Leidse Stemmen in ruimtelijk perspectief

Van het stemgedrag van kiezers bij de Europese verkiezingen had ik al een ruimtelijk model gemaakt. Je kan een zelfde model maken voor de Leidse Gemeenteraadsverkiezingen: waar zijn welke partijen sterk?

Untitled_image_1

In het figuur hiernaast (even op klikken voor een beter resultaat) zie je een model van de uitslag van de verkiezingen in verschillende wijken: is er een verschil tussen de wijken waar D66 sterk was en waar de SPsterk is of putten zij uit dezelfde kiezers? In het model zijn zowel wijken als partijen geplot: hoe dichter een partij en een wijk bij elkaar staat, hoe meer mensen uit die wijk op die partij stemden. Hoe verder twee partijen of twee wijken uit elkaar staan, des te groter zijn de verschillen in stemgedrag.

Twee caveats voor ik begin: ten eerste omdat je nu overal mag stemmen, kan je moeilijker iets zeggen over de inwoners van die wijk op basis hiervan. Ten tweede alhoewel het een twee-dimensionaal model is, ligt het grootste gedeelte van de verklarende kracht in de horizontale dimensie.

Laten we eens de partijen langs gaan: geheel rechts in dit figuur staat Leefbaar Leiden, de partij voor de Leidenaar. Deze partij deed het met name sterk in de Stevenshof en Noord, echte volkswijken, die bedreigd worden door de . Dichter in het centrum staan de PvdA, de Stadspartij en de SP: ook deze partijen scoren met name in de volkswijken zoals de Noord (veel PvdA) en Stevenshof (relatief veel SP en Stadspartij), in het midden van de figuur staan de ChristenUnie en de Partij voor de Dieren. Deze partijen scoren heel gelijkmatig door de stad heen. Het CDA scoort het best in het Bos- en Gasthuisdistrict. Dan komen we bij de VVD, GroenLinks en D66. Deze partijen scoren sterk in de binnenstad van Leiden en in het Boerhaavedistrict (relatief veel GL), het rijkere Roodenburgerdistrict (veel D66) en op het station. Overigens de positie van D66 is zo dominant dat zij over de hele stad de grootste partij zijn: behalve in Noord, waar de PvdA de grootste is.

Vanuit dit ruimtelijke perspectief lijkt er een dominante scheidslijn door het stemgedrag in Leiden te lopen: tussen de volkswijken waar socialistische en populistische partijen hun steun vinden en de binnenstad, treinforensen en rijkere wijken, waar met name liberale partijen het goed doen. De dominante scheidslijn is dus niet tussen links en rechts: in volkswijken wordt er ook op rechtse partijen als de leefbaren gestemd, en in de binnenstad ook op linkse partijen als D66, maar het is een scheidslijn tussen de universiteit en de stad.

Leave a Reply