Eigenlijk was ik niet van plan een uitgebreide duiding te geven van de uitslag van het referendum over het lijsttrekkerschap. Maar nadat zowel Arnoud als Harmen ons hadden mee genomen in de stemrondes. Wou ik ook mijn 2 cents maar even toe voegen. Zowel Arnoud als Harmen kijken naar de absolute aantal stemmen die als een kandidaat afvalt verdeeld wordt over de anderen. Maar wat volgens mij veel interessanter is, is om te kijken naar de verschillen in percentage stemmen tussen die genen die hun kandidaat zagen afvallen en die genen die nog steeds hun eerste keuze in de race hebben. Het punt is dat als veel van de mensen die toen Niels afviel op Judith stemmen dit niet opmerkelijk is: namelijk Judith deed het al heel goed in de eerste ronde. Als ze en masse op Alexander stemden, dan is dat wel opmerkelijk. Immers Alexander deed het minder goed onder de rest van de kiezers.
De getallen die je kan krijgt zijn verschillen tussen de twee populaties: kiezen de mensen die vrij kwamen nadat X afviel, in vergelijking met de stemvoorkeuren van diegenen die niet vrij kwamen, vaker of minder vaak voor bepaalde personen. Vaker wordt uitgedrukt in positieve percentages, minder vaak in in negatieve percentages.
- Ronde 2: de mensen die hun eerste voorkeur op Niels hadden, kozen bovenmatig voor Bas (+13%) en Alexander (+4%) en niet voor Judith (-11%) of Tineke (-12%).
- Ronde 3: de mensen die vrij kwamen toen Alexander afviel, kozen vrij weinig voor Judith (-8%) en destevaker voor Bas (+3%), blanco (+2%) en uitgeput (+3%).
- Ronde 4: de mensen die doorschoven toen Bas afviel, kozen minder vaak voor Tineke (-5%) en vaker voor blanco (+2%) en voor uitgeput (+2%)
Wat zijn de conclusies van deze exercitie?
De grootste percentuele verschillen zitten in het begin van de
stemrondes. Met name mensen die op Niels stemden hadden een voorkeur
die opmerkelijk afweek van die van de rest van de stemmers. Daarna
worden de verschillen tussen de voorkeuren van de vrijgekomen kiezers
en diegenen die niet vrij kwamen veel kleiner.
En als er al verschillen tussen de groepen zijn: is er een duidelijke groep van mensen die liever een groene man hadden dan een linkse vrouw. Veel kiezers van Niels schoven voor naar Bas, en van Alexander door naar Bas. Ook kozen steeds meer van deze mensen ervoor om niet meer te stemmen. Niels stemmers hadden duidelijk geen voorkeur voor beide linkse vrouwen. Voor Bas stemmers gold dit met name voor zijn collega uit de programmacommissie Tineke Strik en voor Alexander stemmers voor Judith, die net als hij in de Amsterdamse gemeenteraad heeft gezeten.