Het GroenLinks congres komt er weer aan. En ook dit congres mag weer een kandidatenlijst samen stellen. Kunnen we iets voorspellen over de manier waarop de lijst wordt samengesteld? Een van de meest in het oogspringende thema's binnen GroenLinks is de verhouding tussen man en vrouw. Hebben vrouwen binnen GroenLinks een streepje voor? Of kiest het congres voor een balans tussen de geslachten?
Als we kijken naar de landelijke kieslijsten voor het Europees Parlement, de Eerste en de Tweede Kamer die op wikipedia staan, dan zijn er opvallende patronen. Er zijn vier mannelijke als acht vrouwelijke lijsttrekkers geweest. Als er een mannelijke lijsttrekker was, dan was de #2 onvermijdelijk een vrouw. Als er een vrouwelijke lijsttrekker was, dan was er in 38% (3) de #2 weer een vrouw en de #2 was in 62% (5) een man. Na een man moet dus een vrouw komen, maar na een vrouw kan best weer een vrouw.
Als er een vrouwelijke lijsttrekker was en een mannelijk #2, dan was de #3 in 40% (2) een vrouw en in 60% (3) een man. Als er gender-balance bereikt was dan kan het met de #3 alle kanten op. Een vrouwelijke lijsttrekker met een vrouwelijke #2, leidde in 75% (3) van de gevallen tot een mannelijke nummer #3. In een geval was er een vrouwelijke #3 (De 1989 met de drie oude partijleiders achter elkaar). Na twee vrouwen moet er dus bijna wel een man komen, maar het is nog steeds niet noodzakelijk. Je kan het rekken, maar gender-balance lijkt onvermijdelijk.
Als er een mannelijke lijsttrekker was en dus een vrouwelijke #2, dan was in 75% (3) van gevallen de #3 een vrouw. In een geval was het een man. Het lijkt erop dat het feit dat er een man leider was geworden in het bijzonder moest worden gecompenseerd met extra vrouwen hoog op de lijst.
In 67% (8) van de gevallen waren twee van de eerste vier kandidaten een vrouw. Bij de vier uitzonderingen waren er 3 keer meer vrouwen en slechts een keer meer mannen. Alles lijkt er op te duiden dat GroenLinks kiest voor gebalanceerde lijsten, maar dat waar er ongebalanceerdheid is, vrouwen een streepje voor hebben.
Wat zegt dit voor de Eerste Kamerlijst? Na Thissen zal er dus zeer waarschijnlijk een vrouw op #2 en op #3 komen. Koster-Dreese, Strik, De Boer en Vos hebben dus meer kans op #2 en #3 dan Borghouts, Ganzevoort en Laurier. Daarna is het spel weer open. Als twee van Strik, Dreese, De Boer of Vos verkozen zijn, dan zal waarschijnlijk of Ganzevoort of Laurier volgen.
Andere factoren, zoals politiek profiel, ervaring en de mobilisatie van eigen achterban zullen bepalen wie deze precies zullen worden. Ik dat de rode Thissen, gevolgd zal worden door de meer 'blauwe' Strik en de groene Vos. Op plek #4 is er dan ruimte voor de ervaren rode Laurier of de vernieuwende 'blauwe' kandidaat Ganzevoort. Het is een opvallende strijd: de voormalige CPN'er Laurier aan de ene kant die met zijn voeten in de klei heeft gestaan als wethouder en bestuurder op het gebied van sociale zaken en volkshuisvesting, en aan de andere kant de progressief-Christelijke Ganzevoort, professor theologie die veel onderzoek heeft gedaan naar diversiteit, homosexualiteit en moderne gezinsverbanden. In het nieuwe GroenLinks verwacht ik dat Ganzevoort hoge ogen gooit.