Campagne studies

Hoe gaan verschillende politieke partijen met publieke opinie om? Richten zij zich alleen op hun eigen programma of passen zij hun boodschap en misschien zelfs wel hun programma aan aan de mening en behoeften van de kiezers? Politici geven de voorkeur aan het eerste (ik heb een mandaat voor een programma) maar kiezers geven de voorkeur aan het tweede (luister naar mij!). Campagne managers zitten tussen deze twee vuren in: worden de verkiezingscampagnes van partijen bepaald door het politieke programma van de partij of door de publieke opinie?

Uit mijn eigen onderzoek voor de Universiteit Leiden blijkt dat bijna alle partijen, behalve de SGP en de PvdD, een balans proberen te slaan tussen publieke opinie en hun eigen programma. Op basis van kiezersonderzoek bepalen de partijen welke thema’s potentiele kiezers belangrijk vinden en zoeken vervolgens naar een overlap tussen deze thema’s en hun eigen programma. De SP trouwens gebruikt geen kiezersonderzoek maar baseert zich op haar contacten in de wijken. Sommigen partijen slagen er  beter in zo’n overlap te vinden dan. GroenLinks campaignde als Groen, Sociaal en Tolerant , maar uit kiezersonderzoek volgde dat alleen Groen en Tolerant voor potentiele GroenLinks kiezers er toe deed. Toch werd sociaal toegevoegd omdat het in het programma zo’n prominente plek had. Internationaal viel buiten de boot omdat dat, alhoewel prominent in het programma, er in campagnes niet toe zou doen. De ChristenUnie campaignde op Milieu, Sociale politiek en Jeugd en Gezin (ziet iemand de overlap?). Uit onderzoek bleek echter dat potentiele CU-kiezers Abortus en Euthanasie een veel belangrijker thema vonden dan milieu of jeugd en gezin. Toch koos de partij voor deze thema’s omdat zij vonden dat hier grote problemen waren om op te lossen. Programmatische overwegingen waren dus belangrijker dan electorale.

De SGP en de PvdD passen een andere logica toe: de SGP kiest haar thema’s op basis van programmatische overwegingen alleen. Get gezin was het kernthema van haar programma en van haar Bijbelse missie, dus ook van haar campagne. De PvdD heeft haar dierenrechten thema gekozen om de media te bespelen. De partij heeft eigenlijk een breed groen-sociaal programma maar denkt dat ze daarmee geen media aandacht  zullen krijgen. Door zich te profileren als partij voor de dieren krijgen ze wel media-aandacht. Selectie is dus noch gebaseerd op haar eigen programma of op de behoeften van de kiezers, maar op de werking van de media.

Bij de SP en de PvdD speelde publieke opinie ook een rol in het schrijven van het verkiezingsprogramma. Terwijl in de Verenigde Staten en het Verenigd Koninkrijk partijen vaak posities kiezen omdat ze goed liggen bij de bevolking, kiezen de PvdD en de SP voor het tegenovergestelde: sommige posities niet noemen omdat ze niet goed liggen bij de (hele) bevolking. Maar dat geldt alleen als de posities die daarnaast ook formeel niet nodig zijn. Dus zegt de PvdD in haar beginselprogramma niets over evolutietheorie of creationisme om geen kiezers te weren van wege (meta)fysische en niet-politieke standpunten en de SP zegt niets over de NAVO en het koningshuis om geen kiezers af te schrikken met zaken die de SP toch niet kan waarmaken in vier jaar.

Alle partijen, behalve de programmatische SGP, slaan een balans tussen programma en publieke opinie en in geen van de partijen domineert een van deze twee overwegingen.

Leave a Reply