Who Nudges the Nudgers?

Een tijdje geleden schreef ik over het GroenLinkse debat vrijzinnig paternalisme. Dit is een manier om mensen te laten doen wat ze eigenlijk zouden willen. De bedenkers de Amerikaanse onderzoekers Thaler en Sunstein stellen dat veel mensen hun beslissingen maken op basis van irrationele gronden. In een supermarkt worden producten die op ooghoogte staan, worden vaker gekocht dan producten waar je voor moet bukken. Je kan dan die producten op ooghoogte zetten die gezond of goed voor het milieu zijn. Dan zullen mensen vaker het 'juiste' kiezen zonder dat ze gedwongen worden en waarbij mensen de vrijheid hebben om een andere keuze te hebben. De argumentatie is helder: mensen maken vaak verkeerde keuzes. En waarom zou de overheid mensen dan niet helpen om het juiste te doen, zeker als mensen gezonder willen leven en meer voor het milieu moeten doen?

Er zijn een aantal problemen, laat ik er een bekijken: het boek bevalt veel voorbeelden van hoe mensen de verkeerde keuzes maken bij het het winkelen in de supermarkt, bij het bepalen hoe ze hun geld moeten investeren, bij het maken van keuzes voor medicijnen en orgaandonatie. Maar het boek bevat ook veel voorbeelden van hoe burgers een irrationele keuze maken bij het selecteren van hun politici, op basis van de vraag "wie ziet er het meest betrouwbaar uit" maken volslagen niet-geinformeerde burgers uit een ander land, dezelfde keuze als veel kiezers. En worden kandidaten die het eerst op het stembiljet staan vaker verkozen dan mensen die op #2 staan. Kiezers kiezen niet op basis van een rationele afweging van plannen en competenties, maar op basis van uiterlijk of de manier waarop de keuze wordt aangeboden. Hoe kunnen we die politici selecteren die onze de goede kant op helpen als onze selectie daarvan niet rationeel is?

Maar ook politici maken vaak niet de rationele keuze. Daarbij spelen niet alleen onenigheden over wat de juiste keuze is of machtspolitieke keuzes een rol. Maar ook juist het type irrationele overwegingen die Thaler en Sunstein beschrijven: ook politici zijn gewone mensen. Juist de manier waarop de keuze wordt aangeboden is een manier om de uitkomst van besluitvorming te bepalen . Een beroemd voorbeeld gaat over een beslissing van de Romeinse Senaat bij de vervolging van een landverrader: door de keuze op een bepaalde manier voor te stellen, wist een Senator de beslissing in zijn voordeel te Nudge. Hij stelde voor om een stemming te houden waarbij er drie keuzes waren: onschuldig, moet bestraft worden met de doodstraf, moet bestraft worden verbanning. Een relatieve meerderheid (zeg 40%) van de senatoren koos voor onschuld, 30% voor de doodstraf en 30% voor verbanning. En hiermee was de landverrader op vrije voeten (meeste stemmen gelden), terwijl een meerderheid hem schuldig achtte. Er zijn voorbeelden te over van "irrationele" keuzes door groepen, sterker nog dat is een hele tak van de politicologie (deze wordt Heresthetics genoemd door Riker in zijn boek Liberalism vs. Populism; zie bv. voting paradox of Arrow's impossibility theorem). Wat Thaler en Sunstein beweren over burgers (de manier waarop de keuze wordt aangeboden bepaald de keuze) geldt evenzeer voor politici.

De confronterende vraag is dan "Who Nudges the Nudgers?" (Quis fodicet ipsos fodicantes?): als burgers irrationeel zijn, kiezen zij dan ook niet op een irrationele manier hun volksvertegenwoordigers? En kiezen die volksvertegenwoordigers dan weer irrationeel? Hebben Thaler en Sunstein wel door hoe confronterend hun conclusies zijn voor de politiek? En als dat zo is: moeten we dan politici dan wel toe staan om onze beslissingen te manipuleren, zeker als dit soort veranderingen in de keuze structuur niet op een transparante manier plaats kunnen vinden?

Ik denk dat het antwoord te vinden valt bij de Britse filosoof Karl Popper: hij stelt dat we in de politiek ons niet moeten richten op het vergroten van geluk, maar op het voorkomen van ongeluk. Laten we mensen niet dwingen of nudgen om de goede keuze te maken, maar in elk geval voorkomen dat er grote fouten gemaakt worden. En dat geldt evenzeer voor de politiek: laten we die niet zo inrichten dat we er van uitgaan dat onze best & brightest leider worden, maar ervanuit gaan dat onze politici ook mensen zijn die fouten kunnen maken en politiek zo inrichten dat we proberen te voorkomen dat incompetente (nog niet eens kwaad willende) politici zo min mogelijk schade kunnen doen.

Leave a Reply