GroenLinks confereert over religie

Omdat de zaal van de Eerste Kamer te klein was om het publiek voor de conferentie "Godsdienstvrij of vrij van godsdienst" te huisvesten, week men uit naar de Utrechtse Jacobikerk. Meer dan 300 mensen waren afgekomen op de conferentie, georganiseerd door het Wetenschappelijk Bureau en de Senaatsfractie van GroenLinks, de Linker Wang en een groep Amsterdamse studenten. Centraal in de debatten stond de verhouding tussen geloof en emancipatie.

Herman Meijer, oud-GroenLinks voorzitter, homo-activist en Christen, stelde dat  het Christendom en homo-emancipatie elkaar kunnen versterken. Hij beschouwde homoseksualiteit als een genadegave. Juist een homoseksuele gelovige kan een belangrijke rol spelen in zijn gemeente Mensen komen bij hem langs met hun persoonlijke problemen, "want ze denken hij: 'begrijpt dat wel'". Lelya Çakir, voorzitter moslimvrouwenorganisatie Al Nisa, vertelde dat ze als Moslima tegen onbegrip aan loopt: "ik wil mij emanciperen binnen Islamitische kaders, maar dat wordt niet geaccepteerd door het feminisme."

Femke Halsema stond uitgebreid stil bij die vraag: hoe moet je aan geloofsvrijheid vormgeven als je solidair wil zijn met vrouwen en homo's die zich emanciperen.  Halsema plaatste zich in de traditie van de PPR, één van de voorgangers van GroenLinks. Deze partij kwam op voor mensen die "zich los maakten van de kerkelijke voorschriften zonder hun geloof te willen verliezen." Halsema ontleende uit deze traditie het idee dat geloofsvrijheid inhoudt dat "er geen enkele vorm van gewetensdwang mag zijn. Geen mens mag worden afgehouden van zijn religieuze overtuigingen."

Halsema neemt vanuit deze traditie een genuanceerde positie in in het Islam-debat. Halsema erkende aan de ene kant dat de Islam bij Nederland hoort maar stelde ook "de intolerantie die met name de Orthodoxe Islam herbergt " aan de kaak. Ze wil juist meer doen om Islamitische homo's en vrouwen in staat te stellen vrije keuzes te maken. "Daarom moeten we de confrontatie zoeken met die Islamitische voorgangers die gewetensdwang uitoefenen op minderheden in eigen kring."

Sophie in 't Veld, D66-Europarlementarier deelde de positie van Halsema. Wel sprak zij haar vrees uit over de groeiende invloed van religieuze organisaties op de Europese politiek vooral waar het gaat om vrouwen- en homorechten: "De Katholieke Kerk dreigt uit te groeien tot een Europese versie van de Amerikaanse religious right". Rouvoet, op dat moment nog ChristenUnie vice-premier, meende dat het betoog van Halsema een "sympathieke grondtoon had." Hij had echter ook kritiek die hij later scherp in de Volkskrant verwoordde: "grondrechten zijn bedoeld om de politiek op afstand van het privédomein te houden." Dat betekent volgens Rouvoet dat de overheid zich niet moet bemoeien met de vraag in hoeverre mensen vrij hun keuzes maken. Immers "de scheiding van kerk en staat werkt niet één maar twee kanten op." Halsema twitterde dat zij in deze clash tussen grondrechten "bij de redelijkheid van haar middenpositie" bleef.

Dit artikel verscheen ook in het GroenLinks Magazine November 2010.

Leave a Reply