruild voor een minister van Ontwikkelingssamenwerking.
De VVD levert de premier. Dat betekent dat de PvdA de minister van Financien zal leveren en de minister van Binnenlandse Zaken. Dat laat Veiligheid & Justitie voor de VVD. Vaak zijn de minister van Buitenlandse Zaken en de premier van dezelfde kleur. De PvdA wil de minister van Ontwikkelingssamenwerking, die ze dan ook zullen leveren. De VVD maakt de buitenland driehoek af en krijgt Defensie. Economische Zaken, Landbouw en Innovatie is natuurlijk voor de VVD; en Sociale Zaken en Werkgelegenheid voor de PvdA. Als ELI voor de VVD is, dan is Infrastructuur en Milieu voor de PvdA. Dan blijven over Onderwijs, Cultuur en Wetenschap en Volksgezondheid, Welzijn en Sport. De VVD zal VWS willen blijven leveren, en dan blijft OCW over voor de PvdA.
Alle ministers krijgen een staatssecretaris, behalve de premier, Defensie en Ontwikkelingssamenwerking. De staatssecretariaten zijn van tegenovergestelde kleur als de ministers, om ieder departement uit te balanceren. Er is dan een staatssecretariaat te weinig. De oplossing die voor de hand zou liggen is het staatssecretariaat voor buitenlandse handel dat de VVD nu voorstelt. Dan is het simpel: Financien (VVD/belastingen); Binnenlandse Zaken (VVD/Integratie en Immigratie); Buitenlandse Zaken (PvdA/Europa); SZW (VVD/arbeidsmarkt & werkgeversverzekeringen); I&M (VVD/Verkeer); OCW (VVD/Cultuur & Hoger Onderwijs); VWS (PvdA/Care). Op ELI komen dan twee PvdA’ers voor handel en voor landbouw.
De personele invulling voor de VVD is dan gemakkelijk. Bij het vorige kabinet kon de VVD haar meest rechtse ministers naar voren schuiven omdat het zo’n rechts kabinet was. In dit centrumkabinet moet de VVD om haar profiel te houden haar rechtse bewindslieden houden. Rutte is grotendeels tevreden over de huidige ministersploeg behalve over Rosenthal. Die komen zoveel mogelijk terug.

  • AZ – Rutte
  • BuZa – Kamp (gepromoveerd, was eerder minister van Defensie)
  • V&J – Opstelten (oude rot)
  • ELI – Schultz (vertrouweling van Rutte, wordt gepromoveerd)
  • VWS – Schippers (#2 van de VVD)
  • Def. – Van Baalen (zwaargewicht wil al jaren het kabinet in)
  • Staatssecretaris Fin: Weekers
  • Staatssecretaris BiZa: Teeven (van Justitie naar Immigratie)
  • Staatssecretaris SZW: De Krom
  • Staatssecretaris I&M: Jeannette Baljeu (nu wethouder havenzaken in het brede Paarse college in Rotterdam)
  • Staatssecretaris OCW: Zijlstra

De PvdA invulling is lastiger, want de PvdA kiest vaak voor vernieuwing en wil voor de helft vrouwen leveren.

  • Fin.: Plasterk (is financieel woordvoerder van de PvdA en was eerder minister)
  • BiZa: Ter Horst (senator en prima minister)
  • SZW: Klijnsma (was daar eerder staatssecretaris en heeft goede banden met de vakbond)
  • OCW: Dijsselbloem (vertrouweling van Samsom)
  • I&M: Adri Duivesteijn (senator voor de PvdA en wethouder Stedelijke Ontwikkeling in het brede Paarse college in Almere)
  • OS: Ploumen (oud-voorzitter van de PvdA uit de OS-hoek)
  • Staatssecretaris BuZa: Timmermans (zwaargewicht in de PvdA-fractie, eerder al met veel plezier Euro-staatssecretaris)
  • Staatssecretaris ELI (natuur): Lutz Jacobi (dit is geen grap, ze wordt heel goed gewaardeerd in de PvdA en is een van de groenste Kamerleden)
  • Staassecretaris OCW (handel): Carolien Gehrels (wethouder Economie in het Paars+ college in Amsterdam)
  • Staatssecretaris VWS: Hamer (zwaargewicht)
  • Staatssecretaris V&J: Marcouch (nog zo’n zware PvdA’er)

Mijn voorkeursstem: Jesse Klaver

Het was deze verkiezing voor mij een simpele keuze op wie ik zal gaan stemmen: Jesse Klaver.

En dat terwijl de GroenLinks lijst broeide van jonge talenten en veteranen met ervaring. Neem Andrée van Es, onze lijstduwer, die in Amsterdam vorm geeft aan een diverse stad waar burgers gedeelde waarden hebben. Of Bas Eickhout die in het Europees Parlement met succes strijdt tegen klimaatverandering. Dat zijn mensen die al een hele staat van dienst in de politiek hebben. Maar er zijn ook jonge talenten, zoals Niels van den Berge met zijn aanstekelijk en authentieke idealisme.

Maar mijn keuze voor Jesse Klaver is niet gebaseerd op het CV of op de leeftijd. Alhoewel Klaver voor iemand van zijn leeftijd een ongelofelijke staat van dienst heeft. Hij is met 26 jaar de jongste GroenLinks-kandidaat, maar tegelijkertijd is hij al twee jaar Kamerlid, woordvoerder op sociale zaken en onderwijs, waarbij hij regelmatig het kabinet het vuur aan de schenen heeft gelegd. Daarvoor was hij voorzitter van CNV-jong. En nu een onvermoeibaar enthousiaste campagneleider van GroenLinks.

Nee, het is gebaseerd voor de waarde waar Klaver als geen ander voor staat: kansengelijkheid. Daar heeft Klaver in de Tweede Kamer zich hard voor gemaakt. Juist als woordvoerder onderwijs en sociale zaken zette hij er zich voor in dat niemand in Nederland wordt afgeschreven, vanwege zijn beperking of afkomst. Dat iedereen een eerlijke kans maakt: kinderen in het passend onderwijs, jongeren met wajong-uitkering, mensen die werken in de sociale werkplaats, 55plussers die op zoek zijn naar werk, kinderen op VMBO. Iedereen verdient in Nederland een eerlijke kans op een opleiding, op werk, op een fatsoenlijk inkomen en zo op de mogelijkheid om je eigen hart te volgen. Hij zei daarover, nog geen half jaar geleden in de liberale kerk:

“Dat is mijn Nederlandse droom. Het is geen droom waarin je denkt dat je alles aan jezelf te danken hebt, zoals de Amerikaanse. De realiteit is veel complexer dan dat: niet alle succes is eigen verdienste, niet alle falen is eigen schuld. Veel van wat je bereikt in je leven is het resultaat van geluk buiten je eigen verantwoordelijkheid om; en veel van wat er mis gaat, is het resultaat van ongeluk, waar je niets aan kon doen.
Jong gehandicapten kiezen er niet voor om geboren te worden met een afwijking. Dat dwingt ons tot bescheidenheid: niet alles wat wij bereiken hebben we aan onszelf te danken. De mensen met wie je samen hebt gehockeyt, het sociale kapitaal dat je ouders je hebben gegeven, en het lichaam waarmee je bent geboren: dat alles bepaalt mede hoe succesvol je bent.
Als we ons succes niet aan ons zelf te danken hebben moeten verantwoordelijkheid nemen voor anderen. Als ondernemer kunnen we dat doen door mensen in dienst te nemen die anders zijn dan normaal. Als buurtbewoner kunnen we dat doen door voor te lezen aan kinderen die anders nooit worden voorgelezen. Als burger doen we dit door de lasten te dragen voor de begeleiding die nodig is om mensen aan het werk te helpen.
In potentie is onze verzorgingsstaat dé manier om ervoor te zorgen dat mensen hun dromen kunnen najagen: om met training en ondersteuning het werk te vinden waarin ze zichzelf kunnen ontplooien en een eigen inkomen kunnen verdienen. Dan is de overheid een onderneming tot nut van het algemeen: de manier waarop we verantwoordelijkheid nemen voor elkaar en verzekeren dat iedereen in vrijheid zijn eigen pad in het leven kan volgen.”

En vanwege dat geloof, dat mensen succesvol zijn en falen, deels vanwege hun eigen handelen, maar ook deels vanwege factoren die buiten hen liggen, en dat we daarom eerlijk moeten delen, stem ik op GroenLinks. En die waarde zie ik vertegenwoordigd in Jesse Klaver.

Anders dan de PvdD liegen dieren nooit

Ook de Partij voor de Dieren heeft een vergelijking met GroenLinks gemaakt. De lijst zit vol met onwaarheden, halve waarheden, tendentieuze uitspraken en quotes buiten context. Laten we ze eens doorlopen

Groen
Op groen kiest de PvdD ervoor om haar zusterpartij die net als haar voor een duurzame economie is en een groene campagne voert, op basis van uit context gehaalde quotes de maat te nemen.

De Partij voor de Dieren stelt dat GroenLinks economische groei belangrijk vindt. Hiervoor geven ze twee persberichten waarin GroenLinks haar zorgen uitspreekt over bezuingingsmaatregelen en loonmatiging, en geeft hierbij als argument dat dit economische groei beperkt. Niet de sterkste onderbouwing. Maar wat schrijft GroenLinks over groei in haar programma?

“Het is tijd onze neoliberale economie grondig te herzien. Klassieke economische groei levert niet meer wat zij ons zo lang vanzelfsprekend gaf: betere levens. Ondanks de stijgende welvaart nemen welzijn en geluk niet meer toe. Een duurzame economie is gericht op het welzijn van mensen, werkt zonder schulden en is financieel en ecologisch in balans.”

Helderder kan je toch niet zijn? Of misschien wel:

“Het is tijd voor een bredere opvatting van rijkdom en vooruitgang, waarin groei van welzijn en behoud van natuur en milieu centraal staan. Het uitgangspunt van een gezond financieel-economisch beleid is het Bruto Nationaal Geluk. “
Eindoordeel: onwaar

Ook weet de Partij voor de Dieren Jolande Sap te quoten “Moeten we wel zo sterk op groen inzetten als groen in deze tijd niet zo lekker ligt. Is dat de investering waard?” Nu lijkt het alsof Sap zelf vindt dat groen niet belangrijk is. Maar de quote is uit context gehaald:

“Je kijkt; moeten wij ook niet in deze tijden toch wat meer winst kunnen incasseren? Moeten we wel zo sterk op groen inzetten als groen in deze tijd niet zo lekker ligt? Is dat de investering waard? Daar wordt af en toe verschillend over gedacht.”

Dat lijkt me andere koek: binnen GroenLinks wordt er gediscussieerd over waar de nadruk op moeten komen te liggen. Wat is de conclusie van die discussie? In het Financieel Dagblad schreef campagneleider Klaver:

“GroenLinks kiest ervoor de groenste campagne te voeren in haar geschiedenis.”

Eindoordeel: onwaar.

De Partij voor de Dieren schrijft dat GroenLinks een CO2-reductie van 30% in 2020 wil. Dat klopt helemaal. Wij willen dat niet alleen maar bieden ook de maatregelen om daar toe te komen. Als enige partij in de doorrekening weet GroenLinks dit doel te bereiken. Volgens het Planbureau voor de Leefomgeving reduceert GroenLinks broeikasgassen met 31%. Welke reductie van CO2 de Partij voor de Dieren met haar programma weet te realiseren is volslagen onduidelijk: zij hebben hun programma niet laten doorrekenen. Hiermee is het hele programma van de Partij voor de Dieren weinig meer waard dan het nietje dat de boel bij elkaar houdt.
Eindoordeel: waar en doorgerekend, anders dan het programma van de Partij voor de Dieren. 

De Partij voor de Dieren schrijft dat natuur voor GroenLinks geen breekpunt is. Die claim fundeert ze op basis van het Lenteakkoord. GroenLinks had een heldere inzet bij die onderhandelingen: een streep door de bezuinigen op natuur van Bleker. Dat is gelukt. Wat de Partij voor de Dieren heeft binnen gehaald? Niets. GroenLinks formuleert geen breekpunten, de Partij voor de Dieren boekt geen resultaten. In ons programma kunnen we, als enige, meer geld in natuur investeren dan Bleker heeft bezuinigd. Op basis van de doorrekening kunnen we zien dat de Partij voor de Dieren evenveel geld over heeft voor natuur als ze CO2 reduceert. Niets.
Eindoordeel: tendentieus.

De Partij voor de Dieren noemt ook nog de aanleg van de Kolencentrale in de Eemsmond. GroenLinks kon geen meerderheid vinden in de Provinciale Staten van Groningen om dit tegen te houden. In Provinciale Staten heeft GroenLinks tegen de bouw van de kolencentrales gestemd. Er was echter een meerderheid van andere partijen, namelijk PvdA, VVD, CDA en D66 die de bouw steunt. Onze gedeputeerde heeft uitgevoerd wat de meerderheid wil. Zo gaat dat in een democratie. Ik heb goed nieuws voor Thieme c.s. door de Kolentaks die GroenLinks invoert in het Lenteakoord komt de kolencentrale er niet. Wat deed de Partij voor de Dieren bij het Lenteakkoord, o ja, armen over elkaar aan de zijlijn.
Eindoordeel: onwaar en opgelost 

De PvdD geeft drie moties van hen die biobrandstoffen afwijzen waar GroenLinks tegen heeft gestemd. In ons programma stellen we heldere criteria voor biobrandstoffen:
“de teelt ervan [gaat] niet ten koste van natuur, voedselvoorziening en inheemse volkeren.” De PvdD is tegen het bijmengpercentage uit biobrandstoffen. GroenLinks heeft tegen hun motie over bijmengen gestemd. Dat betekent niet dat GroenLinks voor alle biobrandstoffen is. GroenLinks wil alleen écht duurzame biobrandstoffen uit reststoffen. Het huidige bijmengpercentage kan ook met duurzame biobrandstof worden gedaan. Dat is goed voor ons klimaat.
Eindoordeel: onwaar

De PvdD wil alle palmolie verbieden. GroenLinks heeft tegen hun verbod gestemd. Dat betekent niet dat GroenLinks voor alle palmolie is. GroenLinks wil alleen duurzaam geproduceerde palmolie wil importeren. En die is gelukkig in toenemende mate beschikbaar
Eindoordeel: onwaar

De PvdD pleitte tegen energie uit mestvergisting. Dat is erg onverstandig bij het huidige mestoverschot. De Partij voor de Dieren vindt schijnbaar dat dierenwelzijn zwaarder telt dan klimaatverandering. De bio-industrie is zo fout dat we zelfs restproducten niet nuttig mogen inzetten. Ik heb slecht nieuws voor Thieme. Biologische koeien kunnen niet buiten grazen als de polders onder water staan.
Eindoordeel: waar, maar biologische koeien kunnen niet buiten grazen als de polders onder water staan.

Europa
Over Europa zijn de Partij voor de Dieren en GroenLinks het oneens, maar we moeten die verschillen niet overdrijven of verkeerd weergeven.
De Partij voor de Dieren schrijft dat GroenLinks “zo snel mogelijk naar een politiek unie streeft, democratie belangrijk is, maar nu even niet”. Deze woorden zijn nooit door een GroenLinkser uitgesproken, maar opgeschreven door een overijverige Partij voor de Dierenstagair.
Maar wat wil GroenLinks dan wel met Europa?

“Om onze groene en sociale idealen te verwezenlijken, kiezen wij voor verdergaande Europese integratie en een Europese Unie die dichter bij mensen staat.”

We kunnen het klimaatprobleem, dierenleed en de bankencrisis niet in Nederland oplossen. Onze ham komt uit Parma, de banken opereren over landsgrenzen en broeikasgassen hebben geen paspoort. GroenLinks kiest voor Europees bankentoezicht om de wereld van de bonussen aan banden te leggen. De Partij voor de Dieren is tegen. En GroenLinks realiseert zich dat als je kiest voor Europese samenwerking dat dit dan ook democratisch moet: GroenLinks kiest voor een sterk Europees Parlement, een verkozen Europese commissie en Europees correctief referendum. De Partij voor de Dieren is hiertegen.
Eindoordeel: onwaar

In het verlengde hiervan stelt de Partij voor de Dieren dat GroenLinks voor het ESM heeft gestemd. Dat is inderdaad waar. GroenLinks heeft Europese garantiefonds ESM gesteund. Dat is de enige manier om ervoor te zorgen dat Spaanse jongeren, waarvan de helft werkloos is, een toekomst hebben. De Partij voor de Dieren biedt geen oplossingen voor hen.
Eindoordeel: waar. Maar de Partij voor de Dieren heeft geen oplossing voor Spaanse jeugd.

Mensen
De dierenpartij heeft twee mensenpunten gevonden waar GroenLinks en de Partij voor de Dieren verschillen.
GroenLinks kiest voor opt-out-stelsel van orgaandonatie: je kan kiezen om geen donor te zijn, maar anders worden je organen na je de dood gebruikt om levens te redden. De PvdD wil het huidige opt-in-stelsel behouden. Een oplossing voor het feit dat in Nederland tweehonderd mensen per jaar sterven omdat er geen organen zijn die ze nodig hebben om te overleven interesseert de PvdD schijnbaar niets. Het opt-out-stelsel dat GroenLinks voorstaat, behoudt vrije keuze, wordt breed gesteud en redt mensenlevens.
Eindoordeel: waar. Maar de Partij voor de Dieren heeft geen oplossing voor de tweehonderd mensen die overlijden vanwege een gebrek van organen

De Partij voor de Dieren schrijft dat GroenLinks voor een studentenleenstelsel is. GroenLinks kiest juist voor een sociaal leenstelsel in plaats van de studiebeurs. GroenLinks wil dat mensen naar draagkracht terugbetalen, onder gunstige voorwaarden, verlaagt het collegegeld met 500 euro en verhoogt de aanvullende beurs voor mensen met arme ouders en die blijft wel een gift. Het enige wat de Partij voor de Dieren rapporteert is dat wij voor een leenstelsel zijn. Dat is maar de helft van de waarheid. Dat in het huidige stelsel de bakker meebetaalt voor de studiebeurs van de advocaat is de PvdD ook vergeten.
Eindoordeel: tendentieus

Dieren
Natuurlijk heeft de PvdD wat punten over dieren weten te verzamelen waarin GroenLinks en de Partij voor de Dieren het oneens zijn. Ze hebben lang gezocht, want GroenLinks en de PvdD trekken op dit onderwerp samen op. Dat doen ze overigens op bijna alle onderwerpen: over 87% van de moties stemmen de twee partijen hetzelfde. Ze hebben toch zes punten weten te vinden.
De PvdD heeft een motie ingediend over het beperken van internethandel in dieren. GroenLinks heeft tegen gestemd. Dat betekent niet dat GroenLinks voor ongereguleerde internethandel is, maar we willen dat álle handel in dieren (dus niet alleen internethandel) beperkt wordt tot lijst van dieren waarin nog gehandeld mag worden.
Eindoordeel: onwaar

De PvdD heeft een motie ingediend om Orka Morgan terug te sturen naar de zee. GroenLinks heeft tegengestemd omdat naar oordeel van deskundigen deze orka nagenoeg geen overlevingskans hebben zou als zij zou worden vrijgelaten. De PvdD zou met vrijlating het dier naar alle waarschijnlijkheid de dood hebben ingestuurd.
Eindoordeel: waar, maar de PvdD veroordeelde een orka tot de dood

GroenLinks heeft tegen de dierenpolitie gestemd. GroenLinks wil geen dierenpolitie zoals door de PVV bedacht. Wij willen meer geld naar de dierenbescherming, zodat de bestaande controleurs beter hun werk kunnen doen. Even effectief en een stuk goedkoper. Wij willen wel graag het meldnummer “144 red een dier” behouden.
Eindoordeel: tendentieus

GroenLinks heeft tegen de door de PvdD voorgestelde aparte kilometerheffing voor diertransporten gestemd. GroenLinks wil een harde maximumtijdsduur waarbinnen dieren mogen worden vervoerd, namelijk 4 uur. De PvdD vindt schijnbaar dat als je maar genoeg betaalt, je dieren blijkbaar langer mag kwellen.
Eindoordeel: waar, maar de PvdD vindt dat dierenmishandeling mag als je er maar genoeg voor betaald

GroenLinks werkt volgens de Partij voor de Dieren, zij het niet van harte, op provinciaal niveau mee met megastallen. Laten we helder zijn: GroenLinks is tegen megastallen en pleit voor een wettelijk maximum op de schaalgrootte van boerenbedrijven. In onze provinciale coalitieakkoorden heeft GroenLinks zich hard gemaakt voor een zo ver mogelijk beperken van de bouw van megastallen, maar stemde in met een compromis. Dankzij GroenLinks worden er minder megastallen gebouwd.
Eindoordeel: tendentieus

De PvdD schrijft dat GroenLinks het goed vindt als er ganzen vergast worden. Dat doet ze omdat GroenLinks het ganzen-7 akkoord steunt dat gesloten is door onder anderen Natuurmonumenten en de Vogelbescherming. Het akkoord zorgt ervoor dat het aantal ganzen dat geruimd wordt in de komende vijf jaar drastisch omlaag gaat. Als we de redeneringen van de PvdD tot nu toe zouden volgen, dan zou tegen het ganzen-7 akkoord zij,n zoals de PvdD is, betekenen dat je wilt dat er per jaar 100.000 ganzen worden afgeschoten zoals de situatie was voor het sluiten van het akkoord. Uiteindelijk is het akkoord een compromis tussen natuurorganisaties en boeren, dat er voor zorgt dat er meer ganzen in leven blijven.
Eindoordeel: tendentieus

Eindoordeel
Zeven keer schrijft de PvdD dingen op die gewoon niet waar zijn. Vijf keer is de PvdD tendentieus bezig en haalt ze quotes, stemgedrag en voorstellen uit context. Zes keer klopt het wel dat GroenLinks zo heeft gestemd, maar heeft de PvdD zelf geen oplossingen voor de problemen die GroenLinks zo oplost. Als er echte verschillen zijn, dan komt het omdat of de PvdD kies voor een principiele getuigenispolitiek die niets bereikt. De Partij voor de Dieren heeft liever schone maar lege handen, dan dat ze wat verandert voor mens, dier en milieu. Soms zijn er ook verschillen omdat de PvdD zo vasthoudt aan hun dierenrechtenprincipes dat hetzelfs ten koste gaat van het leven van die dieren zelf en ons klimaat. De Partij voor de Dieren neemt het niet zo nauw met de waarheid, en dat terwijl dieren nooit liegen.

D66: tendentieus en ongefundeerd

D66 heeft een vergelijking gemaakt tussen hen en GroenLinks. Een interessant overzicht. Maar nadere inspectie laat zien: dat het overzicht tendentieus en ongefundeerd is.

Ze vergelijken GL en D66 op drie punten: linkse samenwerking, de begroting en de rol van de overheid. Laten we deze eens stuk voor stuk doorlopen.

Over linkse samenwerking schrijven ze:

“Vooral na het vertrek van Femke Halsema wordt afgeweken van de eerdere progressief-liberale koers. Het GroenLinks van nu knuffelt met de SP en de PvdA. Hun ‘linkse samenwerking’ in een gezamenlijk plan voor Nederland onderstreept dit. D66 kiest duidelijk voor duurzaam met Stientje van Veldhoven op 2.”

Ik heb drie bezwaren tegen deze stelling: ten eerste, is GroenLinks, qua stemgedrag niet naar links geschoven, maar voor zo ver er verschillen zijn in stemgedrag (en die zijn er nauwelijks) is GroenLinks eerder richting D66 geschoven. Dat laat ik zien in dit artikel samen met Tom Louwerse. Maar bovendien, ook Halsema koos voor samenwerking met SP en de PvdA. Iedereen herinnert zich nog het fameuze kopje koffie van Halsema samen met Bos en Marijnissen in 2006. Ondertussen nam Sap in de laatste twee jaar samen met D66 grote stappen, zoals het Lenteakkoord. Ten slotte stelt D66 dat zij kiezen voor een helder duurzame koers. Milieu-organisaties denken daar anders over. In de klimaatkeuze wordt GroenLinks boven D66 geplaatst, maar bovendien: op basis van het stemgedrag in de Kamer krijgt GroenLinks van milieu-organisaties een 8.5, een punt hoger dan D66.

Het is in deze context misschien goed om de volgende vijf feiten over D66 te weten. D66 is voor kernenergie, GroenLinks is tegen.(1) D66 is voor het boren naar schaliegas, GroenLinks is tegen.(2) D66 is voor megastallen, GroenLinks is tegen.(3) D66 is voor 130km per uur op de snelweg, GroenLinks is tegen.(4). D66 reduceert broeikasgassen met 15%. GroenLinks met 31%.(5) D66 is tegen statiegeld. GroenLinks is voor statiegeld.(6) Het lijkt me duidelijk dat voor D66 duurzaamheid op #2 staat.

Over de begroting schrijft D66:

“GroenLinks wil langzamer onze schulden aflossen, terwijl we alleen al aan rente 10 miljard euro per jaar betalen. Geld dat we ook kunnen steken in onderwijs, zorg of de sociale zekerheid.”

Ik weet niet waar D66 dit op baseert, maar de cijfers van het CPB laten iets ander zien. D66 bezuinigt 14 miljard euro op de begroting. GroenLinks 15 miljard euro. Op de lange termijn heeft GroenLinks een begrotingsoverschot van 3.2% en D66 een overschot van 3.3%. Geen schokkend verschillen. GroenLinks reduceert de staatsschuld met 5%. D66 met een 0.5% van het BNP.(7)
Terwijl uit de CPB-cijfers blijkt dat D66 de kloof tussen arm en rijk laat groeien en de koopkracht van de gemiddelde burger sterk afneemt, weet GroenLinks te bezuinigen en tegelijkertijd koopkracht te verbeteren en de kloof tussen arm en rijk te verkleinen.(7)

Over de rol van de overheid schrijft D66:

“Ook over de rol van de overheid verschillen D66 en GroenLinks. Waar GroenLinks snel naar verboden uitwijkt, gaat D66 uit van de eigen kracht van mensen. Voorbeelden zijn het verbod op vuurwerk, een reclameverbod op snoep en lenen en een verbod op terrasverwarmers.”

Dit is het enige verschil dat D66 inderdaad correct beschrijft. GroenLinks en D66 denken anders over de rol van de overheid. D66 wil liever minder overheid, GroenLinks wil dat op bepaalde terreinen de overheid meer gaat doen. En dat is ook niet raar als je bedenkt dat we in een gigantische economische crisis zitten, vanwege deregulering en liberalisering die D66 altijd heeft gesteund. D66 noemt vuurwerk, snoep en terrasverwarmers. Laat ik daar een ding tegenover stellen: de banken. D66 is tegen een bankenbelasting die de banken dwingt om te betalen voor de chaos die ze veroorzaakt hebben. D66 is tegen het aan banden leggen van de bonuscultuur, die ervoor zorgt dat bankiers het algemeen belang uit het oog verliezen.(8) En D66 is tegen een speculatiebelasting die banken dwingt om te investeren in de reële economie en niet meer in zeepbellen. Deze verkiezingen gaan niet over snoep en vuurwerk, maar over echte dingen, zoals de banken aanpakken.

(1) Kieskompas stelling 8
(2) stemming over motie 29023-129
(3) Stemwijzer stelling 23; stemming over motie 28973-110
(4) Stemwijzer stelling 18
(5) CPB Keuzes in Kaart, p.18
(6) stemming over motie 30872-97
(7) CPB Keuzes in Kaart, p.18
(8) CPB Keuzes in Kaart p.371

Realisme

Deze verkiezingen draaien meer dan ooit om de waarheid. Een kans voor GroenLinks

In het verkiezingsdebat is ‘Ik ben het met u oneens’ vervangen door ‘U liegt’. Belangrijker dan het inhoudelijke verhaal van Samsom, Roemer en Rutte, is hun betrouwbaarheid. Hierop vallen ze elkaar onderling aan.

De verkiezingscampagne kon pas beginnen toen de doorrekeningscijfers van het CPB er lagen. Het verhullende proza van verkiezingsprogramma’s is vervangen door de doorrekeningscijfers van het CPB. Vanuit het buitenland kijkt men met grote ogen: partijen moeten namelijk ongelofelijk concreet zijn over wat ze willen. Dat is soms pijnlijk. Want bij de SP is 65=65 vervangen door een stijging in de AOW-leeftijd. Bij D66 gingen de CPB-doorrekeningen zelf boven de ledendemocratie, die de aftrekbaarheid van reiskosten voor het OV uit het programma schrapte. In het rapport van het CPB bleef dit wel staan. Een ongedekte cheque.

Met zoveel twijfelaars zijn de kieswijzers van ongekend belang. Ook hier telt niet de verhullende retoriek van het programma maar moeten partijen eerlijk zijn over wat ze echt willen. In het Kieskompas telt niet waar een partij zichzelf plaatst, maar hoe een wetenschapper de positie beoordeelt. Voor leugens en spin is geen ruimte meer.

Deze verkiezingen van de waarheid zijn een kans. Want GroenLinks is de meest realistische partij van Nederland. Duurzaamheid is geen ideaal, maar het is een keiharde waarheid: willen we voortleven als mensheid dan moet het anders. Dan moeten we ons klimaatprobleem aanpakken. Als je dat niet inziet, dan misken je de feiten. GroenLinks is praktisch en laat zich niet verblinden door idealisme. Immers, wat heb je aan idealen als de Nederlandse polders onder water staan.