Kiezers, Consumenten en het Milieu

Zondag schreef ik over de relatie tussen markt, overheid en het milieu. Ik kwam tot de conclusie dat groene politiek nog steeds noodzakelijk is, zelfs als (of misschien wel juist omdat) bedrijven steeds groener worden. De vraag is nu hoe we ervoor gaan zorgen dat mensen die wel groen gaan consumeren, ook groen gaan stemmen.

Het is belangrijk om een aantal verschillen tussen de markt en de overheid in het oog te houden. Eens in de vier jaar mogen we stemmen voor de Provinciale Staten, Tweede Kamer en Gemeenteraad, en eens in de vijf jaar voor het Europees Parlement. Maar we doen dagelijks aankopen. Tegenover honderden aankopen per jaar, staan dus niet veel meer dan gemiddeld een stemkeuze.

Een tweede verschil is dat de markt gaat om individuele keuzes. De overheid gaat om een collectieve keuze. Dat zorgt ervoor dat (zolang hij of zij er geld voor over hebben) ieder individu een product naar zijn keuze kan krijgen. Minderheden met groene voorkeuren kunnen dus ook producten krijgen. Welk product we krijgen van de overheid worden per meerderheid bepaalt. De markt is dus veel vriendelijker voor minderheden dan de overheid. De overheid geeft wel ruimte voor minderheden, maar dat is vaak om (met referenda of grondwetswijzigingen) om te voorkomen dat dingen gebeuren.

Hieruit komt ook het verschil tussen groene consumenten en grijze stemmers voort: groene consumenten leiden meteen tot groene producten, ook als ze in de minderheid zijn. Groene stemmen leiden tot groene beloften die geen meerderheid achter zich kunnen krijgen. En er zijn mensen die wel eens groene producten kopen, in de honderden aankopen die ze per jaar doen. Maar omdat er minder stemkeuzes gemaakt worden, zijn er minder mensen die wel eens een groene stemkeuze maken. Op de markt is er dus meer ruimte voor af en toe een groene keuze dan in verkiezingen. Hoe lossen we dit op?

Er zijn twee oplossingen. Er is een klassieke grap over de stemoproep die (corrupte) Democraten in het negentiende eeuwse Amerika deden aan hun electoraat: vote early and vote often. Hoe vaker mensen de kans krijgen om te stemmen, des te groter de kans dat ze af en toe een groene keuze maken. Zeker als een van de kernthema's van de bestuurslag het milieu is, zoals bij waterschappen, het Europees Parlement of provincies. Kom maar op met een direct gekozen Eerste Kamer of een direct gekozen regio-raad. Het afschaffen van bestuurslagen is niet goed voor groene politiek.

Maar misschien is het een te grote stap om de overheid zo te organiseren dat het goed is voor groene politiek. De tweede oplossing zit er in hoe GroenLinks campagne voert. Kiezers vertrouwen partijen op verschillende onderwerpen. GroenLinks wordt vertrouwd op het milieu. En toch praat GroenLinks nauwelijks over het milieu tijdens campagnes. We denken: die groene kiezers hebben we toch al. Maar het doel van verkiezingscampagnes is ze de verkiezingen framen dat het een referendum wordt over een onderwerp waar jij een meerderheid/groot deel van de kiezers achter je hebt. Kiezers wisselen regelmatig van partij binnen het linkse of het rechtse blok, afhankelijk van welk onderwerp ze belangrijk vinden. Gaat de keuze om de macht stemmen linkse kiezers PvdA, gaat het om sociaal-economisch beleid gaan ze voor de SP, gaat het om milieu dan kiezen ze voor GroenLinks. Dus moet GroenLinks niet mee gaan praten met andere partijen op integratie of de verzorgingsstaat. Onderwerpen waar relatief weinig kiezers achter onze oplossingen staan en waar we zelfs kiezers mee afschrikken? GroenLinks zou veel meer over het milieu moeten praten en de verkiezingen zo framen dat het gaat om een keuze tussen gezond, biologisch eten of ongezond eten; Tussen lagere energiekosten of torenhoge olierekeningen; of tussen zuurstof of een gasmasker voor je (klein)kinderen.

Het gaat er niet omdat we het beter uit leggen aan kiezers die het niet begrijpen, maar dat groene partijen zelfbewust zijn over hun eigen kracht. Hoe vaker we tijdens campagnes over het milieu praten, hoe meer kiezers zullen denken dat de verkiezingen daarover gaan. Hoe vaker we het over integratie hebben, hoe meer kiezers denken dat de verkiezingen daarover gaan. Als partijen over integratie praten in de campagne, spelen ze Wilders in de kaart, als partijen over het milieu praten GroenLinks.

Leave a Reply