Politiek voor de Leek

"Ik wil wel de eerste vrouwelijke premier van Nederland worden" zei Mei Li Vos tegen Volkskrant voor ze in de Kamer kwam. Bijna drie jaar zat Vos in de Kamer. Daar werd ze zoals te lezen is in haar openhartige boek Politiek voor de Leek gemakkelijk gemarginaliseerd door de PvdA-top. Vos miste zoals ze zelf analyseerde de drive om zichzelf tot een politiek succes te maken. Het boek geeft een bijzonder eerlijk en open beeld van hoe iemand faalt in de parlementaire politiek. Een must read voor iedereen die ook maar een beetje politieke ambitie heeft.

De kandidatuur van Vos was controversieel: als voorzitter van het Alternatief voor Vakbond en als columniste had Vos stelling genomen voor een nieuwe generatie van jonge werknemers en het conflict met de bestaande vakbeweging niet geschuwd. Het wekte dan ook geen verbazing dat de  oud-linkse FNV-vleugel van de PvdA, in de kandidatencommissie vertegenwoordigd door Lodewijk de Waal, zich verzette tegen de kandidatuur van Vos. Plaats 38 kreeg Vos toegewezen door het congres. Zelf had Vos ook niet de ambitie om veel hoger te komen, ze had de commissie plaats 36 voorgesteld. Toen ze drie jaar later terugkeerde bij de kandidatencommissie plaatste deze haar op dezelfde plek, met als voornaamste argument dat ze was tegengevallen als kandidaat.

Nog voor ze Kamerlid werd, maakte Wouter Bos haar duidelijk dat ze geen mooie portefeuille zou krijgen. Vos accepteerde dat terwijl ze zich realiseerde dat de portefeuille het kostbaarste bezit van een Kamerlid is. Ze kreeg een patchwork portefeuille met met name sociaal-economische onderwerpen: consumentenzaken, flexwerkers, mededinging en financieel toezicht. Ze was naar eigen zeggen veel te onbelangrijk en te liberaal om de portefeuille arbeidsmarkt te krijgen, waar haar hart lag.  Omdat men verwachtte dat Vos de conservatieve lijn van de PvdA op bijvoorbeeld ontslagrecht niet deelde, mocht ze zelfs niet naar De Wereld Draait Door of Pauw & Witteman van de afdeling voorlichting. Ze kon dan nog wel eens live the question kon krijgen ("wat vindt u, mevrouw Vos, van het ontslagrecht?"). Zelfs op haar eigen onderwerp (flexwerkers) werd Vos met een kluitje het riet in gestuurd. De voorstellen die op dit onderwerp met de SP uitwerkte (niet de meest liberale partij in de Tweede Kamer zullen we maar zeggen), zouden volgens de fractietop niet in goede aarde vallen bij het centrum-rechtse CDA en eindige daarom onder in een la. Financieel toezicht werd door de financiele crisis te belangrijk voor een backbencher en dus werd Paul Tang daar woordvoerder op.

Vos heeft na een half jaar sterke twijfels over haar Kamerlidmaatschap: met name het gebrek aan invloed dat ze als backbencher heeft, breekt haar op, ze was toch de Kamer ingegaan omdat ze daar dacht meer te kunnen veranderen dan als vakbondsvoorzitter. Vos zoekt het gedeeltelijk bij zichzelf: ze zou de drive, de machtsdrang, de noodzaak om te winnen missen om echt voor haar eigen positie te strijden.

Het is met name mooi om te zien, hoe Vos, gepromoveerd politicologe, kijkt naar processen in de Kamer. Als laatkomer in de fractie (doorgeschoven na de formatie) moest Vos alles zelf leren: van kleine regels ("Kamerleden mogen bij hun installatie niet uit het glas van de voorzitter drinken") tot het echte politieke handwerk. Een groot deel hiervan speelt zich achter de schermen af: niet in de arena van de Tweede Kamer maar tijdens de informele overleggen tussen de coalitiepartijen. Dan kan je anders dan voor de camera's, echt in rust argumenten uitruilen, zaken na rekenen en belangen evalueren. En als je dan nog niet kan bereiken wat je wil laat Vos mooi zien wat je alternatieven dan nog zijn: bevalt een wet je niet maar kan je niet vanwege coalitiebelang tegen stemmen, dan amendeer je hem toch kapot?  Vos deed dit met de wet-Markt en Overheid. Ze wachtte tevergeefs tot de Eerste Kamer de door amendementen-Vos onuitvoerbare wet zou weg stemmen.

Een leerzaam boek dus voor iedereen die ook maar de minste politieke ambities heeft: je bent er namelijk zo van genezen. Het boek laat zien dat als je de drive mist je drie jaar lang in de Kamer kan rond lopen zonder ook maar een deuk in pakje boter te slaan. Maar heb je grote politieke ambities en mis je enige vorm van bescheidenheid, dan kan je nog wel eens denken: de fouten die Vos maakte, dat zal mij niet overkomen.

Leave a Reply