GroenLinks bijt zich in zijn staart

Vandaag was BinnensteBuiten de tweede GroenLinks debat dag. Nu we aan het einde komen van nog een fase van het toekomstproject viel het op dat er binnen GroenLinks een brede consensus leeft: de huidige verzorgingsstaat is niet goed genoeg, omdat er nog zo veel mensen geen kans krijgen op werk.

Tijdens het debat over sociale politiek benadrukte Alexander Rinooy Kan en Ton Wilthagen de noodzaak van participatie als kernbegrip van onze sociale politiek. Wilthagen legde verder uit hoe in een "akkoord van kanaleneiland" de overheid, werkgevers en werknemers plannen zouden moeten maken om flexibilisering van de arbeidsmarkt (m.n. arbeidstijden, pensioengerechtigde leeftijd) uit te wisselen voor de zekerheid van een baan, scholing en intensieve loopbaanbegeleiding. In de afterparty benadrukte de GroenLinksers dat zij naast arbeid ook ruimte wilden voor vrijwilligerswerk en zorg en dat er vormen van sociale zekerheid bedacht moesten worden zodat mensen daar ook voor betaald zouden kunnen worden, ten minste als zij geen werk kunnen vinden. Er heerste een brede consensus rond een nieuwe visie op solidariteit gebaseerd op participatie, flexibilisering, baanzekerheid, scholing, loopbaanbegeleiding, waardering voor vrijwilligerswerk en zorg.

Maar …, maar … stond dat niet allemaal in het zo gevilifieerde Vrijheid Eerlijk Delen? En in het huidige verkiezingsprogramma? Komen we er nu na anderhalf jaar toekomstproject achter dat het wel goed zit met de lijn van de sociale politiek? Was het "conflict" over Vrijheid Eerlijk Delen niet ons grote probleem?

Leave a Reply