De ontspannen samenleving: een ideaal of een fata morgana?

Na links-liberaal, vrijzinnig links, vrijheid als ideaal en de linkse lente kondigde Femke Halsema een nieuwe karakterisering van GroenLinkse politiek aan op de laatste partijraad: "De ontspannen samenleving".  Ik wil hier, vooruit lopend op een nieuw artikel van Halsema, bekijken of dit ideaal past in onze GroenLinkse politiek.

De huidige maatschappij wordt niet gekenmerkt door onstpannen verhoudingen: niet in de economie, waar er sprake is van een voortdurende dwang te groeien om je eigen positie te verbeteren: "eat or be eaten." Of het nu gaat om de internationale economie, waar Europa met China moeten concurreren. Of de Europese economie, waar je als bedrijf twee opties hebt: overnemen of overgenomen kan worden. Of de positie van werknemers, waar er twee groepen onstaan: zij die steeds banger moeten zijn voor ontslag en vervanging door machines of polen en de groep die zichzelf alleen maar kunnen handhaven door carriere te maken.
Of in de politiek, die gekenmerkt wordt door krampachtige angst voor verandering, een steeds sterkere polarisering tussen populistisch links en rechts en de profileringsdrang van backbenchers.
Maar ook in de samenleving heeft dit gevolgen. Er is steeds minder tijd voor de waardevolle dingen: het gezin wordt vervangen door professionals (in onderwijs en zorg), mensen hebben geen tijd om te genieten van (wat er overblijft van)  de natuur om hun heen, en het leven in de grote steden wordt steeds verstikkender, tussen verloedering, vervuiling en vercommercialisering. Waar nu nog rust, stilte en schoonheid zijn, dreigen kolencentrales en autowegen.

GroenLinks zou een nieuwe kant op willen. Naar een verzorgingsstaat die gericht is op levensvreugde en niet op arbeidsethos: door deeltijdarbeid een echte keuze te maken, door meer en betere verlofregelingen, door mensen de zekerheid te geven dat er altijd een baan voor ze zal zijn. Naar een economie die is gericht op de lange termijn en rekening houdt met de grenzen die de Aarde aan de groei stelt.  Naar een nieuwe manier van politiek bedrijven, waarin niet het creeeren van politieke tegenstellingen, maar het zoeken naar een duurzame meerderheid voor ontspannen politiek centraal staat. En naar een nieuwe samenleving, waar meer ruimte is voor de belangrijke dingen: mensen worden in staat gesteld zelf een balans te vinden tussen arbeid, zorg en vrijwilligerswerk, er is meer (fysieke) ruimte voor "friluftsliv" en het hoge tempo van het stedelijke leven wordt vertraagd.
Mensen krijgen de ruimte en tijd zich zelf te ontplooien in plaats van alleen maar bezig te zijn zichzelf te handhaven.

Klinkt allemaal mooi, erg groen, linkse en vrijzinnig niet? In een ontspannen samenleving staan duurzaamheid, solidariteit en diversiteit voorop. Ik denk dat dit ideaal van een ontspannen samenleving in grote tegenstelling staat met de standpunten van GroenLinks, met nieuwe links liberale koers.

De nieuwe inrichting van de verzorgingsstaat, zoals in "Vrijheid
Eerlijk Delen" beschreven, is niet gericht op de ontspannen
samenleving, maar op arbeidsparticipatie. Vrijheid Eerlijk Delen werd
gekenmerkt door een zekere arbeidsmoraal, de ontspannen samenleving
juist door een waardering van vrije tijd. Halsema is hier in de
partijraad al op in gegaan, door te zeggen dat vrijheid eerlijk delen
te verenigen is met een ontspannen samenleving. OK, maar dan is een
ontspannen samenleving niet je enige prioriteit, maar eerlijk delen of samen werken ook. Filosofische vraag is dan: waar ligt je prioriteit?
Hoe je die vraag beantwoordt heeft filosofische gevolgen: de vergrijzing is een van de argumenten voor Vrijheid Eerlijk Delen. Hier kom je voor een keuze: wil je meer gaan werken om de grijze golf te betalen of wil je minder gaan werken en meer gaan ontspannen en de grijze golf laten voor wat hij is?

Dan het milieu. De GroenLinkse koers is de laatste 5-10 jaar gericht geweest op investeren in en het mogelijk maken van innovatie om het milieuprobleem aan te pakken. Een mooi voorbeeld vind ik Kathalijne Buitenweg’s pleidooi om, zoals in Californie, vroeg van te voren te waarschuwen, als je als overheid – heel strenge – milieunormen invoert. De bedrijven zullen dit aangrijpen om te innoveren. Vrije concurrentie en duurzame regelgeving zijn niet aan elkaar tegenovergesteld.
Helaas is de vrije markt nou niet typisch het meest ontspannen onderdeel van de samenleving. De vrije markt is gericht op de voortdurende groei van de winsten voor de aandeelhouders: "Greed is good". Als je de dynamiek van de vrije markt probeert te vertragen (vraag is overigens: hoe dan, Femke?), tast je ook het vermogen van de markt om te innoveren aan en stort het hele moderne, niet-moralistische milieubeleid in.

Ten slotte, Halsema maakt tegenwoordig binnen en buiten GroenLinks furore door te benadrukken dat de overheid zich niet bezig moet houden met het geluk van mensen. Hoe mensen hun eigen leven willen inrichten preuts of bandeloos, met of zonder hoofddoek, vegetarisch of veganistisch, moeten mensen zelf uitzoeken.
Maar nu de vraag komt of mensen meer of minder moeten werken, achter de PC moeten recreeeren of in het zonlicht en de buitenlucht, op moeten gaan in de grootstedelijke dynamiek of het lome tempo van de provincie, komt Halsema met een geheven vingertje: ga ontspannen carrierejager want dat is goed voor je.

Opnieuw, net als in Vrijheid Eerlijk Delen, valt GroenLinks voor het fata morgana van de positieve vrijheid, voor het welwillende paternalisme. Wij van GroenLinks, weten wat goed voor je is: eerst was het werken, nu zorgen en ontspannen in de natuur. Wanneer krijg ik ooit tijd om zelf te bepalen wat ik mag doen!

Leave a Reply