Ideologisch familie bezoek: Denenmarken

Project 2008 wilt over grenzen heen kijken. In ons geval geen VOC-mentaliteit (toch?) maar common sense, kijken of eerdere veranderingsprocessen bij onze broeder- en zusterpartijen tot interessante gevolgen heeft geleid. Dat opent de vraag: wij is je familie dan? GroenLinks is lid van de grote gezellige familie Europeese Groene Partij en de Wereldwijde Groenen. Die eerste biedt GroenLinks een uiterst interessant stief/pleeg/geadopteerd zusje, waarover ik toevallig vanmiddag het wikipedia artikel heb geschreven: de Socialistische Volkspartij (SF).

De SF lijkt qua geschiedenis sterk op de Pacifistisch Socialistische Partij, een van de oprichters van GroenLinks: in de late jaren ’50 opgericht als socialistische partij die een derde weg zocht tussen de op de Verenigde Staten-gerichte sociaal-democratie en de op het Soviet Unie-gerichte communisme, wordt de partij in de jaren ’60 groot als politieke tak van de vredes-, vrouwen- en milieubeweging. De cruciale break zit ‘m echter daar: de SF groeit door tot een politieke actor van belang die in de late jaren ’60 en de vroege jaren ’90 linkse minderheidsregeringen steunt, met zo’n 10% van de stemmen en zetels. Daarnaast is het, in het diep over Europa verdeelde Denemarken in 1971 de enige partij in het parlement is die tegen de toetreding tot de EU is. Tot het rood-groene profiel van de SF wordt naast socialisme, groene politiek en feminisme ook euroskepticisme toegevoegd. Samenwerking met anderen leidt (net als binnen de PSP) tot interne strubelingen met name met de meer Trotskistische georienteerde tak, die in 1968 voor zich zelf begint. Als de partij in de jaren ’90 weer haar steun verleent aan een linkse minderheidsregering komt een alliantie van nog linksere partijen het parlement in. In de jaren ’90 raakt de partij hevig verdeeld over haar eigen politieke profiel. De partij verliest zetels, heeft concurrentie van links, de samenleving veranderd. Het grootste thema dat de partij verdeeld is Europa. Een deel van de partijtop is klaar om het Europa van mens en milieu dat nu gevormd kan worden te omarmen. Als een van de stappen om Europa te omarmen verlaat de partij in het Europees Parlement de Euroskeptische GUE/NGL, waar de SP lid van is, voor de EGP-EVA, waar GroenLinks lid van is.

Wat is hier nou interessant voor GroenLinks?
Ten eerste, GroenLinks als groene partij erg ambigue. We zijn opgericht door socialisten, communisten, groenen en progressieve christenen. Met name die eerste groep, de PSP, heeft zich altijd moeilijk weten te plaatsen. De PSP valt echter zeer goed te plaatsen in een traditie van linkse partijen in Noord-Europa, die zich nu in de Noordse Links Groene Alliantie samen werken en vroeger aan “volkssocialisme”. Ze hebben middelgrote leden in alle Noordse landen: IJsland, Denenmarken, Norwegen, Zweden en Finland. GroenLinks is hier, door de PSP, ideologisch mee verbonden. GroenLinks klakkeloos een Groene Partij noemen kan volgens mij niet zo maar.

Ten tweede, de SF is net als GroenLinks verdeeld en verward over haar identiteit. Vragen als “Voor of tegen Europa?” “Zijn we een partij voor de man op de straat of voor de intellectuele elite?” en “Is cultureel liberalisme en groene politiek te verenigen met radicale sociale politiek?” spelen zowel hier als daar. Het is de vraag in hoeverre dit overblijfsel van de Koude Oorlog zich kan handhaven zonder zich radicaal te vernieuwen, te vergroenen en op zoek te gaan naar nieuwe (liberale?) inspiratie bronnen. Dat lijkt me voor een Socialistische Volkspartij echter een stuk moeilijker dan voor een partij als GroenLinks die altijd al niet dogmatisch is geweest over haar ideologie en de nadruk heeft gelegd op vernieuwing, creativiteit en intern debat.

Leave a Reply