Top 10 of the Noughties

Nadat Bas Eickhout, de Volkskrant en The Guardian kwamen met een lijst met de beste platen van de Noughties moest ik ook wel komen. De 10 beste albums van het eerste decennium van de 21ste eeuw.

Geen makkelijke compilatie van lijstjes van eerdere jaren. Geen ordening ook van 1 tot 10. In plaats daarvan 10 topplaten. Met drie side-constraints: maximaal een album per band; een plaat per jaar; de platen moeten ook meer zijn dan 15 goede nummers, maar echte concept albums, die een afgerond geheel vormen.

2000 Sophtware Slump – Grandaddy – concept album over het effect van techniek op de moderne maatschappij. "Broken Household Appliance National Forest" is een ode over een afval berg.
2001 Natural History – I am Kloot –  weten met zo weinig middelen zo veel te bereiken. Have no Fear of Falling geeft me nog iedere keer kippenvel.
2002 Century Child – Nightwish – luistert als een fantasy boek over een wonderlijk kind dat de wereld moet redden.
2003 Absolution – Muse – de eerste echt paranoide, bombastische, megalomane plaat van Muse, waarin ze vrij letterlijk vragen om de Apocalyps.
2004 Franz Ferdinand – Franz Ferdinand – De grondbrekers voor de eruptie van alternatieve Britse gitaarrock, die het decennium zullen beheersen. Maakte gitaarrock dansbaar, zoals met het aanstelijke Michael.
2005 Good Morning Hope – Woodface – Van Gert Bettens, de muzikale kant van K’s Choice, een prachtige plaat die wisselt van energieke gitaarrock (Give me Something to Break) tot mystieke singer songwriter nummers (Are You Reading to Sing).
2006 Meds – Placebo – beste album van Placebo, over het effect van drugs, drank en verslaving. Van de euforie van Meds tot de vervreemding van de Cold Light of Morning
2007 Shotters’ Nation – Babyshambles – muzikaal het hoogtepunt van de nieuwe golf van alternatieve Britse gitaarock, luister hier maar naar Delivery.
2008 Age of the Understatement – Last of the Shadow Puppets – Alex Turner (Arctic Monkeys) en Miles Kane (Rascals) brengen muzikaal de golf van alternatieve Britse gitaarrock op een nieuw plan, door dit te mengen met Muse (Age of the Understatement) en Calypso (My Mistakes were Made for You)
2009 The Resistance – Muse / Battle for the Sun – Placebo – voor dit jaar kan ik nog geen beslissing maken: de half-klassieke plaat van Muse of het optimistische album van Placebo? Het jaar is nog niet eens afgelopen!

Placebo geeft gemengde gevoelens

Gisteravond was ik dus naar het concert van Placebo in Rotterdam. Hier kan je wat live materiaal zien. Ik ging met gemengde gevoelens terug. Ik denk dat daar drie redenen voor zijn:

Ten eerste de samenstelling van het publiek was totaal niet wat ik verwacht had. In mijn ogen is de thematiek van Placebo nogal zwaar: het zijn geen onschuldige liefdesliedjes of makkelijke hard rock nummers. Een groot deel van de nummers gaat over mislukte liefde en de wanhoop die daarbij hoort, gemengd met nogal expliciete referenties naar druggebruik, homosexualiteit en gender-bending. De teksten zijn bijna allemaal zelf-reflexief en psychologisch. Het nieuwste album is iets hoopvoller en spiritueler en (helaas) minder expliciet waar het gaat om gender, maar is als nog geen makkelijke kost. Ik associeer hier een bepaald publiek mee: het publiek dat er was, was aanzienlijk ouder, minder alternatief, heterosexueler en passiever dan ik had verwacht. Daarnaast was Ahoy maar half gevuld. In een halfvolle zaal met hetero mannen van rond de veertig komt de band niet tot zijn recht. Het meest typerend vond ik de toegift: je verwacht dat zo’n zaal bruist met enthousiasme en dat dat de band terug haalt. Nu viel het geklap en gejoel snel stil, maar de band kwam toch wel. En als de zaal niet los komt, dan kan je nog zo’n goede performer zijn, maar dan springt de vonk niet over. Die vonk miste ik een beetje: immers muziek gaat voor mij om passie, om gevoel, om heel specifieke vorm van geluk. Dat vereist het samen komen van de muziek, de sfeer, de artiest en een zekere openheid die je zelf moet hebben. Natuurlijk waren er nummers die me kippenvel (Follow the Cops Back Home, Devil’s in the Details) gaven, maar dat was minder dan ik had gehoopt.

Daarnaast was het een tijdje geleden dat ik naar echt rock concert was geweest. Daarvoor was het toch meer singer/songwriter. Dan komt echt aan op een zanger, zijn stem en zijn gitaar. Een rock band kan zich verschuilen achter de herrie die ze kunnen produceren. Dan wordt het geen zingen meer maar gillen, en geen melodie meer maar een wall of sound die over je heen komt. Zonder af te geven op het vakmanschap van Placebo, had ik gehoopt dat ze minder uit waren gegaan van de herrie die ze kunnen produceren en meer van de stem en de melodie. Maar misschien komt dat gewoon beter uit op een CD dan in zo’n concert.

Ten derde is het laatste album gewoon niet hun beste album. Dat merkte ik al aan de nummers waar ik wel kippenvel van kreeg en waarmee ze in de toegiften terug kwamen: dat was het ouder werk. Het album waardoor ik ooit fan ben geworden Black Market Music, en Meds, een donkerder, zwaarderealbum. Het nieuwe album is niet slecht en heeft zeker zijn hoogtepunten en goede eigenschappen, het is optimistischer, lichter en melodischer, maar dat kwam in deze setting niet goed uit.

Het had een stuk beter gekund denk ik zo’n live optreden: met het juiste publiek – ik ga nooit meer in Ahoy naar concert – en met de juiste balans tussen herrie en melodie hadden ze een stuk meer los kunnen maken.

Kamerlid Tofik Dibi: De term groen drukt te zwaar op partij

GroenLinks wordt te veel gezien als slechts een milieu partij en dat kost de
partij stemmen. Volgens Kamerlid Dibi moet het anders: „De Linksen zou
een betere naam zijn."

 

De
naam ’GroenLinks’ roept zoveel verkeerde associaties op dat de partij
er goed aan zou doen serieus een naamsverandering te overwegen, meent
Tweede Kamerlid Tofik Dibi. „Soms denk ik: als mensen eens wisten hoe
we er echt in staan, dan zouden we meer stemmen krijgen. Zeker wel het
dubbele van de zeven zetels die we nu hebben.”

Een
nieuwe naam zoals ’De Linksen’ zou dat al kunnen realiseren. „Links is
veel breder dan alleen de verzorgingsstaat. Dat de politie belastingfraude aanpakt, is ook links” Het stempel ’groen’ hangt hij liever aan de
wilgen. „Die term drukt een heel zwaar stempel op de partij. Je denkt
daarbij aan een donkerrode, zure, ecologistische groep mensen die
denkt dat ze de wereld kan verbeteren door de aanleg van een
moestuintje.” Niet dat Dibi afstand wil doen van zijn groene roots:
„Natuurlijk zijn we groen en daar ben ik ook trots op. Maar we zijn
nadrukkelijk niet donkergroen, want dat heeft Femke Halsema al lang
afgeschud. En meer nog dan groen, zijn we progressief.”

Of
dat ook tot de rest van Nederland doordringt, betwijfelt hij. „Ik merk
dat we een heel andere partij zijn dan waarmee we geassocieerd worden.
Het beeld past niet bij hoe we stemmen en welke verhalen we houden in
de Kamer. We worden gezien als een ouderwetse, groene partij maar in
mijn hoofd zijn we een voorhoedepartij, met een voortrekkersrol op het
gebied van de hervorming van de verzorgingsstaat, integratie, jeugd, ga zo door.”

Europese ruk naar rechts?

Rplot4_2Nu alle kandidaten voor de Europese Commissie bekend zijn, kunnen we iets zeggen over de politieke koers die Europa gaat voeren in de komende jaren. De SP zegt dat Europa een ruk naar rechts maakt. Dat is maar zeer ten dele waar.

In het bijgevoegde figuur kun je de verschuiving in de samenstelling van de Europese Commissie tussen 1999 en 2009 zien:

Tussen 1999 en 2004 bestaat de Europese Commissie voor 50% uit socialisten. Daarnaast is 25% Conservatief. Er is een Euroskeptische en een Groene Commissaris. In 2004 verandert de samenstelling van de commissie, vanwege de toetreding van de 10 nieuwe lidstaten. Daardoor vallen de socialisten naar 23%, gaan de conservatieven naar 30% en de liberalen naar 17%. Daar komt de uitslag van de Europese verkiezingen van 2004 bovenop. De socialisten verliezen die verkiezingen. Eind 2004 is het liberale smaldeel van de commissie uitgebreid tot 28%. Daarmee is deze delegatie groter dan de socialisten. Terwijl in het parlement de liberalen ongeveer drie keer zo klein zijn als de socialisten. In 2008 is de liberale delegatie gegroeid tot 33%. Daarmee zijn de liberalen het grootste smaldeel in de commissie.

Nu in 2009 slaan de conservatieven terug: ze gaan van 30% naar 44% van de commissie. De liberalen hebben 33% van de commissie. De socialisten hebben 22%. In het parlement zijn de conservatieven inderdaad de grootste groepering, maar de socialisten zijn de tweede groepering. De liberalen zijn de derde groepering.

Er zijn twee interessante vragen:

  • Waarom zijn de liberalen zo groot in de commissie? Er zijn twee verklaringen daarvoor: de eerste is politiek. De liberalen zijn de swing vote van het Europees Parlement. Ze maken of breken de meerderheid voor wetten, moties en amendementen. Hun stem is bepalend. Daarom kunnen ze een veel groter smaldeel van het parlement op eisen, dan dat ze "horen" te hebben. Er is ook een ideologische overweging: de liberalen zijn een groot voorstander van (economische) integratie van Europa. Daarmee sluiten ze aan bij de opdracht van de Europese Commissie: de economische integratie van Europa bevorderen.
  • Waarom zijn de conservatieven nu zo groot geworden? De reden daarvoor zit in een van de andere trends in het grafiek: het wegvallen van de onafhankelijken. Ze gaan van 23% in 2004 naar 0% nu. Die winst gaat in z’n geheel naar de conservatieven. De landen die onafhankelijke commissarissen hadden, hebben nu conservatieve commissarissen. Dat zijn vaak Oost-Europese landen. De reden daarvoor is de consolidering van de partijsystemen in Oost-Europa en de opname van die partijen in het Europese partijensysteem. Rechts is zo groot is omdat er geen onafhankelijken meer zijn. Er zijn geen onafhankelijken meer omdat alle commissarissen uit Oost-Europa een politieke kleur hebben.

Kortom Europa lijkt een ruk naar rechts te maken, nu de EPP veel groter is. Maar dat lijkt me niet waar. De Europese Commissie heeft al in 2004 een ruk naar rechts gemaakt, met een grote rol voor centrum-rechtse liberalen, conservatieven en partijlozen. In 2003 hadden ze nog maar 45% van de Europese Commissie. In 2005 was dat 73%. Nu is dat 78%. De grote ruk naar rechts was in 2004. Alles wat nu zien is een consolidering van de positie van de Europese Conservatieven, dat is geen echte verschuiving van de macht. De Europese koers die ingezet is gaat door.

Meesterzet Balkenende: Kroes op zijspoor

Nadat zijn eigen Europese droom op een zijspoor was gezet, maakte Balkenende vandaag een meesterzet: door zijn potentieel grootste concurrent op een Europees zijspoor te zetten, verzekert Balkenende zich van een kabinet Balkenende V.

Balkenende was kandidaat voor de president van de Europese Raad. Echter zijn Vlaamse collega Van Rompuy heeft die baan gekregen. Balkenende moet dus door in Nederland. Uiteraard is er maar een mogelijkheid dan: four more years onder het kabinet Balkenende V.

Er is echter maar een obstakel voor Balkenende op die weg: een sterke VVD. De PVV en D66 zijn geen concurrenten voor het CDA. D66 wordt nooit groot genoeg om het CDA in te halen. Daarnaast komt ongeveer iedere zetel die D66 nu krijgt, bij de PvdA vandaan. Dat is alleen maar mooi voor het CDA: hoe groter D66, hoe kleiner de traditionele tegenstrever van het CDA: de PvdA. Een links blok dat verdeeld is tussen de PvdA, D66, SP en GroenLinks die niet meer dan 10 zetels van elkaar in zetels van elkaar verschillen zoals in de laatste peilingen is de droom van Balkenende: hoe verdeelder links is, hoe kleiner de kans dat ze groter dan het CDA worden.

Zolang links intern verdeeld is, zit het grootste probleem voor Balkenende op rechts. Niet bij de PVV. Zelfs als die partij de grootste wordt, dan zullen ze nooit de regering in gaan. Als WIlders enigszins heeft geleerd van de LPF en populistisch rechts in Europa dan realiseert hij zich dat hij niet zowel een kamerfractie van 30 leden en 6-7 ministers onder zich kan houden. De strakke lijn van Wilders is alleen mogelijk in de oppositie.

Dan blijft er maar een partij over die groter dan het CDA kan worden: de VVD. De raadsverkiezingen in Venlo laten zien dat de VVD nog wel eens het electoraat van de PVV kan aanboren, met een rechts-conservatief geluid. De VVD heeft nu het momentum om hoog gevonden. En kan nog wel eens die 10 zetels winnen om een serieuze concurrent voor Balkenende te worden voor de rechtse stem. Daar hebben ze echter wel een ding voor nodig: een ijzersterke premierskandidaat, van het formaat Thatcher, een echte Iron Lady, iemand die aanzien geniet in Nederland en Europa: Neelie Kroes. Geliefd bij populisten omdat ze rechtlijnig en keihard de grote graaiers aanpakt, geliefd bij rechts vanwege haar marktgerichte politiek, geliefd bij progressieven vanwege haar feministische voorbeeldfunctie. De ideale leider van de VVD. Zeker een serieuze concurrent voor Balkenende. De peilingen van Maurice laten het ook zien: ze doet het beter dan Balkenende en is de meest populaire kandidaat van de mogelijke VVD’ers voor de functie van premier.

Dus moest Kroes op een zijspoor. Ze moest in Europa blijven. Kroes kreeg de steun uit onverwachte hoek van de Trouw tot GroenLinks. Ook Barosso wou graag dat ze bleef: ze was immers een doortastende, ervaren vrouw. Ze kan echter niet door op mededinging. Kroes stond ook open voor een nieuwe post. Dat kwam Balkenende  goed uit. Immers Kroes moet niet te prominent worden in Europa: "ICT, Telecommunicatie en andere nieuwe technologie" is het geworden. Een gewichte Europese post zeggen ze in Den Haag. Dat lijkt me niet het geval: handel was een machtige, prominente functie geweest, of industrie. Maar ICT en telecommunicatie is een Europees zijspoor. In de vorige formatie gecreeerd omdat er 27 commissarissen nodig waren. Ze wordt daarnaast ook vice-voorzitter. Een machtigere functie dan haar portefeuille maar wel een buiten de schijnwerpers. Balkenende heeft hoog spel gespeeld door na zijn eigen mislukte kandidatuur in te zetten op een prominente, maar niet te prominente post voor Kroes.

En daarmee is Kroes op een Europees zijspoor gezet. Buiten de ogen van Nederlandse journalisten gezet. Zodat Premier Kroes geen niet mogelijkheid kan worden.

Dit had natuurlijk waarheid kunnen zijn als Balkenende strategisch inzet had gehad. Helaas is dat, net als dit stuk, een fictie.

Oude Communisten

Iedere week is er bij ons op het departement een lunch lezing van een van de leden van het departement over de politiek in zijn of haar land van herkomst/specialisatie. Deze week kwam de Leidse politiek onder de aandacht. In de lezing kwam onder andere Jan Laurier ter sprake, die werd geintroduceerd als de voormalig communistische wethouder. Er wordt wel meer gesproken over een grote communistische stroming in de Leidse GroenLinks afdeling. In hoeverre is dat realistisch?

Laten wRplote eens beginnen met de feiten: in hoeverre hebben en hadden Leidse GroenLinksers hun wortels in de CPN of een van de andere oprichters van GroenLinks? In het bijgaande figuur kan je de politieke achtergrond zien van alle GroenLinksers in de leidse gemeente politiek actief waren. De data is afkomstig van de site Leids Pluche. Raadsleden, duo-raadsleden en wethouders tellen hier allemaal gelijk: het figuur laat gewoon het percentage van raadsleden, duo’s en wethouders zien met een bepaalde achtergrond.

  • Rood CPN: In de eerste jaren zijn alle drie de stromingen even groot. Daarna groeit de CPN tot ongeveer 50% in de periode 1990-1998. Dan valt de CPN tot 6%-14% in de periode 1998-2007. In de laatste jaren valt dat naar 0%.
  • Groen PPR: in de eerste jaren heeft de PPR ook 33% van de vertegenwoordigers. Dat valt naar 0% in 1995. In 2003 keren ze echter plotseling weer terug, onder andere omdat oud-PPR’er Wim de Boer wethouder wordt, hij wordt opgevolgd door bloedgroepgenoot John Steegh.
  • Paars PSP: de PSP blijft vrij lang in de raad met "eigen" vertegenwoordiging maar in 2000 is dat afgelopen, zonder perspectief op terugkeer.
  • Blauw zonder achtergrond: dat is de groep die het snelste groeit. Van 0% in 1994 naar 87% in 2001. Nu nog steeds zijn by far de grootste "stroming".

Feitelijk, cijfermatig kan je dus wel stellen dat GroenLinks Leiden sterk communistisch gekleurd is geweest. Dat is nu echter wel anders. De PPR neemt nu een veel prominentere plek in. De aanwezigheid van een communistische stroming duidt echter meer op politieke stijl, inhoudelijke orientatie en de plek in de stad.

Inhoudelijk gezien kernmerkt het CPN profiel zich door twee idealen:
solidariteit en non-discriminatie. Dat waren ook de twee grootste
thema’s in de portefeuille van Jan Laurier. Hij was verantwoordelijk voor sociale zaken, en inburgering. De huidige wethouder, John Steegh, heeft een inhoudelijk  profiel dat veel dichter bij de PPR zit: met een sterke nadruk op milieu en klimaat. Een verschuiving van een CPN naar een PPR profiel dus.

De stijl van CPN wordt in het onvolprezen geschiedenisboekje omschreven als volgt beschreven in de woorden van Panc Batelaan "[je ziet] bij de CPN’ers aanhangers van de strakke lijn. Ze zijn bijna autoritair – dat is te veel gezegd wat betreft Laurier, maar het is wel een machtspoliticus geweest." Het politieke proces staat voor CPN’ers centraal, het spel om de macht. Het is lastig om te bepalen of de huidige fractie meer bestaat uit machtspolitici dan de vorige.

Al met al duiden de trends erop dat GroenLinks in Leiden minder en minder CPN-achtig wordt en meer en meer PPR-achtig.

De onsamenhangendheid van Francisco van Jole

Vanochtend las ik in de Volkskrant een stuk van Francisco van Jole: "De Leegte van Links". Van Jole is druk bezig om de nieuwe opinieleider van links Nederlands te worden, dankzij zijn site joop.nl, waarop allerlei linkse opiniemakers bloggen. Het stuk is een reden om ons grote zorgen te maken over de toekomst van links, niet vanwege de leegte van links, die Van Jole observeert, maar vanwege de onsamenhangendheid van Van Jole’s betoog.

De conclusie van Van Jole is: "idealen zijn bij progressieve partijen naar de achtergrond verdwenen." De argumentatie om daar te komen is vrij opmerkelijk.

Zo vertelt hij over een bijeenkomst van de PvdA waar Wouter Bos een vraag krijgt van een kritisch PvdA lid. Bos reageert gloedvol: "[d]e zaal hing aan zijn lippen. Niet omdat het spannend werd vanwege een conflict maar omdat Bos met passie idealen uitdroeg." Vervolgens schrijft Van Jole: "Dat is het probleem van de politiek op dit moment. Er worden geen idealen meer uitgedragen."  Van Jole net heeft laten zien hoe het belangrijkste gezicht van linkse politiek op dit moment, de vice-premier, vol met idealen het debat aan gaat binnen zijn partij. Ik zie niet hoe je daaruit kan stellen dat idealen niet meer worden uitgedragen door politici. Daarnaast vind ik het absurd om te stellen dater een probleem van de politiek is. Daarmee ontken je de complexiteit van de samenleving.

Vervolgens stelt Van Hole dat "Wilders revolutionair is." En dat er van dat revolutionaire "een enorme aantrekkingskracht" uitgaat omdat het "dromen en daadkracht" combineert. In mijn ogen is Wilders geen idealist. Hij houdt volk geen ideale samenleving voor, maar alleen maar waarschuwingen over wat er gaat gebeuren en nachtmerries over wat er kan gebeuren. Wilders is tegen: tegen islamisering, tegen hervorming van de verzorgingsstaat, tegen klimaatbeleid. Hij heeft geen gloedvol betoog over waar Nederland naar toe moet, alleen maar een verhaal over wat er niet moet gebeuren. Dat trekt geen mensen aan die willen dromen, maar mensen die bang zijn voor nachtmerries.

Ook verwijt Van Jole D66 een gebrek aan idealisme. Zij zijn alleen maar anti-Wilders, hebben geen eigen agenda. Dat is vanwege twee redenen opmerkelijk: ten eerste omdat Pechtold net vorig weekend op zijn partijcongres uiteen heeft gezet wat de visie van D66 is op de toekomst van de Nederlandse samenleving met vijf stippen aan de horizon. Ook de Europese campagne van de partij was zeer idealistisch, met een verhaal over Nederland als open land in Europa. Daarmee breekt Pechtold overigens met een van de tradities van D66: een traditie van pragmatisme, juist van praktische politiek zonder verouderde ideologieen. Dus wat Van Jole zoekt kan hij zeker bij D66 vinden, alhoewel hij het daar niet eens zou moeten zoeken.

Dan vertelt Van Jole over jonge, hoogopgeleide mensen die hij sprak in verband met zijn "progressieve" opinie pagina Joop. Deze mensen wisten volgens Van Jole niet wat "progressief" inhield. Als hij doorvroeg koppelde ze dat begrip eerder aan Fortuyn dan de PvdA. De PvdA was maar conservatief. Volgens Van Jole was dat niet raar twintigers waren gevormd in een tijd "waarin alles wat progressief is in het defensief is gedrongen." Ik zou het begrip "progressief" niet snel gebruiken, omdat het zo
onduidelijk is. Iedere partij wil het goede behouden ("conservatief")
en het slechte hervormen ("progressief"). Echter links en rechts,
Christelijk en seculier, patriotisch en kosmopolitisch verschillen van
opvatting wat nu eigenlijk het goede en het slechte is. In die zin hebben deze twintigers gelijk: de PvdA is een conservatieve partij. Die heeft in de laatste zestig jaar wat opgebouwd in Nederland, dingen bereikt voor de mensen, gewerkt aan een sociaal en divers land, en dat willen ze nu behouden. Misschien is dat wel conservatief. En dan zijn Fortuyn en Wilders, die veranderingen willen als een hoofddoekjestaks, een immigratiestop en een burkaverbod, progressief. Dat is een probleem voor mensen die het etiket "progressief" willen gebruiken, zoals Van Jole, maar voor linkse mensen die zonder dat etiket door kunnen, zie ik geen probleem.

Ten slotte komt Van Jole te spreken over GroenLinks. Enerzijds zegt hij dat hij "spontaan vrolijk" werd van een one-liner van Halsema dat Wouter Bos premier van Nederland moest worden. Dat was het type idealisme waar hij naar op zoek was. Maar vervolgens verweet hij GroenLinks dat ze toe hadden gelaten dat de Partij voor de Dieren opkwam, omdat GroenLinks "het ideaal van een diervriendelijke samenleving niet benadrukte[,] geen onrealistische eisen stelde." Sterker nog bij GroenLinks vinden ze "de Partij voor de  Dieren vast onrealistisch." Mijn probleem zit hem in dat woord "vast". Van Jole heeft niet als een echte journalist even hoor-en-wederhoor toegepast en gevraagd hoe GroenLinks over de Partij voor de Dieren denkt. Als lid van de GeenStijl-generatie heeft hij zijn mening al weer klaar. GroenLinks vindt de Partij voor de Dieren "vast" niets, dat volgt naadloos uit zijn voorgaande argumenatie: die partij van Halsema zit vol met vrolijke idealisten, die echter idealisme missen. Begrijpt u het nog?

De conclusie van Van Jole is dus omdat Bos hem inspireert met een gloedvol betoog, Halsema hem spontaan vrolijk maakt met haar idealistische one-liners, Pechtold allerlei stippen aan de horizon ziet, dat "progressief Nederland" idealen mist. Roerend mee eens Francisco: Wilders heeft inderdaad geen droombeeld voor de toekomst. Hij biedt ons slechts een nachtmerrie. Voor idealen moeten we bij "conservatieve" partijen als GroenLinks, D66 en de PvdA zijn.

Femke’s Future

GeenCommentaar vraagt aan alle oppositiepartijen te vertellen hoe ze in het laatste jaar geopereerd hebben en wat ze de komende jaren doen. Ook GroenLinks werd een aantal vragen gesteld. Een uitermate interessante vraag betroffen de ambities van Femke Halsema wat betreft het partijleiderschap. Wil ze een vierde termijn door? En hoe zit het dan met de termijnen regeling?

"Femke Halsema heeft op dit moment nog geen besluit genomen over haar
politieke toekomst. Zij zal in de loop van 2010 daarover een besluit
nemen. Als zij een volgende periode ambieert is er inderdaad
dispensatie nodig van het partijcongres. Logisch, want maximaal drie
termijnen is en blijft de regel, meer is bij GroenLinks altijd een
uitzondering."

Dit is interessant vanwege twee redenen: ten eerste omdat Halsema nog geen beslissing heeft genomen. Waar laat ze het vanaf hangen? De gemeenteraadsverkiezingen van 2010? Of Job Cohen door gaat? Of de eigenaar van de bloemenwinkel op de hoek met pensioen gaat? Hoe het "anonieme leven" ex-collega Buitenweg bevalt?

Ten tweede omdat Halsema dus op dit congres niet gaat vragen om dispensatie. Echter ik heb altijd begrepen dat procedureel gezien er dit congres hierom   gevraagd zou moeten worden. Niet het congres waarop de lijst wordt samengesteld zelf, maar het congres ervoor. Er zal dus een extra congres moeten komen als mevrouw Halsema door wil gaan. Een kostbare, weinig duurzame aangelegenheid.

Gemeentelijk kiesgedrag in een ruimtelijk model

RplotEen interessante kaart verscheen op GeenCommentaar afgelopen week: een politieke landkaart van de Nederlandse gemeenten op basis van het stemgedrag bij de laatste Europese verkiezingen. Afkomstig van de site WeetMeer. De kaart was gebaseerd op het kieskompas: linkse steden als Groningen en Nijmegen in de Noordwest hoek. Rechtse steden als Urk in de Zuidoost hoek. De Noordoost en de Zuidwest hoek zijn eigenlijk helemaal leeg. Met wat zee en kustlijnen wordt het een mooie visual.

Je kan dezelfde data ook op een andere manier interpreteren. Hierboven zie je een andere interpretatie, nu op basis van het stemgedrag per gemeente alleen. Simpel weg gesteld: gemeenten die hetzelfde stemmen zijn aan een kant neergezet, gemeenten die daar sterk van verschillen aan een andere kant. De partijen zijn in dezelfde ruimte geplot. Wat zien we? Het grootste verschil in stemgedrag tussen Nederlandse gemeenten is niet tussen links en rechts, maar tussen Christelijk en seculier, daarloopt een tegenstellig tussen urbaan en ruraal door heen. De partij die het verst van alle andere partijen wordt geplaatst is de ChristenUnie/SGP die met name groot is in kleine plaatsen als Urk, Staphorst, Nieuw Lekkerland en Reimerswaal, onze eigen biblebelt. Deze partij staat op grote afstand van de andere partijen. Het CDA staat ook verwijdert van de rest. Zij doet het het sterkst in gemeenten als Tubbergen en Leudal. Dat zijn vrij katholieke gemeenten de een in Limburg en de ander in Twente. Gereformeerd in een hoek en Katholiek in de anderen. Dit zijn allemaal kleine, rurale gemeenten. In de rechter-onderhoek liggen de grote seculiere gemeenten als Utrecht, Groningen, Leiden en Amsterdam. Hier doen partijen als GroenLinks en D66 het goed. De andere partijen doen het goed in de gemeenten tussen de gereformeerde, katholieke en seculiere gemeenten.

De grootste verschillen in Nederland in stemgedrag tussen gemeente is dus tussen gereformeerde en de katholieke plattelandsgemeenten en de rest van het land. Daarin verschilt deze analyse van het onderliggende model van kieskompas, waar het verschil wordt gemaakt tussen links en rechts en pro- en anti-Europees. In Tubbergen en Urk wordt nog gestemd naar de oude lijnen van de verzuiling. Iets wat verloren gaat als je je focust op modelen gebaseerd op de laatste ontwikkelingen in de politiek.

Over de techniek: de analyse is correspondentie analyse van de verkiezingsuitslagen, inclusief de hele kleine partijen. De grootte van het lettertype van de gemeenten en de partijen is via een wortelfunctie afhankelijk van de grootte van de partij en gemeenten. De horizontale dimensie bevat 55% van de variantie tussen gemeenten, de verticale dimensie bevat 25% van de variantie. Een derde dimensie zou slechts 8% van de variantie bevatten.

BSG vs. DS9

Net de grand finale van Battle Star Galactica gezien. Battle Star Galactica is een tamelijk geniale science fiction serie. Misschien wel net zo goed als het door mij bewierrookte Star Trek: Deep Space Nine of zelfs wel beter? Een vergelijking en een analyse.

Battlestar_galactica_last_supper
BSG gaat over een oorlog tussen de mens en de techniek. De mensen leefden in twaalf kolonien. Ze maakten robots (Cylons) om hen te dienen. De Cylons kwamen in op stand en een oorlog volgde. De Cylons verdwenen plotseling en periode van angstige vrede volgde. Na een groot aantal jaren keren de Cylons terug en vernietigen in een aanval alle menselijke kolonies. Een vloot met de laatste mensen vlucht weg. Ze worden Centurion_profile_front_ii
geleid door het Battle Star Galactica. De Cylons zetten de achtervolging in voor de volgende vier seizoenen. Al snel blijkt dat er Cylons de vloot hebben geinfiltreerd. Ze zijn niet te onderscheiden van mensen. Er blijken twaalf zulke mensachtige Cylons te zijn. Zes daarvan geven leiding aan de Cylons. Ondertussen zijn er allerlei politieke strubbelingen binnen de vloot. Een religieuze visie van een dertiende kolonie "Aarde" speelt daarbij een belangrijke rol. Uiteindelijk blijken nog eens vijf belangrijke karakters Cylons te zijn, zonder dat ze zich daarvan bewust waren. De vondst van deze laatste vijf Cylons breekt de originele Cylons op in twee kampen. Een wil de oorlog met de mensen verder zetten, de ander wil samen met de mensen op zoek gaan naar een nieuwe thuisplaneet. Dat laatste lukt uiteindelijk, in die grand finale.

Tussen dit verhaal en DS9 zijn een aantal opvallende gelijkenissen, dat is ook niet raar want Ronald D. Moore werkte aan beide series mee. Het zijn allebei science fiction series die uitgaan van een plot dat in verschillende seizoenen uiteen gezet wordt. Oorlog, religie en politiek spelen daarin een cruciale rol . Een overzicht:

Female_changelingChangelings/Skin Jobs: in DS9 wordt de vijand (de Dominion) geleid door changelings, wezens die iedere vorm aan kunnen nemen die ze willen, dus ook die van een mens. In BSG wordt de vijand (de Cylons) geleid door op mensen lijkende robots. Changelings en skin jobs zijn dus niet van mensen te onderscheiden. Deze changelings en skin jobs infiltreren allebei de mensheid om ze van binnen uit te verzwakken, door bijvoorbeeld terroristische aanslagen. In beide gevallen leidt dat tot grote paranoia. BSG wordt soms wel geroemd vanwege haar post-9/11 thematiek, maar DS9 pre-9/11 kon er ook wat van. In beide Sixes_ncgevallen zijn er changelings (Odo) en skin jobs (final five) die niet weten dat ze bij het grotere geheel horen en dus moeten kiezen tussen het volk waren ze eigenlijk bijhoren en de mensen waarmee ze zich hun hele leven verbonden hebben geweten.

Daarnaast hebben de Cylons en de Changelings het eeuwige leven. Daardoor richten zij zich op de lange termijn en zetten ze plannen uit die jaren kunnen duren. Overigens zijn er ook gelijkenissen tussen de manier waarop de Cylons eeuwig leven het klonen van Vorta en het voortleven van Trills, twee andere rassen uit DS9. Beide soorten zijn instaat tot telepathisch contact met hun soortgenoten.

In beide gevallen geven de changelings/skin jobs leiding aan lagere wezens, namelijk primitieve robots en genetisch gemanipuleerde strijders, die voor hun vechten: een kaste van wetenschappers en leiders en een kaste van strijders. Deze kaste worden bij zowel Dominion als de Cylons worden gebonden door hun geloof.

Grijstinten en morele dilemma’s: in beide series wordt er veel aandacht besteed aan de grijs tinten die er ontstaan in tijden van terrorisme, oorlog en bezetting. En aan de morele dilemma’s die daarbij op komen. Geen van de karakters is echt slecht, maar daarnaast is ook geen karakter helemaal goed. 

Godsdienst en profetie:
in beide science fiction series spelen godsdienst en profetie een grote rol. In BSG zijn zowel de Cylons als de mensen godsdienstig. De mensen zijn polytheistisch en in hun geloof nemen profetieen over een planeet mysterieuze Aarde een belangrijke rol in. De Cylons geloven in een plan van hun enige God. Het station DS9 ligt bij een planeet van gelovige aliens. Zij worden beschermd door andere aliens, die voor hun als goden optreden, en die met name via profetie in grijpen in het plot.

Williamadama
William Adama/Benjamin Sisko: De militaire leiders zijn in beide series "reluctant heroes". Ze nemen allebei een commissie aan voor een onbelangrijke operatie, die uiteindelijk door omstandigheden vitaal blijkt voor het overleven van de mensheid. Voordat ze die operatie aannemen overwegen ze de vloot te verlaten. Toch groeien ze uit tot grote militaire leiders. Ze hebben allebei familie verloren in het leger, hebben een zoon die in de serie een rol speelt Sisko2375(Jake/Lee). Ze hebben ook beide een oude vriend in de crew zitten (Dax/Tigh). Beide karakters zijn skeptisch over de profetien en mythen over hun toekomst, maar worden uiteindelijk gedwongen om toch hun
profetische rol op zich te nemen. Daarnaast zijn beide militairen van plan om na de oorlog hun eigen huis te bouwen om met hun geliefde te gaan wonen. Ze strijden voor vrede, zijn geen ijzervreters.

Julianbashir
Baltar/Bashir: fysiek lijken de acteurs James Callis en Siddig el Faddil heel erg op elkaar maar ook hun karakters zijn het zelfde. Het zijn allebei uitermate slimme en aantrekkelijke wetenschappers, die hun lagere sociale klasse achter zich hebben gelaten. Beiden hebben een groot geheim en ze liegen omdat geheim te houden, alhoewel dat van Baltar groter en dramatischer is dan van Bashir.
Baltar_season_3
Kara Thrace/Kira Nerys: deze twee karakters zijn allebei sterke, eigenwijze vrouwen die problemen hebben met autoriteit. Toch zijn ze allebei wel gelovig en trouw aan hun commandant. Daarnaast zijn ze uitermate goede soldaten.
Miles O’Brien/Galen Tyrol: deze twee karakters zijn allebei boordwerktuigkundigen. Beiden hebben een working class background, en ze hebben in de serie een vrouw en kind. Ook zijn ze beiden "chief" de hoogste rang voor niet-officieren.
Emily_kowalski

In beide series wordt een rol gespeeld door Nana Visitor en zit een cameo van Ronald D. Moore in de laatste aflevering. Dat is nog maar een deel van de gelijkenissen. Er zijn nog wel meer gelijkenissen. Maar er zijn ook verschillen:

BSG is meer dan DS9 georienteerd op het grote verhaal: Bij DS9 waren er regelmatig stand-alone afleveringen, dat komt bij BSG nauwelijks voor. Duidelijk een pluspunt voor BSG. Echter BSG is pretentieuzer: omdat de verhaallijnen een geheel vormen bij BSG verwacht je meer. In de laatste aflevering moeten alle losse draadjes aan elkaar verbonden worden. Dat lukt toch niet helemaal. Er zijn allemaal onafgemaakte draadjes en dingen die niet goed in elkaar passen. Hoe hoger je schiet, hoe dieper je kan vallen. Een minnetje bij BSG.

De boodschap van BSG gaat over de gevaren van de techniek voor de
mensheid. De Cylons zijn door de mens gemaakt en hebben hun makers
bijna vernietigd. BSG overleeft de oorlog omdat het het minst
geavanceerde schip in de vloot was. De uiteindelijke oplossing om de
cylcus van vernietiging en oorlog te verbreken is dat de mensheid
verder leeft zonder techniek op de aarde. Een vrij technofoob verhaal
in mijn ogen.Daar staat het verhaal van DS9 tegenover, dat gaat over de waarden van samenwerking, hoop en idealen. Een minnetje bij BSG. Echter in DS9 blijft de Federation zelfs in tijden van oorlog een samenleving van paradijselijke rijkdom. Ook kunnen ze voor een groot deel het morele gelijk aan hun kant houden. BSG is donkerder. De oorlog is harder, de armoede en angst groter. En de morele dilemma’s worden daardoor sterker. Een plusje bij BSG.

In BSG wordt de vijand verdeeld in twee facties. Door deze deling ontstaat er meer ruimte voor grijstinten binnen de vijand. Zeker een plusje bij BSG. Daar staat tegenover dat in DS9 de "good guys" bestaan uit een alliantie van verschillenden volkeren. Hierdoor is er ruimte voor grijstinten bij de good guys, verschillende visies, culturen en motivaties. Bij BSG is de mensheid een redelijk monolithisch geheel. De twaalf kolonien krijgen bijvoorbeeld nooit een heldere indentiteit. Een minnetje bij BSG.

DS9 heeft uiteindelijk een grotere cast met herkenbare karakters. Zelfs een aantal van de eerste zes Cylons zijn niet goed uitgewerkt. Met name door het bestaan van een grote culturele diversiteit aan de zijde van de Good Guys is er ruimte voor veel bijzondere karakters in DS9. Een minnetje voor BSG. De hoofdkarakters van BSG hebben echter wel allemaal een afgerond karakter, bijna allemaal van Shakespeariaanse grootheid. De goede en slechte karaktereigenschappen zijn consistent door gewerkt. Bij DS9 komen een aantal van de hoofdkarakters niet boven hun rol omschrijving uit, en willen eigenschappen van karakters nog al eens wisselen, met name in het begin. Een plusje bij BSG.

De muziek van BSG is beter, met name het voortdurend terug komen van het nummer All Along the Watchtower op allerlei momenten geeft de serie muzikale consistentie. Ook de tekst van dit nummer komt regelmatig terug. Ook zijn de effecten in tien jaar tijd er erg op verbeterd. Een plusje voor BSG.

Al met al een redelijke gelijke strijd, maar BSG komt er net beter uit. Dat heeft denk er met name mee te maken dat BSG heeft geleerd en kunnen voorbouwen op DS9. DS9 komt pas langszaam opgang met zijn story arc, bij BSG wordt je er meteen ingeworpen, dat maakt het plot veel consistenter, dwingender en sterker.