Halsema’s Hyperconsumptie, Haast en Hufterigheid II: J.S. Mill

Ik wil komende tijd Femke Halsema’s Geluk door nemen op dit blog. Mijn eigen mening over het essay is gemengd.Ik wil hier laten zien dat zelfs filosofen die utilisme en liberalisme mengen een ander perspectief zullen hebben op "hyper"-consumptie, dan Halsema. Halsema deelt haar ambigue relatie ten opzichte van het utilisme en het liberalisme met J.S. Mill. Hij vormt als filosoof de brug tussen utilisme en (links-)liberalisme. Daarom is het interessant om vanuit het licht van zijn On Liberty te kijken naar haar Geluk!

Voor J.S. Mill staat geluk centraal. Hij streeft naar een samenleving waarin iedereen gelukkig is. Maar zoals Halsema beseft hij zich dat de overheid daar niet voor kan zorgen. De maximalisering van geluk is gebaat bij een maximale culturele vrijheid. J.S. Mill verzet zich tegen een conformistische, traditionele cultuur en stelt daartegenover dat mensen alles moeten kunnen doen zolang zij anderen maar niet schaden. De onderliggende verdediging is utilitisch: er is nog niet een levenswijze gevonden waarvan iedereen ultiem gelukkig wordt. Het culturele klimaat kan daarom het beste experimenten in levenswijze koesteren, zodat we er ooit achter kunnen komen wat die ene goede levenswijze is (als hij al bestaat): vrijheid staat in dienst van geluk.

Halsema’s pleidooi lijkt mooi te passen in dit kader. In haar interne kritiek op het utilisme stelt dat zij er achter gekomen is dat bepaalde sociale processen (hyperconsumptie) niet goed zijn voor ons geluk. En dat "evangelie" komt zij nu verspreiden. Dan rijst de vraag: is het de rol van de politiek om uit te leggen hoe het niet moet? Karl Popper stelt van wel. Hij deelt J.S. Mill’s opvatting dat wij niet weten hoe we wel moeten leven, maar we weten steeds beter hoe het niet moet. Popper ziet een rol voor de overheid in het bestrijden van misstanden en leed. Dat kunnen we namelijk wel identificeren.

Maar ik meen dat zelfs een liberale utilist een andere kritiek op de hyperconsumptie centraal zou stellen. Voor Halsema staat de paradox van de hyperconsumptie centraal. Het geluk dat we na streven kunnen we niet bereiken. Een ander probleem van onze consumptie dat Halsema bewust niet in haar boek bespreekt, is echter voor utilisten veel groter. Halsema stelt dat er een bepaald inkomensniveau is waarop we genoeg geld hebben: dan maakt een extra euro niet gelukkiger. Veel mensen zitten daar ver boven, maar een boel mensen (in het Zuiden van deze aarde) zitten daar ver onder. Het leed dat we zouden kunnen bestrijden door inkomen van Noord naar Zuid te bewegen is veel groter dan het leed dat Halsema bestrijdt door ons te verlichten met haar theorie van geluk. Dat zorgt ervoor dat niet iedere euro gebruikt wordt om het maximale geluk eruit te halen: daarvoor zouden wij in het Westen minder moeten en hebben en "zij in het Zuiden" meer.

De utilistische principes die Halsema heeft roepen op tot een verder gaande herverdeling dan zij voorstaat in haar boek. Ook, ten minste dat zou ik stellen, zou het oproepen om minder navel te staren over hoe wij hier net iets gelukkiger kunnen worden en meer in te zetten op maximale totaal wereld van iedereen op deze planeet.

Leave a Reply