Amendeer mee! 2.0

Nadat ik de amendementen van DWARS had gezien werd het tijd om mijn eigen amendementen lijst aan te passen. Een deel was namelijk al door DWARS gecovered. Blijven er 4 over:

1. toe
voegen na “2. GroenLinks kiest voor het welzijn” “van dieren”

2. Vervang in 2.  "De balans tussen economie, sociale
rechtvaardigheid en duurzame ontwikkeling vraagt om scherpe politieke
keuzes voor biologische landbouw, milieuvriendelijke mobiliteit en
duurzame energieproductie.” door "De balans tussen
economie, sociale rechtvaardigheid en duurzame ontwikkeling vraagt om
scherpe politieke keuzes voor het verduurzamen van productie,
verminderen van materiele consumptie en het beperken van
demografische ontwikkeling.”

3. toe voegen in 14. na "Onze
vertegenwoordigers genieten vertrouwen van de partij op basis van het
mandaat dat leden en kiezers hen geven.”
“Een consultatie van leden vooraf,
verantwoording aan de leden achteraf en een open debat tussen leden versterken het vertrouwen
binnen GroenLinks.”

4. Bij de decenniumdoelen: Na
8. Voeg in “9. GroenLinks maakt zich sterk voor een vernieuwde
democratische rechtsstaat waar de scheiding der machten consequent is
doorgevoerd om de vrijheden van burgers te beschermen. De democratische controle op en de transparantie van politieke besluitvorming moet versterkt worden. Daarom zal
GroenLinks zich inzetten voor een grondwetswijziging, die de onderlinge checks en balances tussen kabinet, parlement en gerechtelijke macht versterkt en de rol van de Koningin in het staatsbestel beperkt."

Ik heb nog steeds jouw steun nodig om dit op het congres te krijgen. Dat kan uiteraard via een reactie op dit weblog.

Spelling en de kunst van het woordentellen

Wordle is (of is nog steeds) de nieuwe rage op planeetgroenlinks. Allerlei GroenLinksers experimenteren met deze woordenbrei in vrolijke regenboogkleurtjes. Arnoud Boer, bv, maakte Wordles over zijn eigen
blog en over GroenLinks en VVD programmas.

Nou wordt dat laatste ook in wetenschappelijke kringen gedaan. Verkiezingsprogramma’s schalen op basis van welke woorden worden gebruikt. De nieuwste rage is Wordfish, een programma dat op basis van een aantal teksten kan bepalen welke daarvan het verst uit elkaar staan (op een links-rechts nemen wij dan maar aan). Het programma vereist geen enkele andere input dan een aantal teksten. Het programma kijkt dan vervolgens welke woorden in welke teksten voorkomen en in welke teksten niet. De assumptie is dat programma’s van partijen die dichtbij elkaar staan vaak dezelfde woorden gebruiken: je kan je wel voorstellen dat de PVV, D66 en de VVD vaak het woord "belastingverlaging" gebruiken, het CDA, CU en de SGP het over het "gezin" hebben en in de programmas de SP, GL en de PvdA "solidariteit" vaak voorkomt. Op  basis van deze gelijkenissen schat het  programma dan vervolgens zo wel de waarde van individuele partijen op een links-rechts schaal (zonder overigens te zeggen welke kant daarvan links of rechts is) en de waarde van woorden op een links-rechts schaal.  Het produceert geen hippe veelkleurige grafics, maar koele cijfers.

Dus moest ook ik eens (na mijn experimenten met Wordle) eens gaan kijken hoe dit werkte. Als experimentje nam ik de PPR, PSP, CPN en EVP programmas van 1986 en het GroenLinks programma van 1989. Kijken wie van de vier founding parties de onderhandelingen gewonnen had en wiens woorden het meest in het programma van 1989 terecht waren gekomen. Bij de eerste poging kreeg ik opmerkelijke resultaten: de PPR en de PSP werden samen aan een kant gezet, de CPN, de EVP en GroenLinks (1989) samen aan de andere. Twee clusters met een boel ruimte er tussen. Dit is om drie redenen op merkelijk. Ten eerste worden vaak de PSP en de CPN als socialistische partijen en de EVP en de PPR als progressief-christelijke partijen van elkaar gescheiden. Bij de onderhandeling over de naam "GroenLinks" wilden de PSP en de CPN een naam met "links" en de EVP en de PPR met "groen". Het model scheidde deze twee clusters. Ten tweede omdat de EVP en de CPN uitersten vormden: de EVP was centrum-links en de CPN extreem-links, nu worden deze twee samen genomen. Ten derde: het GroenLinks programma staat heel dicht bij het EVP en het CPN programma, maar dit waren de partijen die in de onderhandelingen het zwaktste stonden: ze hadden geen zetels meer in de Tweede Kamer.

Wat bleek nou als je kijkt naar de waarde van de woorden: woorden die sterk bij de PSP en de PPR hoorden waren "aktie", "ekonomie", "diskriminatie" en "demokratie", bij het CPN, EVP en GroenLinks 1989 cluster: "actie", "economie", "discriminatie" en "democratie". Het PSP en PPR gebruikte de k-voorkeursspelling en de CPN, EVP en GL de c-voorkeursspelling. Het was de spelling van de woorden en niet de woorden zelf die de partijen van elkaar scheidden. De CPN en de EVP hadden de strijd om de spelling gewonnen, maar dat zegt niets over de strijd om de woorden zelf.

De status van filosofie als wetenschap

Er schijnt zo iets te zijn als filosofie van de literatuur. Om mij ervan te overtuigen dat dit een nuttige tak van de wetenschap was legde een filosoof mij uit dat er een prachtige relatie was tussen de opkomst van psychologie-als-wetenschap en het fenomeen stream of consciousness literatuur.

Mijn reactie, als een typische positivist, was: maar dat is toch wetenschap? Je hebt  een empirisch feit A en empirisch feit B en er zit een (al dan niet causale) relatie tussen A en B.  Dat is toch juist wetenschap en filosofie dat is geen wetenschap. De filosoof reageerde socratisch: wat is filosofie dan? Ik kon niet zo snel een antwoord bedenken.

Filosofie kan de moeder der wetenschappen zijn, waaruit alle wetenschappen zich emanciperen. Het beste voorbeeld is de natuurkunde. Dit is in 1687 door Newton in zijn Philosphiae Naturalis Principia Mathematica uit de filosofie geemancipeerd. De wijsbegeerte bestaat uit een heleboel vragen, antwoorden en methoden. Soms besluiten mensen dat bepaalde vragen met een bepaalde wel-omschreven methoden beantwoord kunnen worden. Deze kunnen zich dan als onafhankelijke tak van de wetenschap voortzetten. De natuurkunde, de biologie, de taalkunde, de politieke wetenschap zijn hier voorbeelden van. Socrates en Aristoteles hielden zich ook met deze vraagstukken bezig. Toch zijn Einstein, Darwin, De Saussure, of Schattschneider geen filosofen. Zij zijn wetenschappers in losgemaakte vakgebieden. In deze visie zal de filosofie ooit ophouden te bestaan, als al de velden die ooit filosofie waren zich hebben losgemaakt en een eigen wetenschap zijn geworden.

Dat is echter een beperkte visie. De wetenschappen natuurkunde, biologie, taalkunde en politicologie delen het zelfde onderwerp: het koninkrijk der feiten. Maar er zijn ook vragen die niet over het koninkrijk der feiten gaan. Wat als de filosofie zich met deze vragen bezig houdt. Het koninkrijk der feiten is aan de wetenschappen, het koninkrijk der niet-feiten is aan de filosofie. Vragen als "Is de Mona Lisa mooi?" of "zijn belastingen rechtvaardig?" kunnen niet door de wetenschappen beantwoord worden. De wetenschappelijke methode werkt hier niet. Het zijn immers geen feiten. Politiek filosofen hebben allerlei verschillende methoden bedacht om vraagstukken van rechtvaardigheid te beantwoorden. De filosofie heeft haar vragen en de wetenschappen de hunnen en deze twee koninkrijken zijn strik gescheiden.

Maar er zijn ook vragen waarop natuurkundigen en politicologen stuiten, die zij met hun methoden niet kunnen beantwoorden. Vaak zijn dit metafysische, epistemologische of wetenschapsfilosofische vragen over wat een wetenschappelijke vraag is, wat de grenzen van de kennis zijn en wat de aard is van de zaken die ze onderzoeken. Vragen die de wetenschappen zelf niet kunnen beantwoorden, maar waar "moedertje" filosofie wel een antwoord op heeft. Dan zijn de koninkrijken van de filosofie en de wetenschap niet gescheiden, maar dan is filosofie de koningin der wetenschappen, waar de wetenschappen wel autonoom zijn maar niet zonder hun heerser kunnen.

Maar als je dan kijkt naar de methode die de filosofie hanteert blijkt ze wetenschappelijk te zijn, al zu wissenschaftlich. Een groot deel van de filosofie filosofologie, zij beantwoorden niet de vragen die ze zelf zouden moeten beantwoorden, maar ze staren zich scheel op de antwoorden van eerdere grote filosofen op deze vragen. Ze doen descriptief alpha wetenschappelijk onderzoek naar empirische feiten. Ze beantwoorden niet de vraag "Is A rechtvaardig" maar "vindt B A rechtvaardig".

Het wordt wel tijd dat de literatuurwetenschappen eens op kamers gaan en huize filosofie verlaten om zelf een echte wetenschap te worden.