Volgens sommige peilingen staat 50Plus, de nieuwste loot van het Nederlandse partijenstelsel op 24 zetels. De centrale vraag van weldenkend Nederland: Hoe moeten we de opstand der ouderen begrijpen?
50Plus is een voortzetting van de Partij voor Rechtvaardigheid, Vrijheid en Democratie die in 2005 door Jan Nagel was opgericht om Peter R. de Vries politiek te lanceren. Maar er waren niet genoeg mensen het vage programma van de misdaadjournalist steunde. Een opvallende misser voor Nagel, die al sinds de jaren ’60 een neus heeft voor wat er leeft. Hij was een van de voornaamste exponenten van de jongerenbeweging Nieuw Links, die PvdA in elk geval electoraal omhoog stuwde. In de jaren ’90 richtte hij zijn eigen Hilversumse protestbeweging Leefbaar Hilversum op. In 1999 voegde hij die samen met andere Leefbaren tot Leefbaar Nederland. Deze partij raakte een breed gevoeld misnoegen met het Paarse managementkabinet en met Pim Fortuyn als boegbeeld wist deze partij als geen ander de maatschappelijke onvrede te verwoorden.
En ook 50Plus weet een maatschappelijke onderstroom te raken. Een onderstroom die al grofweg sinds 2006 haar hoofd regelmatig laat zien: het fundamentele conflict tussen kiezers die rechten verworven hebben en overheidsmanagers die zich beseffen dat het niet mogelijk is om ieder te geven wat hen beloofd is.
In mijn ogen zijn er twee centrale dimensies in het Nederlandse partijenstelsel. Er is een brede links/rechts-dimensie die een aantal onderwerpen omvat: de verhouding tussen markt en overheid, het milieu en de integratie van migranten. Dit is de centrale dimensie tijdens verkiezingscampanges. Welke zijde levert de premier: links of rechts. Daarnaast is er een hervormingsgezind/behoudend-dimensie die twee onderwerpen betreft: Europese integratie en de hervorming van de verzorgingstaat. In de kern gaat het conflict over de hervorming van de verzorgingsstaat tussen gewone burgers die rekenen op verworven rechten (pensioenen, de WW, de AOW, gezondheidszorg) en overheidsmanagers die zich maar al te goed beseffen dat als we dingen blijven doen zoals we deden, we minder overhouden dan we hadden. Met aankomende vergrijzing moeten we wel willen hervormen, willen we niet onze kinderen opzadelen met de kosten van de verzorgingsstaat. Waar verkiezingen gewonnen en verloren worden op de links/rechts-dimensie moeten partijen tijdens de formatie samenwerking vinden in de hervormingsgezinde helft van het politieke spectrum omdat deze de politieke realiteitszin vertegenwoordigd tegenover wat electoraal zouden willen beloven.
De twee belangrijkste partijen in Nederland, de Partij van de Arbeid en de VVD hebben heldere posities op die centrale, electorale links/rechts-dimensie. De PvdA is de vaandeldrager van links en de VVD is de kampioen van rechts. Op de Europese/hervormingendimensie hebben ze echter een precaire positie. Ze dreigen het behoudende deel van hun electoraat te verliezen als ze doen wat politiek noodzakelijk is.
De kern van de politieke samenwerking tussen PvdA en VVD is dat zij elkaar niet konden vinden op een grijs compromis op de links/rechts-dimensie. Daar stonden zij te veel uit elkaar. Maar zowel Samsom als Rutte hebben een hervormingsgezinde neiging. Voor Samsom bestaat die uit het eerlijke verhaal willen vertellen, geen sprookjes over eeuwigdurende zoete rivieren. En voor Rutte is dat zijn natuurlijke houding als manager: “kunnen we daar geen reorganisatietrajectje opzetten?” Paarse samenwerking wil geen stilstand. Ze kunnen niet naar links en niet naar rechts. Dus is er maar een richting: vooruit! Zelfs als dat kiezers vervreemd van hun eigen partij.
Het genie van Nagel is dat hij een partij heeft opgericht die als geen ander op het probleem van de coalitie kan inspelen. 50Plus heeft geen kenmerkende positie op de sociaal-economische links/rechts-dimensie. Daar zitten ze in het centrum. Maar op de hervormingsgezinde vraagstukken, met name waar het gaat om herverdeling tussen generaties, neemt 50Plus een heldere positie in. De ouderen zijn ‘tegen’. Tegen het eerlijke verhaal van Samsom em tegen de bezuinigingen van Rutte omdat ouderen daarvoor moeten inleveren.
Daarmee is de partij de anti-D66 geworden. D66 staat te trappelen om iedere bezuiniging van het kabinet-Rutte II te omarmen: de studienfinanciering, de woningmarkt en de huurmarkt. Er is geen hervorming waar Pechtold zich nog niet voor uitgesproken heeft. 50Plus speelt geniaal in op de natuurlijke aversie die mensen hebben om dat geen wat hen is beloofd te verliezen. En die aversie zit bij de achterban van de PvdA en de VVD en zo kan 50Plus kiezers van beide kampen verwelkomen. Want 50Plus krijgt stemmen van zowel links als rechts. Ook haar politici komen van zowel links als rechts: Krol was VVD-voorlichter en senator Nagel zat eerder voor de PvdA in de senaat.
Ook Wilders en Roemer profiteren electoraal van de hervormingsgezinde samenwerking van sociaal-democraten en liberalen. Al in 2006 sprong de SP omhoog in de kiezersgunst toen de PvdA durfde voor te stellen om ouderen mee te laten betalen aan de AOW. En in 2010 brak de PVV definitief door als kampioen van 65=65. Maar zij kunnen slechts vissen in de linker- en de rechtervijver.
Voor Krol geldt: ‘mensen met verworven rechten aller provinciĆ«n verenigt u! U heeft alles te verliezen: uw opgebouwde pensioen, uw basispakket, uw spaargeld, uw provincie, uw eigen huis en uw recht op AOW.’