Een wereld zonder D66 III: Den Haag, 11 mei 1973

Dit is het derde deel in een negendelige serie over hoe Nederland zich had ontwikkeld als D66 niet was opgericht. Hier het vorige deel.

Het kabinet-Den Uyl wordt geïnstalleerd. Een combinatie van twee progressieve partijen, de PvdA en de Politieke Partij Radikalen, een progressieve afsplitsing van de KVP, en twee confessionele partijen, KVP en ARP. De sociaal-democraten en radikalen hebben samen 53 zetels, en daarmee een meerderheid in het kabinet-Den Uyl. Ze willen die positie gebruiken om een progressieve agenda uit te rollen over Nederland: eerlijk delen in een schoon land. Maar bovendien meer democratie proberen. De confessionele ministers zijn op persoonlijke titel benoemd zonder toestemming van hun fracties.

Ondertussen in … Twello

Kinderboekenschrijver Jan Terlouw kijkt tijdens zijn ontbijt (toast en thee) naar de foto in de krant van het nieuw kabinet. Van Agt als minister van Justitie in het kabinet van premier Den Uyl. “Dat gaat nooit wat worden”, denkt hij, “misschien dat ze er politiek wel uit komen maar die karakters zijn onverenigbaar: de non-chalante houding van zo’n katholiek die politiek niet serieus neemt en dan zo’n ex-gereformeerde voor wie het hemels paradijs omgeruild is voor een Aardse utopie.” Terlouw pakt zijn glas thee op en loopt naar zijn werkkamer. In zijn hoofd loopt het verhaal al: een nieuwe partij waarin een katholieke bon-vivant en een de zoon van een dominee strijden om de macht. Niet omdat ze het oneens zijn over de koers van de nieuwe partij, maar omdat hun karakters onverenigbaar zijn. Hun strijd brengt de partij aan de afgrond. Als hij gaat zitten achter zijn typmachine, typt hij de titel van zijn nieuwe roman: Democraten ’66. Een politieke tragedie.

Een wereld zonder D66 II: Den Haag, 15 februari 1967

Dit is het tweede deel in een negendelige serie over hoe Nederland zich had ontwikkeld als D66 niet was opgericht. Hier het vorige deel.

De verkiezingen van 1967 vormen in Den Haag een aardschok. De grote partijen PvdA en KVP verliezen drie en vier zetels. De PSP krijgt vijf zetels en de Boerenpartij acht. De roep om democratische vernieuwing wordt steeds groter. Binnen de PvdA roert Nieuw Links zich, Arie van der Zwan voorop. Binnen de KVP staat een groep Christen-Radicalen op. Ze willen nieuwe politiek: anders, democratischer. Niet langer de overlegstructuren aan de top maar inspraak aan de basis: voor jongeren, voor werknemers, voor huurders. Maar ze blijven, tot nu toe, allemaal binnen de lijnen van de partijpolitiek.

Ondertussen in …. Amsterdam

Om vier uur is Hans eindelijk zijn bed uitgekomen. De verkiezingsnacht was voor hem een flinke domper. Hij heeft te veel gedronken om het leed te verzachten: KVP en PvdA weer de grootste. De protestpartijen aan de randen komen op met gevaarlijke ideeën.

Hij loopt een rondje langs de Amsterdamse grachten, mijmerend over de verwarring bij de kiezers en de ondoorzichtigheid van de politiek.  Als hij bij het Spui op het verkeer wacht, blijven zijn gedachten steken bij de tanende invloed van de kiezers. Hij slaat de revers van zijn jas omhoog. Hij denkt na over de ontoereikendheid van de oude politieke spelregels, over onbewegelijkheid en de verstarring van het partijenstelsel, over altijd maar weer hetzelfde gezeur en hetzelfde geharrewar tussen regering en Tweede Kamer. Hij wilde er zo graag wat aan doen. Maar hij weet niet meer hoe.

Met deze Nederlandse partijen komt er in elk geval nooit verandering. Zeker niet nu er weer een kabinet gestruikeld is. Maar in Frankrijk dáár gebeuren interessante dingen. Als hij het Leidsche Plein zijn favoriete café inloopt weet hij het zeker. Hij moet uit het bedompte, verkrampte, conservatieve Nederland. Naar Parijs!

Een wereld zonder D66 I: Amsterdam, 8 mei 1966 (proloog)

Dit is het eerste deel in een negendelige serie over hoe Nederland zich had ontwikkeld als D66 niet was opgericht.

Zondagochtend elf uur. In de woonkamer van het dissidente Amsterdamse VVD-raadslid Gruijters wacht een groep jonge intellectuelen op Hans van Mierlo. Ze maken zich zorgen over de toekomst en over de politieke situatie in Nederland. Hans is tijdens de discussies dé gangmaker. Om twee uur ‘s middags belt hij; hij heeft zich verslapen. Het was gisteravond een late avond geworden met goed eten, goede wijn en veel sigaretten.

De discussie gaat zonder Van Mierlo door. Arie van der Zwan, een jonge econoom, voert  de boventoon. Hij kent wat mensen in de PvdA die bezig zijn met Nieuw Links, een vernieuwingsbeweging. “Daar zit de toekomst, juist in de combinatie van linkse economische plannen, ideeën over democratische vernieuwing en een bestaande partijorganisatie”. Gruijters ziet daar niets in: “We moeten juist buiten de bestaande partijen omgaan”. De discussie wordt fel. Gruijters en Van der Zwan staan recht tegenover elkaar. Niemand van de aanwezigen weet de verschillen te overbruggen. De groep gaat om vijf uur uit elkaar. Ze komen er niet uit.

Lessen van Nieuw Links & Niet Nix

Gisteren meldde Klub Kobalt zich, een vernieuwingsbeweging binnen GroenLinks. Al snel werd de vergelijking getrokken met Niet Nix en Nieuw Links twee vernieuwingsbewegingen binnen de PvdA. Ik kan me als medewerker niet te veel uitspreken over wat Kobalt wil. Maar ik kan wel mee denken: wat kan Kobalt leren van deze bewegingen?

Nieuw Links
Nieuw Links is een van de meest succesvolle interne vernieuwingsbewegingen geweest in de parlementaire geschiedenis. Midden jaren ’60 was de PvdA was electoraal als ideologisch in verval geraakt. De partij die nog geen twintig jaar geleden was opgericht om een economie te verwezenlijken zonder klassentegenstellingen was geworden tot gezappige bestuurderspartij die af en toe mocht aanschuiven bij de Christen-democraten om op de winkel te passen. Tussen 1965 en 1969 nam Nieuw Links geleidelijk het leiderschap van de PvdA over. Dat begon in 1965 met Nieuw Linkser Jan Nagel die tot het partijbestuur van de PvdA toetrad en had zijn hoogtepunt in 1969 toen Nieuw Linkser André Van der Louw verkozen werd tot voorzitter van de PvdA. Nieuw Links had toen een absolute meerderheid in het partijbestuur. In 1971 werd de beweging opgeheven. Een meerderheid van de PvdA-congresgangers bleef zich echter identificeren met Nieuw Links.

Nieuw Links had een heldere eigen agenda. Ze verwoordde dat in Tien over Rood: de vernieuwers wilden dat de PvdA naar links schoof op sociaaleconomisch en internationaalpolitieke vraagstukken. Zo moest inkomen radicaal herverdeeld worden op nationaal en internationaal niveau. De PvdA zou niet deelnemen aan een kabinet als de ontwikkelingshulp lager dan 2% van BBP zou zijn. Bovendien zette Nieuw Links zich in voor de democratisering van de politiek, de economie en de samenleving. Daar waren ze overigens niet alleen in: studenten eisten medezeggenschappen, jonge Christenen wilden een progressieve koers voor de kerken en de Christelijke partijen. D66 kwam in de Kamer op basis van verhaal over democratisering. Autoritaire structuren stonden in de hele samenleving onder druk. Ook voor de organisatie en strategie van de PvdA had Nieuw Links een helder plan: ze was voorstander van de democratisering van de PvdA en van een polarisatiestrategie waarbij de PvdA het conflict koos met de rechtse krachten in de samenleving.

Dat alles culmineerde in 1973 in de vorming van het linkse kabinet Den Uyl. Den Uyl, opvallend genoeg, was een uitgesproken tegenstander van Nieuw Links maar zag zich genoodzaakt om niet alleen de polarisatiestrategie van Nieuw Links over te nemen, de PvdA naar links toe te schuiven maar ook prominente Nieuw Linksers als Marcel van Dam in zijn kabinet te benoemen. Veel Nieuw Linksers bleven tot midden jaren ’90 prominente PvdA’ers en daarmee prominente bestuurders in Nederland: Van der Louw werd burgemeester van Rotterdam. Nieuw Linkser Han Lammers werd wethouder in Amsterdam en daarna Commissaris van de Koningin in Flevoland, Relus ter Beek was PvdA-Kamerlid en daarna Commissaris in Drenthe, Max van den Berg, een andere Nieuw Linkse partijvoorzitter werd Commissaris in Groningen. Nagel was een van de weinige Nieuw Linksers die niet tot het establishment ging behoren. Hij richtte juist de protestpartij Leefbaar Nederland op en later de ouderenpartij 50+

Niet Nix
Niet Nix had een heel andere achtergrond. In 1992 is Felix Rottenberg tot PvdA-partijvoorzitter verkozen. Hij wil de PvdA hervormen. Dat lukt hem maar mondjesmaat. De PvdA is een bestuurdersclub geworden. Opvallend genoeg zijn veel van de Nieuw Linksers uit de jaren ’70 de oude regenten van de jaren ’90. Toen twee brutale studenten, Lennart Booij en Erik van Bruggen, hem een brief stuurde dat het ‘anders’ moest in de PvdA en ‘opener’, werden zij met open armen ontvangen. Ze mochten de PvdA-campagne adviseren en kwamen later in dienst van Rottenberg om hem te helpen vorm te geven aan de partijvernieuwing. De twee studenten verzamelden een groep van jonge PvdA’ers om zich heen. Ze brachten samen een manifest uit, getiteld Niet Nix. In het manifest formuleerden ze een nieuwe koers van de PvdA: een sociaal-liberaal verhaal waarin milieu en onderwijs centraal stonden, Ook pleitten ze ervoor de PvdA om te vormen tot een democratische beweging. Bovendien moest de partij op zoek gaan naar jong talent uit de kunsten en het bedrijfsleven. In 1999 stelden Booij en Van Bruggen zich verkiesbaar voor het partijleiderschap. Ze verloren van de kandidaat van het establishment, Marijke van Hees. Het duurde nog bijna een jaar maar toen werd Niet Nix opgeheven. Het breed gedeelde gevoel was dat Niet Nix er niet in geslaagd was om de PvdA te hervormen.

In 2002 kreeg Nieuw Links als nog gelijk: de PvdA, die ook in de ogen van de kiezer een gesloten bestuurdersclub was geworden, werd door electoraal afgestraft. Ruud Koole (al verkozen in 2001) en Wouter Bos (verkozen in 2002) namen het roer over in de PvdA. Ze zetten in op vernieuwing van het gedachtegoed en de partij. Sommige Niet Nixers groeiden door: Van Bruggen leidde campagnes bij de PvdA, Frank Heemskerk werd staatssecretaris, Jan Vos Kamerlid, Co Verdaas gedeputeerde en Tino Wallaart persoonlijk assistent van een minister. Partijleiders Wouter Bos en Diederik Samsom waren geen lid van de beweging maar konden wel op sympathie van de club rekenen. Vervolgens accepteerde Samsom dat Nederland een historisch laag percentage van haar BBP besteedde aan ontwikkelingshulp, maar dat terzijde.

Lessen
Volgens mij leren Nieuw Links en Niet Nix vijf belangrijke lessen:

  • Vorm en inhoud gaan samen: het fundamentele verschil tussen Nieuw Links en Niet Nix is dat Nieuw Links een verhaal had toen ze werd opgericht. De PvdA moest naar links. Tien over rood is een praktisch democratisch-socialistisch programma. Daarbij hoorde een democratische partijorganisatie. Niet Nix vond dat de PvdA ‘anders’ moest en ‘opener’, maar hoe anders precies dat ontwikkelden de jongeren gaande weg.
  • Vergadertijgers winnen: Nieuw Links was van plan om de partij over te nemen en deed dit stapje voor stapje. In lokale afdelingen kregen ze congresafgevaardigden verkozen. Zo konden ze zich het partijbestuur toe eigenen. Met het congres en het partijbestuur achter zich namen ze ook de fractie in. Een klassieke infiltratietechniek. Niet Nix waren sympathieke jongens met leuke ideeën die al snel door de partij werden ingekapseld. Toen ze het onderste uit de kan wilden, namelijk het partijvoorzitterschap, kregen ze de partijtop op hun neus.
  • Begin in tijden van tegenslag: naar Niet Nix werd niet geluisterd. Midden jaren ’90 was de PvdA de grootste partij en leverde ze premier. Pas nadat de PvdA de verkiezingen had verloren, werden de lessen van Niet Nix overgenomen. Nieuw Links kon de PvdA overnemen toen de partij electoraal in verval was gekomen.
  • En wacht dan 20 jaar: maar als je er dan eenmaal bent gekomen door avonden lang te vergaderen om met een inhoudelijk verhaal te komen voor een partij in verval, en je hebt stap voor stap het congres, het partijbestuur en de fractie overgenomen, dan heb je een bestuurlijke carrière voor je liggen. Campaigner, het partijbestuur, persoonlijk assistent van een bestuurder,Tweede Kamerlid, wethouder, Commissaris van de Koningin, partijleider. De wereld ligt aan je voeten.

Langs de Afgrond

Een partij die terugvalt naar nog maar een paar zetels in de Tweede Kamer. Maar vervolgens nog geen drie jaar later voorop loopt in de peilingen. En de partij haalt evenveel zetels in het Europees Parlement als in de Tweede Kamer. Een mooie droom voor GroenLinksers? In zijn boek Langs de Afgrond. Tien turbulente jaren in de geschiedenis van D66. laat Menno van der Land zien dat het kan.

Er zijn een aantal interessante analogieen tussen de ontwikkeling van D66 2003-2006 en GroenLinks 2010-2012: onhandig optreden rondom Afghanistan, een lastige sociaal-economische positie en een vergelijkbare electorale positie.

Afghanistan

“Het optreden van Sap en haar fractie brengt GroenLinks veel imagoschade toe. Niet omdat het inhoudelijke verhaal van GroenLinks niet deugt, maar door een reeks strategische en tactische blunders die de GroenLinks-fractie heeft gemaakt. Het gebrek aan interne communicatie, de te late standpuntinname, het steunen van een impopulair minderheidskabinet; het is een opeenstapeling van fouten.”

Het zou een glasharde analyse kunnen zijn de besluitvorming van GroenLinks rondom Kunduz. Maar het is een analyse -met een aantal woorden gewijzigd- van Van der Land over de besluitvorming van D66 rondom Uruzgan.

Inhoudelijk mag iedereen zijn mening over de politietrainingsmissie naar Kunduz hebben. Maar de goede intenties kunnen we niet ontkennen. De motie-Pechtold/Peters wilde de ontwikkeling van de Afghaanse rechtsstaat steunen toen duidelijk werd dat de militaire missie naar Uruzgan zou worden beëindigd. Een politietrainingsmissie naar Afghanistan werd, in de zomer 2010, gesteund door 75% van de GroenLinks-kiezers.

De besluitvorming over de Kunduz-missie was ingewikkeld voor GroenLinks. De GroenLinks-fractie besloot op het laatste moment de missie wel te steunen maar kon haar electoraat niet mee nemen in de redenering. De politietrainingsmissie kon, in het voorjaar van 2011 nog maar rekenen op de steun van 25% van de GroenLinks-kiezers.

De belangrijkste oorzaak? De politieke context was veranderd. Het was de zoveelste een reeks van beslissingen over Afghanistan waarin politiek opportunisme en oprecht idealisme door elkaar heen liepen. In 2005 had de PvdA de militaire missie naar Uruzgan nog gesteund vanuit de oppositie. Hierover schrijft Van der Land. Boris Dittrich, op dat moment fractievoorzitter van D66, was tegen de missie. Hij had gehoopt de PvdA, die toen inhoudelijk (nog) voor de missie was, te verleiden tegen te stemmen door de mogelijkheid van een kabinetscrisis op tafel te leggen. De sociaal-democraten wilden geen politiek bedrijven over de ruggen van Afghanen en stemden tegen. Eenmaal in de regering verzette de PvdA zich tegen de verlenging van missie en liet het kabinet erover vallen, vlak voor de gemeenteraadsverkiezingen van 2010. Na de verkiezingen van 2010 werd een rechts minderheidskabinet geïnstalleerd dat op veel onderwerpen afhankelijk was van de PVV. De Kunduz-missie was de eerste keer dat de PVV het minderheidskabinet niet steunde. Voor de PvdA liepen inhoudelijk en strategische argumenten rondom Kunduz samen: zij kon tegen stemmen. Voor GroenLinks waren inhoudelijke argumenten en electoraal-strategische argumenten juist tegenovergesteld.

GroenLinks voorkwam een kabinetscrisis over Afghanistan door tegen de wil van haar kiezer en zonder rugdekking van de PvdA voor een civiele politietrainingsmissie naar Kunduz te stemmen.

Het gestuntel rondom de Uruzgan-missie was hét moment van de ineenstorting van D66. De stemming voor de Kunduz-missie was hét begin van de val van GroenLinks. Beide besluiten werden vlak voor lokale verkiezingen genomen door leiders die door de fractie en niet door het congres waren verkozen. In beide gevallen probeerde een kleine partij politiek te bedrijven op internationale thema’s, maakte ze strategische fouten en betaalde daarvoor de electorale rekening.

Electorale positie

Maar dat is niet de enige analogie tussen D66 en GroenLinks. GroenLinks en D66 hebben altijd genavigeerd op de PvdA. Zat de PvdA in de regering dan konden de D66 en de GroenLinks constructief oppositie voeren of soms zelfs meeregeren. Zat de PvdA in de oppositie dan vormden de drie partijen een blok. Maar het ging voor beide partijen mis toen zij een zeer impopulair kabinet met een rechts economische profiel steunden zonder de PvdA. D66 deed dat drie jaar in een coalitie. GroenLinks deed dat in het Lenteakkoord. Hiermee verschoof de partij in de ogen van de kiezer naar rechts.

De electorale analyse van beide partijen is hetzelfde: de partijen zijn ‘tweede-keuspartijen’. Ze zijn een electorale mogelijkheid voor velen, maar hiervan wordt altijd maar een klein deel gerealiseerd. Een groot deel van de kiezers is ‘eigenlijk D66′er’ of komt bij de stemwijzer op GroenLinks uit. Doorslaggevend voor de vraag of kiezers daadwerkelijk op de partij stemmen is of kiezers de partij als serieuze coalitiepartner zien.

Renaissance

Tussen 2006 en 2010 maakte D66 een miraculeuze renaissance door. Terwijl de partij maar drie zetels had in de Tweede Kamer, haalde ze drie zetels in het Europees Parlement en stond ze in sommige peilingen al op 25 zetels. Premier Pechtold werd een serieuze optie.

Van der Land schrijft het electorale succes van D66 grotendeels toe aan het optreden van Pechtold. Het boek lijkt soms wel een Noord-Koreaanse biografie van Kim-Jong Il. Pechtold kan namelijk niets verkeerd doen: hij is gevat, non-chalant en tegelijkertijd bevlogen. Hij opereert handig in de Kamer en doet het goed op televisie. Hij was hét gezicht van de oppositie tegen de xenofobie en het extremisme van Wilders én de leider van de oppositie tegen het vierde kabinet-Balkenende van stilstand en moralisme. Hiermee toonde hij de eigen agenda van D66, een genuanceerde agenda van tolerantie, individualisme en hervormingen. Hoe het kan dat de partij van 25 zetels in de peilingen daalde naar 10 zetels in de verkiezingen, wordt niet geanalyseerd.

GroenLinks kan wel wat leren van D66. De fundamenten van GroenLinks zijn gezond. Het belang van eerlijk delen in Nederland én wereldwijd, nu én in de toekomst is niet afhankelijk van de politieke conjunctuur. GroenLinks moet een politieke opponent vinden die helpt om haar eigen verhaal te vertellen. Het huidige kabinet is een gedroomde tegenstander. De verkiezingen die GroenLinks gewonnen heeft, waren in periodes waarin de PvdA in het kabinet zat. Dan moeten de sociaal-democraten compromissen sluiten met rechts: dan is een bezuiniging in de sociale zekerheid waar GroenLinks en de PvdA samen tegen gestreden hebben plotseling ‘okay’ voor de sociaal-democraten; of dan is milieubeleid leuk voor de PvdA zolang het maar niet ten koste gaat van groei. De  PvdA-kiezers die ontevreden zijn over de koers van het sociaal-democratische moederschip kunnen dan onderdak vinden bij GroenLinks.

Het boek van Van der Land is een belangrijk boek, niet alleen omdat het historisch interessant is te lezen waarom het misging bij D66 en hoe de partij in rap tempo het tij keerde, maar omdat GroenLinks’ers daar juist nu veel van kunnen leren.

Een groen wedge issue

Plassen onder de douche, gratis kraanwater en het vuurwerkverbod. Het zijn allemaal de verschijningsvormen van hetzelfde probleem. GroenLinks mist een groene versie van de kopvoddentax.

Een kopvoddentax is een wedge issue. Een voorstel waar 50% van de bevolking het harstochtelijk mee eens is en 50% het hartgrondig mee oneens is. En waar de 50% die het er mee oneens zijn daar zo’n punt van maken dat zij de media blijven zoeken om hun tegenstand te blijven herhalen. En waardoor de 50% die het er mee eens zijn zo voortdurend versterkt worden in hun opvattingen.

Plassen onder de douche en gratis kraanwater zijn voorbeelden van een voorstel waar veel mensen het mee oneens zijn en die het graag herhalen. Maar het onderwerp is niet overtuigend genoeg om het groene mensen mee te krijgen. Daarvoor is het te klein.

Maar de belangrijkste voorstellen van GroenLinks zijn geen wedge issues. Onze voorstellen voor eco-belastingen zijn technocratisch en milieubestuurlijk. Ze roepen geen tegenstand op aan de kant van de oppositie en geen passie op aan de kant van de voorstanders. Het zijn een gematigde voorstellen dat bij niemand geestdrift opwekt in positieve of negatieve zin. Dat betekent niet dat het een slecht voorstel is overigens, maar niet een die heart & minds van mensen in beweging zet.

Aan de andere kant zijn de hedendaagse milieuproblemen te groot, te zeer langetermijnproblemene en te abstract om er direct over te praten. “Als jij nu niet handelt zal klimaatverandering de wereld zoals wij kennen vernietigen over vijftig jaar.” Dat roept meer angst op dan de motivatie om te handelen. Milieuproblemen moeten verkocht worden in bite-size packages die aan de ene kant niet te klein zijn om niet serieus genomen te hoeven worden en aan de andere kant niet te groot zijn om met name angst te genereren.

Het vuurwerkverbod raakt in mijn ogen een boel juiste noten. Ongeveer 50% van de mensen is er tegen en 50% van de mensen is ervoor. De mensen die ervoor zijn echte vuurwerkenthousiasten die hun ene avond pyromanie niet willen laten afpakken en de andere zijn vuurwerkhaters die op nieuwjaarsavond een huisje op de hei zoeken ver weg van de herrie, de rommel en de stank. Bovendien is dit een probleem dat zowel mensen op de korte termijn raakt (vuurwerkslachtoffers) als op symbool is voor langetermijnproblemen (verspilling van grondstoffen en luchtvervuiling). Bovendien is het een jaarlijks terugkerend ritueel in de nieuwsluwe decembermaand. En toch wringt het: want GroenLinks heef zich willen positioneren als vrijzinnige partij zonder moralistisch vingertje. Daar past een verbod op een avond nationaal plezier niet bij. In het verleden was de Tweede Kamerfractie weinig enthousiast over de vasthoudendheid van het duo Rietveld-Bonte. Toch moet ik hen het nageven: hun consistente herhaling van hun boodschap (‘meer plezier met minder vuurwerk’) leverde in het begin met name scheve ogen op. Maar het is nu overgenomen in het GroenLinksprogramma en hun initatief in eind vorig jaar werd uitgevoerd samen met een tiental lokale GroenLinks-afdelingen.

Een ander voorstel dat het ook goed doet is een verbod op mega-stallen. De Brabantse GroenLinks-afdeling voerde er succesvol campagne op. Het raakt mooi een groot aantal groene GroenLinks-thema’s: landschap, dierenwelzijn en gezondheid. Bovendien zijn de voorstanders van zo’n verbod talrijker dan de tegenstanders. Maar is er aan beide kanten genoeg passie om een debat op te zetten. Inhoudelijk zitten er wel een aantal haken en ogen aan het voorstel: op klimaat scoort een mega-stal beter dan een bio-stal. Je kan dan namelijk veel beter de broeikasgassen, geproduceerd door vee, afvangen in een afgesloten mega-stal dan in de vrije natuur. Al met al: het is niet zo zwart/wit. Het past niet bij een genuanceerde partij als GroenLinks om fundamenteel tegen mega-stallen te zijn.

Kortom: GroenLinks moet op zoek naar een groen onderwerp waarop ze 50% van de kiezers vol geestdrift achter zich heeft en 50% van de kiezers op de kast jaagt. Het moet een onderwerp zijn dat niet te klein is om weggelachen te worden, maar niet zo groot dat mensen zich machteloos voelen. En bij voorkeur moet het regelmatig terugkeren in de nieuwscyclus zodat GroenLinks zich er consistent op kan vastbijten. En daarvoor moeten we onze vrijzinnigheid en nuance maar stallen. Want een wedge issue is politiek goud.

Don Quichot

Een poster van de anti-windmolenbeweging

Laatste fietste ik door Drente. Daar stonden allerlei borden en doeken “Windmolens nee”. Voor iemand die afkomstig is uit Noord-Holland vrij onbegrijpelijk: voor mij staan windmolens voor vooruitgang. Ik sprak een van de lokale boeren, een biologische tuinder die zich heeft gespecialiseerd in vergeten groentes en eetbare bloemen.

Ze legde het rustig uit: “Er zijn drie soorten duurzame energie: windenergie, zonne-energie en bio-massa. Ik vind dat bij de afweging welke duurzame energiebron we kiezen in Drente esthetische argumenten een rol moeten spelen. Ik vind zonne-panelen beter, want windmolens verstoren het Drentse landschap.”

Was het kruidenvrouwtje de moderne incarnatie van Don Quichot? Ze klonk bijzonder redelijk. Windenergie, zonne-energie en bio-massa zijn inderdaad de belangrijkste bronnen van duurzame energie. Op de duurzaamheid van sommige daarvan kunnen we wat afdingen. De vraag is dan welke criteria we moeten toepassen bij het selecteren van energiebronnen.

De duurzaamheid van duurzame energiebronnen
De duurzame drieslag: bio-massa, zonne-energie en windenergie. De laatste echter is als duurzame energiebron in grijs gebied. Bio-massa komt of direct uit de landbouw of indirect uit afval.
De bio-brandstoffen uit de landbouw komen (nu nog) met name uit palmolie. Om palmolie te winnen worden (nu nog) oerwoud gekapt. Dat lijkt me niet duurzaam (zie hier). Er komen ook bio-brandstoffen uit suikers (bv. mais). Om die te krijgen, wordt landbouwgrond en water gebruikt die anders voor voedsel gebruikt zou worden. Dit drijft de prijs van voedsel omhoog, wat ten koste gaat van de allerarmsten (zie hier en hier).
Dan is er ook nog optie afval. We kunnen biologisch afval gaan verbranden. Denk bijvoorbeeld aan mest uit de landbouw. Daar zijn wel wat bezwaren tegen te formuleren: zoals dat de intensieve veehouderij een belangrijke bron is van klimaatverandering, omdat koeien productenten zijn van bijzonder effectieve klimaatgassen. Je zou ook bijproducten van boskap kunnen verbanden, maar dat onttrekt koolstof uit het bos en pompt dat in het atmosfeer (zie hier). Maar bovendien we moeten toe naar een economie met minder afval waarin meer wordt hergebruikt. Het verbranden van afval is met het streven naar een cyclische economie niet duurzaam.

Zonne-energie is een stuk duurzamer, maar niet perfect (zie hier en hier). Zonne-panelen zijn, in vergelijking met windenergie, relatief complexe aparaten. Er zitten zware metalen in verwerkt, zoals cadmium, kwik en chroom. Deze zijn relatief schaars, de winning ervan is slecht voor het milieu en bovendien kan daardoor een zonne-paneel niet zo maar bij het grofvuil. Zonne-energie is daarmee niet het meest duurzame van het drietal.

Dat is windenergie. Windturbines zijn niet alleen een energiebron die Nederland al sinds mensenheugenis gebruikt, maar bovendien de manier waarop bijna alle andere energiebronnen werken. De techniek ervan is dus al bekend. Het enige milieuprobleem dat eraan gerelateerd is, is landschapsvervuiling (zie hier). Vanuit duurzaamheidsperspectief is het een trio met een voorkeursordening: windenergie, zonne-energie en dan bio-brandstoffen.

Kracht van de zon in Duitsland

Efficientie
Maar er is niet alleen sprake van een algemene voorkeursordening. Volgens mij is het andere belangrijke criterium bij de toepassing van duurzame energie efficientie. Als we duurzaam willen omgaan met onze energie dan zullen we energiebronnen moeten inzetten waar ze het meeste energie op leveren. Dus geen windenergie in een windstil gebied, geen zonne-energie in een schemerrijk gebied en geen bi- massa op verre afstand van de regenwouden, akkerbouwgebieden, veestapels, bossen en bevolkingscentra waar ze vandaan kwamen. Drente past dan qua profiel het beste bij windenergie. Een vlak land waar het hard waait. We horen veel over het succes van Duitse zonne-energie. Dat is toch een vergelijkbaar land? Maar het is vrij simpel: hoe zuidelijker in Duitsland hoe meer zon, hoe passender zonne-energie

Kracht van wind in Europa

Maar qua wind zijn er alleen gebieden in het Verenigd Koninkrijk en Denenmarken die gepaster zijn voor windenergie, dan Noord- en West-Nederland.

Esthetiek
Als je esthetiek dan als criterium wil toepassen, naast de duurzaamheid van het middel en de gepastheid van het middel in het specifieke gebied dan moet je twee aantekeningen maken: ten eerste het utilitische beginsel en ten tweede kostenbeginsel.

Laten we de notie onderschrijven dat windmolens het geluk van de bewoners vermindert want daar hebben we het over: bij andere vormen van NIMBY-gedrag, zoals radio-actieve energie, gaat het om gezondheid. Hier gaat het om geluk. Dan we zullen windmolens moeten plaatsen daar waar het niet alleen het meest passend is, maar ook waar de minste mensen er last van hebben. De provincie met de laagste bevolkingsdichtheid is: Drente, met 185 inwoners per vierkante kilometer.

Maar ten tweede, is er een morele vraag: klimaatverandering is een abstract ver-van-mijn-bed-probleem. Over 100 jaar is het misschien op aarde zes graden warmer. De urgentie van het probleem valt weg bij alledaagse problemen als zorgen over werk, je pensioen en het uitzicht vanuit je huis. Het klimaat verandert. So what? De gevolgen van klimaatverandering worden echter heel direct zichtbaar in de armste landen. In Bangladesh zorgt het veranderende klimaat nu al voor watertekorten in sommige gebieden en overstromingen in andere gebieden. Dat kost op dit moment al mensenlevens: mensen die verdrinken bij overstromingen of die te weinig eten krijgen door droogte. De simpele vraag is dan: hoeveel mensen levens is het je waard om geen windmolen te hoeven zien?

13 redenen waarom 2013 een ***-jaar wordt

We vonden al die aanhangers van de Maya-kalender die dachten dat de wereld verging volslagen gekkies. Maar 2013 wordt zo’n ongekend ***-jaar dat we die Maya-gekkies misschien beter gelijk hadden kunnen krijgen.

Bijsluiter: Dit stuk is volslagen speculatie zonder enige basis in de werkelijkheid.

Beppe Grillo, de winnaar van de Italiaanse verkiezingen

1. “There is no clear winner of the Italian elections”
De Italiaanse verkiezingen van februari 2013 worden een volslagen ramp. De verkiezingen leveren geen heldere meerderheid op: noch voor de pro-Europese partijen, noch voor links of rechts. De grote winnaar van de verkiezingen is Beppe Grillo, de komiek die leiding geeft aan de Euroskeptische, anti-establishment partij Movimente 5 Stelle. Het wordt de tweede partij van Italie. De centrum-linkse Partito Democratico blijft de linkse populisten net voor maar weet geen meerderheid te krijgen. De populistische, separatistische en Euroskeptische Lega Nord wint overtuigend in het Noorden. Berlusconi geeft leiding aan het centrum-rechtse Popolo della Liberta maar verliest alle aanhang behalve in Zuid-Italie. De centristische vernieuwingsbeweging van Mario Monti, Agenda Monti per l’Italia, haalt een heel slechte score. Samen halen deze rechtse partijen wel een meerderheid maar hun hekel voor elkaar is nog net groter dan hun hekel voor links. De afwezigheid van een heldere verkiezingswinnaar en daardoor een heldere regeringsmeerderheid in Italie werpt de Europese beurzen in een grote crash.

Mario Draghi, de nieuwe premier van Italie

2. “We must save the Italian banks … sorry … the Italian people.”
Vanwege de gekelderde beurskoerzen dreigden de Italiaanse banken om te vallen. Bovendien heeft de depressie een groot gat geslagen in de Italiaanse begroting. Maar centrum-links, centrum-rechts en de centrum-beweging van Monti komen er samen niet uit. Terwijl de Italiaanse groei- en werkgelegenheidcijfers steeds roder worden, het begrotingstekort stijgt en de beurzen blijven dalen, staat de Italiaanse politiek een half jaar stil. Dan grijpen de Europese regeringsleiders in. Ze dwingen wederom een zakenkabinet af, nu geleid door de voorzitter van de Europese centrale bank Mario Draghi. Dit kabinet is niet alleen verantwoording schuldig aan het Italiaanse parlement maar ook aan de Europese raad. In ruil voor het zakenkabinet krijgt de Italiaanse bankensector en de Italiaanse overheid financiele steun vanuit Brussel. Deze reddingsoperatie zuigt het grootste gedeelte van het Europese noodfonds leeg.

Het hoofdkantoor van Unicredit de grootste bank van Italie

3. “This was common practice for Italian bankers”
Nog geen halve week nadat de reddingsoperatie rond is, breekt er een groot corruptieschandaal los in de Italiaanse bankensector. Deze blijkt structurele banden te hebben met de Maffia. In geheime afspraken werd door grote Italiaanse banken geld geleend aan de Maffia om politici om te kopen voor ‘goede diensten’, en vervolgens het geleende geld terug te betalen met forse rentes. Op het moment dat de Italiaanse banken onder Europese controle komen, blijkt deze constructie onhoudbaar, maar blijken daarmee de omzetcijfers van bijna alle grote Italiaanse banken gebaseerd op drijfzand. De Europese regeringsleiders voelen zich genoodzaakt om alle grote Italiaanse banken op te kopen.

De aanslag op de Deense pizzeria vormde het dramatische dieptepunt van het verzet tegen de BTW-verhoging.

4. “The coordinated VAT-increase will be a solidarity tax with the Italian people.”
Europese regeringsleiders willen het reddingsfonds en opkoop van Italiaanse banken niet langer uit hun (onder grote druk gekomen) begrotingen financieren en besluiten het te betalen uit een ‘gecoordineerde BTW-verhoging’ van 1%. Het is een vondst van de Finse commissaris Olli Rehn. Alle Europese lidstaten verhogen hun BTW met 1%. Maar eigenlijk wordt dit de eerste Europese belasting. Europese regeringsleiders verdedigen in de eerste maand de impopulaire maatregel met verve: het is een Europese solidariteitsbelasting. Maar in de lidstaten wordt dit niet zo gezien: mensen weigeren om de belasting te betalen, bedrijven weigeren om de belasting af te dragen. De Nederlandse publicist Ewald Engelen twittert dat de BTW verhoging “a tax on European solidarity” is. Op 9 november 2013 wordt in Odense een pizzeria in brand gestoken door een groep die zich “Vrede Skatteydere” noemt.

Als voorzitter van de euro-groep voelt minister Dijsselbloem zich gedwongen om ook in Nederland zwaar te bezuinigen.

5. “Verdere bezuinigingen zijn noodzakelijk.”
De Italiaanse regerings- begrotings- en bankencrisis leidt tot een nieuwe ronde Catshuisonderhandelingen voor het fragiele kabinet Rutte/Asscher. Binnen de PvdA stuurt met name Jeroen Dijsselbloem, die als voorzitter van de Euro-raad een grote druk voelt om verantwoordelijkheid te nemen, aan op ernstige bezuigingen. In Mei 2013 wordt het pakket bekend:

  • verhoging van het eigen risico in de zorg en invoering van eigen bijdrages;
  • verhoging van de nominale zorgpremie;
  • een grote bezuiniging op het onderwijs;
  • een algemene verlaging van alle uitkeringen (behalve de AOW) met 10%;
  • en een algemene verhoging van de inkomensbelasting.

De PvdA verdedigt het Catshuisakkoord met verve. De PvdA-ministers kloppen zichzelf op de borst om hun vermogen om over hun eigen schaduw heen te springen. De PvdA-ministers vertellen het eerlijke verhaal: de crisis raakt iedereen maar het begrotingspakket is sterk en sociaal. Sterk door de nadruk op bezuigingen en sociaal door de verhoging van de inkomstenbelasting.
Er wordt een onwaarschijnlijke meerderheid in de Eerste Kamer gevonden die naast de coalitiepartijen bestaat uit ChristenUnie, SGP, D66 en de dissidente 50Plus-senator Kees de Lange.

Emile Roemer hervindt zijn flow als oppositieleider.

6. “Nu doet u het weer!”
Voor oppositieleider Roemer is dit echter het draaipunt. Hij zegt tegen PvdA-leider Samsom in het debat over het begrotingsakkoord 2014: “Nu doet u het weer. In het regeerakkoord liet u uw rode veren al door Rutte plukken, maar er is niets meer te plukken, meneer Samsom, u laat zich hier publiekelijk villen door Rutte en zijn begrotingsfundamentalisme. Er blijft niets over van de rode haan”. Na het akkoord daalt de PvdA sterk in de peilingen: er blijven nog maar 15 zetels over. Ook de VVD moet ernstig inleveren. Bovenaan de peilingen staan de SP en de PVV die stem geven aan de ontevredenheid over de aanhoudende Europese crisis, de solidariteitsbelasting met de Italianen en het hardvochtige begrotingsbeleid. Coalitiepartners VVD en PvdA houden elkaar innig vast. Maar met de Europese en gemeenteraadsverkiezingen van 2014 in beeld begint het verstandshuwelijk steeds meer op een gezamelijk zelfmoordpact te leiden.

Amsterdamse politie pakt een vrouwenhandelaar op.

7. “Razzia’s keren naar 70 jaar terug in de Amsterdamse straten.”
In een poging om daadkracht te tonen in tijden van crisis voeren VVD en PvdA met steun van de PVV de strafbaarstelling van illegaliteit versneld door. Tijdens een ontspannen diner halen premier Rutte en vice-premier Asscher de Amsterdamse burgemeester Van der Laan over om in een gecoordineerde actie een groot deel van de Amsterdamse illegalen op te pakken. Asscher ziet het als de mogelijkheid om een eind te maken aan mensenhandel. “Operatie schone straten” noemen ze het. De Amsterdamse GroenLinks-fractie trekt zich -verblogen over dit plan- terug uit het college. De Amsterdamse GroenLinks-leider Van Poelgeest houdt een felle, emotionele speech tegen het voornemen van het college. Maar het baat niet. Vanaf kerstavond 2013 gaan er geuniformeerde mannen door Amsterdam, van de afdeling speciale politie-operaties, die bij ieder huis aankloppen om er te kijken of er geen illegalen wonen en zo ja, deze meenemen naar een detentiekamp.

Naast het internationale en nationale economische nieuws domineren drie onderwerpen de media:

Volgens de Story zou de relatie tussen Beatrix en Charles begonnen zijn in 1989.

8. “Ik heb nooit seksuele relaties gehad met Prins Charles.”
In april breekt de Story met een schokkend verhaal: Koningin Beatrix zou de buitenechtelijke minnaar zijn van Prins Charles. Na het ongeluk van Friso zouden via Mabel de contacten tussen het Nederlandse en Britse Koningshuis heel innig zijn geworden. Beatrix zou steun vinden in de flegmatische humor van de Britse kroonprins. Van het verhaal is volgens de Rijksvoorlichtingdienst weinig waar. Er zou sprake zij van goede contacten tussen de Koningin en de kroonprins, maar van nachtelijke escapades in Buckingham Palace, die door een rancuneuze ex-butler aan de Story gelekt zijn, is niets waar. De mediastorm is enorm. Koningin Beatrix voelt zich genoodzaakt om afstand te nemen van het verhaal in een publieke toespraak aan het einde van Koninginnedag 2013. Hiermee drukt zij echter de speculaties over haar relatie met Charles, die zij in de speech ook niet ontkent, niet de kop in. Dit verhaal blijft de media domineren tot een nieuwe hype zich meldt.

Marianne Thieme laat staatssecretaris Dijksma vallen na Walvisgate

9.  “Ik eis dat de minister naar Moskou gaat om te eisen dat ze hun duikbootoperaties in de Noordzee stoppen.”
In juni van 2013 spoelen er twee bultruggen aan in Nederland. Staatssecretaris Sharon Dijksma had de invoering van een zeezoogdierenprotocol echter uitgesteld omdat zij bezig was met Europese onderhandelingen over de Gemeenschappelijk Landbouwbeleid. De creatieve Finse eurocommissaris Olli Rehn was namelijk met het innovatieve idee gekomen om de Italiaanse banken omhoog te houden met geld dat bedoeld was voor Italiaanse olijvenboeren. Nederland leidt de oppositie tegen dit ongelofelijke plan. PvdD-leider Marianne Thieme wil Dijksma echter aan de schandpaal nagelen voor haar nalatigheid. Zij eist een spoeddebat en dreigt met een motie van wantrouwen. Het debat krijgt een absurdistisch karakter omdat Dion Graus in De Telegraaf had gelezen dat de ‘tsunami van bultruggen’ veroorzaakt was door de verouderde sonar van Russische onderzeeboten die door internationale wateren varen. Maar ook de eigen PvdA-fractie is ontevreden over Dijksma, in de eerste plaats omdat een aantal fractieleden zichzelf geschikter had gevonden om staatssecretaris te worden. De staatssecretaris stelt zich koppig op in het debat en vindt zo de hele oppositie tegen zich… en zo blijkt in het debat in september 2013, zeven dissidente PvdA’ers, geleid door Lutz Jacobi. De bultruggen en de langzame val van staatssecretaris Dijksma domineren het nieuws.

Het uitlekken van The Hobbit II voorkomt het uitkomen van The Hobbit III

10. “The internet ruined the Hobbit for everyone.”
In zomer van 2013 lekt The Hobbit II uit, in een versie met alles erop en eraan behalve de 3D-effecten. De fantasy/avonturenfilm wordt de meest gedownloade film van de zomer. Aidan Turner, die de enige dwerg speelt zonder prosthetics, laat menig meisjeshart sneller kloppen. Als in december 2013 de film uitkomt sterft een jongen met epilepsie in de filmzaal. Volgens zijn moeder vanwege de 3D-effecten die zijn epilepsie hadden verergert; volgens de autopsie omdat de jongen die 3 dagen in de regen had zitten wachten om een kaartje voor de premier te krijgen leed aan open TBS. De moeder brengt via YouTube haar ideeen over de gevaren van 3D-filmmaken de wereld in. Bange moeders verbieden massaal hun kinderen om naar The Hobbit II te gaan. De download van de normale 2D versie breekt alle piraterijrecords.
Peter Jackson verklaart dat The Hobbit III niet zal uitkomen. Internetpiraterij maar ook de manier waarop onzin zich via de sociale media met hoge snelheid over de planeet verspreidt, heeft het plezier (en de winst) filmmaken voor Jackson volslagen kapot gemaakt. Deze opvallende gang van zaken domineert het nieuws in de laatste maand van 2013.

Drie verhalen worden door de media-hypes echter buiten het gezichtsveld van het Nederlandse publiek gehouden.

Grote overstromingen in Duitsland, net voor de Nederlandse grens

11. “The climate crisis has taken much stronger forms much earlier then our models projected.”
Het internationale panel over klimaatverandering (IPCC) oordeelt in de herfst van 2013 dat de series van orkanen in 2012 en in 2013 het gevolg zijn van klimaatverandering. Ook de aanhoudende droogte in de de Amerikaanse mid-west zouden hier volgens het panel een directe gevolg van zijn. Datzelfde geldt voor de overstromingen van de Maas in Belgie en de Rijn in Duitsland in de lente van 2013. En van het verdwijnen van de eerste eilanden van Vanuatu onder de zeespiegel. Nederland blijft van overstromingen gespaard. De modellen waren volgens de klimaatwetenschappers te conservatief. Nu oordelen zij dat niet in 2090 maar in 2030 de temperatuur met 4 graden zal stijgen.
In Nederland krijgt het onderwerp nauwelijks aandacht. Alleen Helma Nepperus weet er gebruik van te maken. Zij buit de onzekerheid over de klimaatvoorspelling uit om alle conclusies van het IPCC op losse schroeven te zetten. Een spetterend optreden in Pauw en Witteman, waarin zij vakkundig de directeur van het Planbureau voor de Leefomgeving wegzet als een bureaucraat uit “1984″ die de ene dag zeker weet dat X waar is en de andere dag zeker weet dat Y waar is, kattapulteert haar naar het fractievoorzitterschap van de VVD nadat Halbe Zijlstra in 2013 voorzitter van de Raad van Cultuur wordt.

Na de sluiting zal de Large Hadron Collider worden gebruikt als supersnelle achtbaan.

12. “Higgs Boson found. Scientific progress has come to its natural end.”
De gevolgen van de Europese bezuinigingen op wetenschap worden duidelijk. De Large Hadron Collider in Geneve wordt gesloten, net nu er grote stappen worden gemaakt met de ontdekking van de allerkleinste deeltjes. Maar op de Europese begrotingen is geen ruimte meer voor wetenschap, trouwens ook niet meer voor kunst of natuur, alleen nog maar voor steunpakketten voor banken en werkloosheidsuitkeringen. Het ongeloof van wetenschappers over het sluiten van deze wetenschappelijke instelling vindt geen aansluiting bij de media: het ‘goddeeltje’, de Higgs Boson was toch gevonden? De wetenschap was toch af? Voor de nuance dat 99.99% zekerheid iets anders is dan 100% en dat de wetenschap niet ‘af’ is nu dit deeltje met enige zekerheid waargenomen was, was geen ruimte; noch bij de media, noch bij de internationale politiek. Zelfs de brandbrief van Nobelprijswinnaars Veltman en ‘t Hooft dat hiermee fundamenteel natuurkundig onderzoek effectief de nek om wordt gedraaid, wordt niet geplaatst in de Volkskrant: te ingewikkeld.

Damascus kleurt rood met Damascusrozen

13. “We all love Al-Assad. We always loved Al-Assad. We will always love Al-Assad.”
De Syrische burgeroorlog blijft doorsmeulen. De internationale gemeenschap blijft tot op het bot verdeeld over ingrijpen. De Russische president Poetin en de Chinese premier Wen steunen Assad. De Amerikaanse steun voor de Islamitische rebellen neemt af, als blijkt dat hun kans om te overwinnen steeds kleiner wordt. Ook het vertrek van interventionisten als Susan Rice en Clinton maakt Obama veel minder geneigd om in te grijpen. Nu bestuurt John Kerry, die door zijn eigen ervaring in Vietnam een afkeer heeft voor militair ingrijpen, het State Department. Op 27 augustus 2013 kleuren de straten van Damascus rood… rood van de duizende rozenblaadjes die worden neergegooid door aanhangers van Assad. De president verklaart op die dag dat de politionele operaties in Syrie gestopt zijn en alle stabiliteit in het land is teruggekeerd. De beelden van president Al-Assad, die, gekleed in een traditioneel Syrisch wit gewaad in een zee van rode rozenblaadjes loopt, bereiken de Nederlandse televisie nog wel, maar voor de verhalen van de tienduizenden politieke gevangen, de verhalen over martelingen en de verhalen over het verdwijnen van de aardbodem van complete dorpjes is geen ruimte in de “verschillige” praatprogramma’s, waar met name aandacht is voor het prive-leven van de Koningin, de bultrug en verhalen van Alexander Klopping over hoe Peter Jackson niet mee kan doen in de moderne informatiesamenleving.