Waarom ik links ben

Na 28 jaren in dit leven, maak het politieke testament op van mijn jeugd.

Kinderlijke emoties
Mijn politieke opvattingen zijn gegrondvest in twee basale bijna kinderlijke emoties. Ten eerste, ik kan er niet tegen om medische documentaires te zien, waarin ze operaties filmen. Noem het squeamish, noem het empathisch. Maar door zo geconfronteerd te worden met bloed en lijden word ik fysiek onpasselijk. Maar een die in mijn politieke motivatie een centrale rol speelt. Want evenzeer als ik niet tegen verhalen over operaties kan, vind ik het verschrikkelijk om armoede te zien, dierenleed of de verschrikkingen van oorlog.
Voor mij speelt ook een tweede drang een grote rol, niet alleen in de politiek maar in mijn hele leven: het gevoel om niet beperkt te willen worden door anderen. Een basale, puberale vrijheidsdrang: om niet behandeld te worden als een schoolkind. Mijn ouders hebben mijn wil om mijn hart te volgen vanaf mijn eerste herinneringen nooit tegengehouden maar juist altijd gestimuleerd. Zo werd ik wilskrachtig, eigenwijs, gedreven.
Gedreven door een afkeer van lijden, besloot ik om altijd de kant te kiezen van de good guys, die zich inzetten om dit lijden tegen te gaan: dat betekende voor mij dat ik vegetariër werd, bijvoorbeeld, en demonstreerde tegen de oorlog in Irak en Afghanistan. Door een politieke opvoeding en een filosofische scholing werd deze motivatie politiek-filosofisch verdiept.

Socialisme
Links zijn de good guys van de politieke geschiedenis. Het is de stroming die zich tegen armoede en oorlog verzet. Onder links reken ik de liberale abolitionisten die tegen slavernij streden in de Verenigde Staten, maar ook socialisten die zich inzetten tegen armoede. Het is de stroming die zich inzet voor diegenen waarvan het lijden vergeten of genegeerd wordt zoals vluchtelingen maar ook dieren. Ik werd geïntrigeerd door linkse stromingen als het socialisme. De allerbelangrijkste les die ik daarvan heb geleerd is dat mijn gevoelens van empathie waardevol waren maar nooit het volledige antwoord konden zijn op dit lijden. Naastenliefde maakt de ontvanger afhankelijk van de gulheid van de gever. Terwijl iemand die in armoede is opgegroeid recht heeft op eerlijke kansen of iemand die de oorlog is ontvlucht recht heeft op een veilige haven. Dat is hun recht, daar maken zij aanspraak op. Gulle giften houden de maatschappelijke structuren die mensen ontzeggen wat van hen zou moeten zijn in stand. Het gaat niet om compassie, maar om rechtvaardigheid. Het gaat niet om gul geven maar om de maatschappelijke structuur veranderen. Empathie is een drijfveer maar geen antwoord.
Socialisten zijn er in veel kleuren: van gematigde sociaal-democraten, die in de jaren ’90 technocraten waren zonder gedrevenheid tot destructieve revolutionaire communisten die in de eeuw daarvoor hebben laten zien dat weg naar de hel geplaveid is met goede intenties. In de geschiedenislessen viel mijn ogen op een klein partijtje dat precies vertegenwoordigde waar ik voor stond: de Pacifistisch-Socialistische Partij. Met die combinatie van pacifisme, tegen oorlog, en socialisme, tegen armoede en uitbuiting, voelde ik me verbonden. Maar ook met de politieke stijl: eigenzinnig, onconventioneel en principieel.
Maar aangezien dat de PSP in 2002 niet meer bestond, en ik wel moest stemmen, kwam ik bijna automatisch bij GroenLinks uit. Niet eens zo zeer door waar die partij op dat moment voor stond, maar omdat zij erfgenamen waren van de idealen van de PSP. Pas later herkende ik in GroenLinks dezelfde partijcultuur, geschiedenis en vertegenwoordigers van de PSP.

Liberalisme
In 2003 ging ik filosofie studeren. We lazen Marx, waarvoor ik een afkeer kreeg vanwege het terloopse antisemitisme in zijn vroege geschriften. Uit de debatten tussen de laatste overgebleven Marxisten, analytical Marxists, zag ik dat het hoofdpunt van het socialisme, namelijk de nationalisatie van de productiemiddelen geen antwoord gaf op de problemen die het probeerde op te lossen. Tegelijkertijd lazen we ook de drie John’s: Locke, Mill en Rawls. In het werk van de laatste zag een andere manier van denken: dat juist de vrijheidsdrang die ik altijd gevoeld had de juiste manier was om na te denken over lijden. En in de debatten tussen Rawls en Nussbaum, Van Parijs, Dworkin en Nozick scherpte ik mijn eigen inzichten. De fundamentele les van het liberalisme is dat het probleem niet geluk of ongeluk is, maar gekozen of ongekozen. Er zijn teveel problemen met mijn utilitische motivatie die gericht is op lijden om een coherent antwoord te geven. Als mensen bewuste keuzes maken, waarvan ze weten dat ze daarmee meer rijkdom vergaren of minder dan, is dat gerechtvaardigd. Zolang niemand maar veroordeeld is tot armoede buiten zijn eigen schuld.[1]

Ik kwam dus als achttienjarige vrijdenkende socialist uit bij GroenLinks. Groene politiek, duurzaamheid of klimaatpolitiek zijn voor mij eigenlijk nooit primaire motivaties geweest. De reden dat ik me politiek voor duurzaamheid inzet en ook in mijn prive-leven groene keuzes probeer te maken, is voor mij niets anders dan consequent zijn. Als je het sociaal-liberalisme radicaal doordenkt, dan moet je wel groen zijn: als ik geloof dat ieder mens recht heeft op eerlijke kansen, betekent dat ieder mens nu en in de toekomst. En wat geldt tussen generaties geldt ook tussen staten. De aanspraken die mensen maken op elkaar gaan volgens mij worden niet begrensd door grenzen in tijd en ruimte.

Links is voor mij de kant van de good guys. Ik herkende daarin het verzet tegen lijden. Van socialisten leerde ik dat het niet ging om naastenliefde maar om rechtvaardigheid. Van liberalen leerde ik dat het niet ging om geluk maar om autonomie. Dat verenigde mijn eigen vrijheidsdrang met mijn politieke opvattingen.

[1] Mijn basale motivatie om vegetariër te worden was het soft-hearted idee dat dieren niet mogen lijden vanwege mij. Maar ook dat denken volgt dezelfde evolutie als het denken over armoede: het gaat uiteindelijk niet om lijden, maar kiezen. En daarom vind ik het onbestaanbaar als een partijcongres vanwege een vrijzinnige imborst vlees op tafel wil houden. Immers de dieren hebben nooit de keuze gehad of ze wouden sterven om op mijn bord te komen.

Stelling 11: Het is niet genoeg de wereld te begrijpen, we moeten haar veranderen

Op 31 oktober hoop ik te promoveren in de politicologie. Bij een proefschrift horen stellingen. Ik wil de komende weken de stellingen van mijn proefschrift kort toelichten, want ik vond het erg leuk om de toelichtingen van Tom Louwerse een jaar geleden te lezen. Vandaag de tiende: over het ambacht van de politieke wetenschap.

Stelling 11: “Het is niet genoeg de wereld te begrijpen, we moeten haar veranderen.”

Gedurende mijn hele universitaire opleiding ben ik politiek actief geweest.  Want het is voor mij nooit genoeg geweest om te leren hoe de politieke wereld in elkaar zat, ik heb me altijd ingezet voor maatschappelijke verandering. Mijn studie was lange tijd mijn voornaamste bezigheid en politiek een hobby, maar in het laatste jaar heb ik gezocht naar een nieuwe balans door zowel te werken in de politiek, bij Bureau de Helling, als in de wetenschap, bij de Universiteit Leiden.

Het is een precaire balans omdat in de wetenschap objectiviteit en integriteit centraal staan. Een partijgebonden partijonderzoeker heeft een lastige positie. Hij kan voor zich zelf waarde en waarheid misschien wel scheiden, maar voor anderen is het lastig om dat te zien. Overigens juist als kiezersonderzoeker moet je bij een partij niet geleid worden door wat jezelf belangrijk vindt, maar door wat uit kiezersonderzoek blijkt belangrijk te zijn voor kiezers. Ik zou bijvoorbeeld zelf het liefst Nederland morgen onderdeel maken van een Europese federatie, het minimumloon afschaffen en alle panda’s over de kling jagen, maar ik realiseer me dat die standpunten electoraal lastig liggen. Het is mijn rol geweest binnen GroenLinks om matiging te adviseren over ons pro-Europese programma, een meer herkenbaar linkse koers te adviseren en vol in te zetten op groen. Mijn neutraliteit en objectiviteit heb ik nooit opgegeven.

Even zo zeer heb ik het laatste jaar gemerkt dat als je onderzoek doet naar iets waar je niet 100% vol voor gaat, dat de drive om urenlang zelfstandig te werken niet heel groot is. Ik rond daar nu mijn onderzoek naar belangengroeperingen af. Dat is grotendeels dezelfde theorie en dezelfde methoden als in mijn partijenonderzoek, maar het onderwerp kan mij veel minder motiveren. Ik ben daarom bijzonder blij dat ik de mogelijkheid krijgen om bij het Documentatiecentrum Nederlandse Politieke Partijen me in te zetten voor mijn grote passie, het onderzoek naar politieke partijen. In mijn onderzoek naar bijvoorbeeld de Partij voor de Dieren probeer ik erachter te komen hoe zelfs kleine partijen een grote invloed hebben op de aandacht voor hun onderwerp. Daarmee hoop ik niet alleen bij te dragen aan een beter begrip van de politiek, maar ook mensen aan te moedigen om zich in te zetten voor maatschappelijke verandering, want zelfs met twee zetels kan je een grote verandering inzetten.

En zo zie je: als partijgebonden kiezersonderzoeker heb je de kille neutraliteit nodig van de empirist, want anders wordt je advies gekleurd door je eigen standpunt; en als neutrale partijenonderzoeker heb je de passie nodig van de partijactivist, want anders heb je de motivatie niet om iedere dag onderzoek te doen. Ik ben bijzonder blij dat ik de komend jaren deze precaire balans mag door zetten, als onderzoeker bij het DNPP en als bij Bureau de Helling.

Oktober opdracht 2012

Net als vorig jaar had ik een Oktober opdracht. Het samenstellen van een aantal CDs voor mijn vader. Nu is het goed om aan te tekenen dat mijn vader een zwak heeft voor country muziek, dus heb ik hem Sigh no more van Britse blue grass kwartet Mumford & Sons gegeven en de CD van Barnyard Tea, een blue grass trio uit de Hollandse klei. Ik heb nog twee CDs zelf samengesteld: een CD van recente combinaties van klassieke en moderne invloeden, en een lofzang op het onconventionele leven.

Classical Progress

# Naam Artiest Album Jaar
1 7/8 The Kyteman Orchestra The Kyteman Orchestra 2012
2 Goat Rodeo Ma, Duncan, Meyer & Thile The Goat Rodeo Sessions 2011
3 Mushroom Clould The Kyteman Orchestra The Kyteman Orchestra 2012
4 Isolated System Muse The Second Law 2012
5 Attaboy Ma, Duncan, Meyer & Thile The Goat Rodeo Sessions 2011
6 The Ballad The Kyteman Orchestra The Kyteman Orchestra 2012
7 Game of Thrones Jason Yang 2011
8 Hill Justice Ma, Duncan, Meyer & Thile The Goat Rodeo Sessions 2011
9 While I Was Away The Kyteman Orchestra The Kyteman Orchestra 2012
10 Less is Moi Ma, Duncan, Meyer & Thile The Goat Rodeo Sessions 2011
11 Survival Muse The Second Law 2012
12 The Void The Kyteman Orchestra The Kyteman Orchestra 2012
13 Quarter Chicken Dark Ma, Duncan, Meyer & Thile The Goat Rodeo Sessions 2011

Dit album bestaat uit nummers die klassieke en progressieve muziek combineren. Vier nummers zijn afkomstig van The Kyteman Orchestra van de Nederlandse hip-hop musicus Kyteman. Vier nummers komen van The Goat Rodeo Sessions een samenwerking van de klassieke cellist Yo-Yo Ma met drie Amerikaanse blue grass musici. Twee nummers komen van de nieuwste CD The Second Law van Muse. Een nummer komt van youtube en is een cover van de intromuziek van de populaire serie Game of Thrones.

 

Unconventional

# Naam Artiest Album Jaar
1 From St. Kilda to Fitzroy Amanda Palmer Theatre is Evil 2012
2 Welcome to Mystery Plain White T’s Wonders of the Younger 2010
3 Wig in a Box Hedwig Hedwig and the Angry Inch 2001
4 Sweet Transvestite Rocky Horror Picture Show Rocky Horror Picture Show 1975
5 Trout Heart Replica Amanda Palmer Theatre is Evil 2012
5 Midnight Radio Hedwig Hedwig and the Angry Inch 2001
6 Blood for Poppies Garbage Not Your Kind of People 2012
7 A Grand Theft Intermission Amanda Palmer Theatre is Evil 2012
8 Touch-a-Touch-Me Glee Cast Rocky Horror Glee Show 2010
9 Born this Way Lady Gaga Born this Way 2011
10 Mens durf te leven Wende Chante! 2008
11 Ukele Anthem Amanda Palmer Theatre is Evil 2012

Dit album is een ode aan het niet-conventionele leven. Drie nummers komen van de CD Theatre is Evil van de eigenzinnige Amanda Palmer. Daarnaast komen enkele nummers uit de campy rock musicals Hedwig and the Angry Inch en de Rocky Horror Picture Show.. Na de “Grand Theft Intermission” volgen Lady Gaga en een cover van de Rocky Horror Picture Show door de Amerikaanse feel-good televisieserie Glee. Beide maken van het onconventionele een hapklaar commercieel product. De toegift bestaat uit de klassieke lofzang op het vrije leven “Mens durf te leven” door Wende en het hilarische “Ukele Anthem” van Amanda Palmer.

Wilskracht

Sommige vrienden van mij roken. En eerlijk gezegd ik kan de aantrekkelijkheid ervan wel inzien: je hebt wat in je hand om mee te spelen en je kan met een andere roker altijd en gesprek aangaan. Het schijnt ook nog heel rustgevend te zijn.
Maar het grote probleem is roken is ontzettend smerig als je het voor de eerste keer doet. Om je zelf te verslaven aan roken moet je echt een hobbel over. En dat vind ik raar: je weet het is slecht voor je (longen, huid, tanden, levensverwachting), je weet dat het verslavend is en het is vies om te doen. Waarom begin je daar dan aan?
Hetzelfde geldt ook voor alcohol: wijn en bier zijn verschrikkelijk vies als je het de eerste keer drinkt. Ik hoor mensen altijd zeggen: doe mij maar fruitige zoete wijn. Fruitig en zoet dat klinkt top! Maar dan krijgen ze een zure wrange drank. Ja, het is vast heel fruitig als je aan de wrange zure smaak gewend bent. Dan is er vast een heel spectrum te proeven. Maar waarom zou je daar aan beginnen: we weten allemaal dat het niet gezond is. Slecht voor je brein en je lever en alcohol is nog zwaar verslavend ook. Het is voor mij toch altijd een beetje alsof mensen slootwater drinken. De eerste keer is dat heel goor maar na een paar keer proef je het verschil tussen het zilte Zeeuwse slootwater, het zoete Hollandse kleiwater en het fruitige Drentse veenwater.

Ik kan me ook goed voorstellen dat het lastig is om ergens mee te stoppen wat vanaf het begin aan heel lekker is: chocolade kan ik bijvoorbeeld lastig laten staan. Maar kleine kinderen zijn vanaf het begin dol op alles wat zoet en romig is – dat zal wel iets te maken hebbe met moedersmelk. Je moet wel van goede huize komen om iets wat zo lekker is te weerstaan. Ik kan me ook goed voorstellen dat mensen dingen eten die niet goed voor ze zijn maar wel gezond: het is een kwestie van wilskracht om over je natuurlijke afkeer heen te komen en te doen wat goed is. Close your eyes and think of Engeland.

Maar je wilskracht in zetten om je over natuurlijke weerstand heen te zetten, zodat je je kan verslaven aan iets wat je in de eerste plaats vies vindt en waarvan je weet dat het verslavend is, vind ik echt absurd.

Jojo-loopbaan

Vanaf 1 december werk ik weer bij de universiteit. Ik kreeg een aanbod van een professor bij Bestuurskunde of ik bij hem post-doc wilde worden op een project over belangengroepering in de Europese Unie. 3 jaar lang onderzoek doen. Geen onderwijsverplichtingen.

Dat is de droom van iedereen die net zijn proefschrift af heeft. An offer you cannot refuse. Maar ik was net begonnen bij Bureau De Helling, het wetenschappelijk bureau van GroenLinks.Gelukkig kan ik het werk op de universiteit en bij De Helling combineren: ik werk 75% bij GroenLinks. Dat is vanwege de nadruk daar op “ontspannen leven” maar 24 uur. Dan hou ik twee dagen over voor onderzoek. Ik was nu al bij de universiteit blijven hangen: in de laatste 2 maanden heb ik lesgegeven bij politicologie. Nationale politiek I, misschien wel het leukste vak dat ik tot nu toe gegeven hebt. Tot 1 september 2012 ga ik op de universiteit en bij Bureau De Helling werken. Daarna voltijds bij de universiteit. Bij Bureau De Helling werk ik aan een superinteressante project over kiezersonderzoek voor een jaar.

Het onderzoek bij Bestuurskunde gaat over belangengroeperingen. Het is onderdeel van een groot Europees project naar belangengroeperingen. Ik ga kijken naar de ontwikkeling van belangengroepen in de Europese Unie aan de hand van een populatie-ecologisch model. Ik heb al eerder gekeken naar politieke partijen vanuit een populatie-ecologisch model samen met de professor met wie ik nu ga samen werken. Dat is het beste onderzoek waar ik aan mee heb gewerkt.

Het voelt heel raar om, nu ik net bij De Helling begonnen ben, al na te denken over wat ik daarna wil doen. Het roept onvermijdelijk de vraag op: “wat wil ik doen?” Het combineren van wetenschappelijk onderzoek en politiek. Dat kan bij Bureau De Helling waar ik me bijzonder op mijn plek voel. Dat kan ook door te werken op de universiteit en daarnaast politiek actief te zijn zoals ik al de laatste vier jaar doe. Ik denk wel dat ik werk bij bestuurskunde met onderzoek naar belangengroeperingen makkelijker kan combineren met partijpolitieke activiteiten dan werk bij politicologie met onderzoek naar politieke partijen.

Het is een soort jojo dus: politiek – wetenschap – politiek – wetenschap. Nu een ritme aanleren dat me bevalt.

Mood Board: Simon Otjes in 2011

Gisteren was ik bij een interessante training georganiseerd door GroenLinks Leiden en Manu Busschots (van Manu Vooru) over jezelf presenteren. Als voorbereiding moest je een mood board maken waarmee je een beeld gaf van wie je bent. Een mooi beeld van mijzelf nu ik net 27 ben geworden.
De basis van het beeld is de sky line van New York vanuit Central Park. Aan de meest linkerkant zie je een aantal dingen die te maken hebben met filosofie. Een grote stapel van filosofische boeken. Daarnaast staat het vrijheidsbeeld (ook uit New York) en een beeld van Marx (uit Berlijn). Filosofisch sta ik een vrijheidslievende linkse traditie. Dat betekent dat ik schatplichting ben aan de Amerikaanse liberale traditie en de Europese socialistische traditie.

In het midden staan een aantal dingen die te maken hebben met een politieke interesse. De grote poster van GroenLinks, de partij waar ik nu het bijzonder geluk voor heb om te mogen werken. De PSP-poster staat voor mijn interesse in politieke en partijgeschiedenis. The United States House of Congress voor mijn interesse in vergelijkende en parlementaire politiek. Het Europese vlaggetje voor Europese politiek.

Aan de rechterkant staat het academiegebouw van de Universiteit Leiden. Ik heb de laatste drie jaar aan een proefschrift gewerkt dat ik hoop daar volgend jaar te mogen verdedigen. Boven het academiegebouw staat een Mac: veel van mijn wetenschappelijk werk speelt zich af op een computer. Gelukkig is dat vaak een mac.

In de skyline zijn nog drie andere dingen te zien waar ik me mee bezig hou. Het kleine windmolentje staat voor het zelf verantwoordelijk nemen voor mijn groene idealen door iedere dag na te denken over de keuzes die je maakt voor eerste levensbehoeften als eten en energie. Het kleine ruimtescheepje (de USS Defiant uit Star Trek Deep Space Nine) staat voor mijn interesse in science fiction. De andere gebouwen uit de New Yorkse sky line voor mijn fascinatie voor architectuur, industrial design en moderne kunst.

De skyline van New York is niet willekeurig gekozen. Ik was hier een jaar geleden op huwelijksreis met mijn man. We wilden graag naar New York omdat dit een echte wereldstad is. Een stad die altijd leeft, nooit slaapt, waar altijd wat gebeurt. Zo is mijn leven ook: ik kan niet stoppen met nadenken, nieuwe dingen beginnen, lezen en schrijven. Gelukkig is er New York Central Park, een prachtig rustpunt in die levendige stad. Tijdens ons verblijf in New York lagen we graag in het gras Central Park. En zo voelt mijn relatie met mijn man ook. Een rustpunt in mijn altijd hectische leven.