GroenLinks, de Derde Weg en politieke consensus

Na een korte afwezigheid van twee weken, summerschool in Essex, ben ik weer even terug. Er is in die twee weken veel gebeurd bij DWARS, maar daarover (misschien) later meer. Ik heb de rust van de Universiteit van Essex gebruikt om na te denken over een aantal thema’s, die ik in de loop van deze week wil bespreken: de relatie tussen Nietzsche en Arendt, tussen substantiele gelijkheid en "inclusion" en verschillende redenen om aan internationale solidariteit te doen. Maar ik wil me eerst richten op mijn meest opmerkelijke bevinding: de relatie tussen GroenLinks en de Derde Weg.

De Derde Weg is een politieke stroming die in de jaren ’90 probeerde wereldwijd centrum-links te vernieuwen, dat gold zowel voor de Europese sociaal-democratie als voor de Amerikaanse Democraten. Anthony Giddens geldt als de politieke denker achter deze stroming en Blair, Clinton, Kok en Schroeder als aanhangers hiervan. Wouter Bos en de huidige PvdA zijn nog steeds de Nederlandse exponenten hiervan.

Op sociaal-economisch gebied richt de Derde Weg zich met name op een synthese van sociale rechtvaardigheid en de vrije markt: de synergie tussen privaat ondernemerschap en publiek optreden moet worden gezocht. Het doel van overheidsoptreden moet zijn burgers moeten in staat worden gesteld om zelfstandige "risk"-takers te zijn, in plaats van beschermelingen van de verzorgingsstaat. Dat kan de overheid het beste doen door te investeren in onderwijs en workfare-projecten, door  flexibilisering van de pensioenleeftijd, gratis kinderopvang en start subsidies voor kleine ondernenmers. Dit zorgt ervoor dat iedereen meedoet in de samenleving, burgerschap wordt gestimuleerd, dat kansarme burgers perspectieven wordt geboden en dat economische groei wordt gestimuleerd. Social investment in human capital noemt met dat dan. Het principe achter de workfare projecten is dat een recht (op een uitkering) niet gaat zonder een verantwoordelijkheid (op het aannemen van geschikt werk). Giddens noemt de damalige verzorgingsstaat ondemocratisch, vervreemdend en inefficient omdat het een grote groep mensen uitsluit van economische participatie. Met name dat laatste is regelrecht teruggekeerd in Vrijheid Eerlijk Delen  even als de nadruk op onderwijs.

De vraag rijst: is GroenLinks een Derde Weg partij? Ik denk van wel. We volgen de sociaal-economische agenda van de derde weg vrij precies. Al voor vrijheid eerlijk delen ondersteundende GroenLinks het Derde Weg-denken. Was onze kritiek op Paars ("Private rijkdom, Publieke Armoede") niet juist dat er te weinig sociaal geinvesteerd werd, dat Paars het derde weg-project niet consequent implementeerde? Vrijheid eerlijk delen heeft deze koers niet verlegt, enkel versterkt.

Ik denk dat dit uiteindelijk meer zegt over de aard van politiek van over GroenLinks in het bijzonder. De grote politieke verschillen zijn niet tussen partijen maar tussen perioden. In de periode 1945-1966 was iedere Nederlandse partij voor de verzorgingsstaat van wieg tot graf, en in de periode 1994-nu is iedereen voor workfare en sociaal investeren. Het parlementaire werk gaat over de uitvoering hiervan en kleine marges, (niveaus van uitkeringen etc.) maar over de grote lijnen bestaan consensus. Daarnaast stelt de economie stelt de kaders waar binnen de politiek kan handelen. Kleine partijen als GroenLinks zijn niet in staat om een eigen alternatief te scheppen en kunnen slechts consequent het alternatief van de grote partijen uitdragen. Schokken als de Tweede Wereldoorlog, de studenopstand van de jaren ’70 en Fortuyn veranderen de inhoud van de consensus, maar niet het bestaan daarvan.

Leave a Reply